Zondagochtendbrunch

Het begon allemaal leuk en gezellig die zondagochtend. Al moet ik er misschien bij vertellen dat het voorstel van onze vrienden om ons te trakteren op een brunch niet met onverdeeld enthousiasme werd onthaald. Zondagochtend is namelijk de enige ochtend in de week dat ik kan uitslapen. Deze ochtend is dan ook normaalgezien heilig. Wee de persoon die het waagt mij zondagochtend uit bed te zetten (nuancering: als het is om mij een reis om de wereld cadeau te doen, mag u steeds aanbellen, dag en nacht). Voor de vriendschap heeft een mens al eens iets over. Het was bovendien al heel lang geleden dat we nog eens goed gebabbeld hadden. De afspraak werd vastgelegd.

Heel gezellig allemaal: versgeperst fruitsap, vers fruit, een enorm aanbod aan kaas, paté, rozijntjes, noten, een theeassortiment dat je in de meeste cafés niet eens vindt. Tot in de puntjes verzorgd en meer dan voldoende om acht potige kerels zonder hongergevoel van tafel te kunnen sturen. Gebabbeld over de vorderingen aan hun huis, over de baby die op komst is, over ‘t werk. Niks wereldschokkends.

Toen kreeg ik het niet zo slimme idee om te vragen of ik de foto’s van hun reis naar IJsland mocht zien. Nu vermoed ik dat IJsland een heel erg boeiend land is: ruige natuur, vriendelijke mensen, volkomen desolate gebieden, schattige huisjes, veel sneeuw, een pittig taaltje, maar o jee, wat ziet IJsland er saai uit op foto! Yikes. Zoveel leegte, zoveel rotsen, zoveel geisers! Na de foto’s van de derde dag had ik het zowat gezien. Ik was erg blij dat de laatste reeksen foto’s beperkt bleken te zijn. IJsland is meteen een paar plaatsen gezakt op mijn lijst van “zeker te bezoeken bestemmingen”.

Na de foto’s allemaal bekeken te hebben, wou ik graag naar huis. Dus ik geef de gebruikelijke voorzet aan mijn vriend: “tijd om naar huis te gaan”. Maar mijn voorzet werd niet binnengekopt of althans niet begrepen. Geen bevestigend antwoord: “ok, we gaan.” Ik greep naar de grovere middelen: excuses als nog moeten winkelen (hey de winkels zijn open op zondag tegenwoordig), de laatste dag van de kerstmarkt, die mijn vriend vakkundig de nek omwrong door zijn afkeer voor winkels en kerstmarkten te uiten. Ok, goed, dan nog maar even gebleven, zeker?

En opeens sloeg mijn humeur helemaal om. Met als resultaat een gigantische ruzie in de wagen. Blabla: “jij begrijpt mij niet.” Blabla, miscommunicatie. Enfin, het is natuurlijk allemaal weer goed gekomen. Goedmaakseks moet er ook zijn, maar toch had ik mij mijn zondag anders voorgesteld. Jammer.

Zondag

De zondag is weer voorbij gevlogen. Tijd voor een kleine terugblik.

Gisterenochtend bij het ontwaken te horen gekregen dat er problemen waren met één van de servers van mijn studentenvereniging. Ach, niks wat een kleine reboot (hey, als het werkt voor Windows, dan zeker voor Linux 😉 ) niet kon oplossen.

Na dit kleine akkefietje zijn mijn vriend en ik gaan brunchen in de Abdij van ‘t Park. Deze brunch wordt jaarlijks georganiseerd door de Vrienden van de Abdij op erfgoeddag. Het was naar goede gewoonte weer erg gezellig. Het zonnetje scheen, er was een overvloed aan eten (soep, koffiekoeken, quiches, slaatjes, rijstpap, chocomousse, fruitsla, taart,…), iedereen was goed gezind, mijn vriend kon genieten van een parkbier en ik voelde al de stress zo uit me wegvloeien.

Na de brunch zijn we nog even gaan rondlopen op de terreinen van de abdij zelf. Een interessante uitleg gekregen over solitaire bijen van de imker van de abdij en meteen een voorraadje honing en afgeleide producten (gluhwein, likeur, advocaat) ingeslagen. Jammer genoeg konden we niet de ganse namiddag daar blijven, want we werden nog verwacht op een babyborrel. Op naar het verre Limburg dus.

Omdat we een beetje te lang waren blijven hangen in de abdij, moest er wat tijd goedgemaakt worden om op schema te blijven. Laat mij het erop houden dat ik serieus gas gegeven heb, onderweg. Ja, ik geef het toe, ik ben soms een notoire snelheidsduivel. Maar alleen op de autosnelweg, de bebouwde kom is heilig voor mij. (Excuses, excuses.) Mijn vriend op de passagiersstoel wist me alvast te vertellen dat een eventuele snelheidsboete voor mijn rekening zou zijn. Wat me niet meer dan normaal lijkt.

Op de babyborrel was er een massa volk (meer dan honderd personen). Allemaal mensen die gekomen waren om de ouders van pluimgewichtje te feliciteren en een hart onder de riem te steken. Dit was ook de eerste keer dat ik pluimgewichtje in levende lijven zag. Hij zag er al steviger uit dan op de foto’s en hij dronk enthousiast zijn flesje leeg. Maar hij heeft nog steeds last van epileptische aanvallen en tja, je ziet aan het kindje dat hij een handicap heeft. :-(

Ik heb mij goed geamuseerd op de babyborrel. Ondanks het vele volk toch wat kunnen babbelen met mijn vriendin. Er waren ook een aantal ex-collega’s die ik al lang niet meer gezien had. Altijd leuk om bij te praten en nog leuker om te horen dat het bedrijf dat ik achter me gelaten heb nog steeds even chaotisch en stuurloos is. Blij dat ik daar weg ben. 😉

De babyborrel was trouwens een pareltje van organisatietalent. Er was werkelijk aan alles gedacht. Bloemstukjes op alle tafels, tenten in de tuin om te schuimen bij eventueel regenweer (gelukkig scheen het zonnetje), een springkasteel voor de kinderen, een live-band voor de muziek, broodjes, soep, koffie, wijn, taart, ijsjes (en ik had al zoveel gegeten op de brunch… babyborrels zijn slecht voor de lijn). De ouders van pluimgewichtje hadden werkelijk aan alles gedacht.

Na afscheid genomen te hebben van mijn ex-collega’s en van de ouders van pluimgewichtje, reden we terug naar Leuven. Ditmaal met mijn vriend achter het stuur (waarschijnlijk heeft hij toch iets meer vertrouwen in zijn eigen rijkunsten). In Leuven nog even een bezoekje gebracht aan de nieuwe baby, een fijne kleine dame met twee apetrotse ouders.

En toen was het al bijna tijd om te gaan squashen en vervolgens in bed te kruipen. En toen kwam er een varkentje met een lange snuit en het verhaaltje was uit.

Opluchting

Goed nieuws om 2006 mee te beginnen, Mijn vriendin V is na een spoedkeizersnede bevallen van een jongetje. Een superpluimgewichtje van ocharme 1,350 kg. Gelukkig ademde de baby meteen onafhankelijk en de eerste onderzoeken hebben geen inwendige of uitwendige afwijkingen aan het licht gebracht. Nu, er moet natuurlijk verder onderzoek gedaan worden, maar de baby heeft zijn eerste cruciale 72 uren buiten de baarmoeder goed doorstaan en dat is bijzonder hoopgevend.

Ik ben zo opgelucht. Toen ik het nieuws kreeg dat de baby van V problemen had, was ik er echt niet goed van. Hier brandt alvast een kaarsje voor ons nieuwe pluimgewichtje (onder het motto, baat het niet, schaden zal het zeker niet). Hopelijk is het een vechtertje.