De Samouraï is verhuisd

Leve de Samouraï!

Mijn favoriet bentoboxrestaurant in Brussel is verhuisd naar een nieuwe locatie, vlak tegenover de oude en kreeg voor deze gelegenheid een total make-over. Hoewel ik altijd een boon heb gehad voor de bentobox-lunch, moet ik toegeven dat het restaurant een iet of wat afgeleefde indruk gaf. De indeling was daarenboven onlogisch met veel trapjes en trappen waarbij je moest opletten je hoofd niet te stoten. Duidelijk voor verbetering vatbaar. En deze verbetering is er nu gekomen met een prachtig en stijlvol ingericht nieuw pand. Wat een verademing ten opzichte van de vorige locatie.

En ja, het eten is nog altijd even lekker! Met dank aan mijn collega-teamverantwoordelijke om mij te voorzien van uitstekend lunchgezelschap.

IMG_3740[1]

Van Havana naar Santa Clara – 17 april 2019

Vandaag nemen we afscheid van Cuba en van Aby’s Casa, waar het best wel aangenaam verblijven was. Maar niet zonder eerst nog te genieten van een laatste ontbijt met vers fruit en versgeperst fruitsap.

IMG_2635

De taxi die we gisteren geregeld hebben (140 CUC zal de rit naar Santa Clara ons kosten), is vroeger dan verwacht ter plaatse en uiteraard zijn mijn broertje en zijn vriendin nog niet klaar. Mijn vriend en ik brengen onze valiezen alvast naar beneden (die casas hebben helaas geen liften) en ik blijf bij de taxi wachten terwijl mijn vriend terug naar boven gaat om te helpen met de rugzakken van mijn broertje en zijn vriendin.

De taxichauffeur laadt de valiezen in de taxi, maar laat de deur van de laadruimte wagenwijd open staan. Aangezien ik gedrild ben nooit mijn valiezen ergens alleen achter te laten, positioneer ik mij aan de achterkant van de taxi. Ik verschiet me een bult als blijkt dat zich in de laadruimte niet alleen onze twee grote valiezen bevinden, maar ook een kleine jongen van een jaar of zeven zittend op een koelbox. Ik maak me een beetje zorgen, want er is met onze twee koffers al niet veel plaats meer en er moeten nog twee grote reisrugzakken bij. Waar moet die jongen dan zitten?

Nog steeds geen spoor van mijn broer, zijn vriendin en mijn vriend, dus knoop ik tijdens het wachten maar een gesprekje aan met de niño in de kofferbak. Ik vraag hem of hij graag naar school gaat en wat zijn hobby’s zijn. Hij vertelt dat hij later graag veel talen wil spreken (Engels en Russisch) en dat hij meerijdt naar Santa Clara omdat het vandaag geen school is. Ik versta de jongen vrij moeilijk, want hij slikt veel klanken in, dus ik moet soms vragen om iets te herhalen. Ik span me in om in mijn beste Spaans gevarieerde gespreksonderwerpen aan te snijden, maar mijn inspiratie raakt stilaan op. En mijn gezelschap valt nog steeds nergens te bekennen….

Gelukkig kijkt niemand er in Cuba van op als je een beetje te laat bent en uiteindelijk duiken mijn drie medereizigers dan toch op. Tot mijn grote verbazing lukt het om de twee trekrugzakken nog bij in de kofferruimte te duwen, samen met de jongen. Ik heb met hem te doen, want comfortabel kan dat niet zitten.

Iets later dan gepland vertrekken we uit Havana. De drie uur durende rit naar Santa Clara verloopt erg vlotjes. De brede banen zijn van een betere kwaliteit dan verwacht. Onderweg passeren we regelmatig boeren die met paard en kar onderweg zijn. Onze taxichauffeur stopt één keer voor een plaspauze, maar ik besluit de ongetwijfeld vieze wc aan mij voorbij te laten gaan. Het aanbod in de winkel van het benzinestation is zeer beperkt. Ik probeer een soort chocolade snoepje uit, maar dat is geen succes en niet voor herhaling vatbaar. Om de tijd tijdens de verder ietwat saaie rit te doden, kijk ik wat Netflix.

IMG_2636

De taxi dropt ons af bij de werkelijk prachtige casa particular Hostal D’Cordero. Wat een verschil met de eerder sobere casa in Havana. We worden ontvangen in een chique salon die vol staat met allerlei snuisterijen en krijgen een glas versgeperst guave-sap aangeboden (guave-sap is trouwens veel lekkerder dan de vrucht zelf, die rare onsmakelijke pitten bevat). De binnentuin van de casa is een kleine oase van groen met een mooi fonteintje. Onze kleurrijke kamers hebben hoge plafonds en een gigantische badkamer. Ik voel me al meteen thuis!

IMG_2644

IMG_1794

IMG_1803

IMG_1805

IMG_2656

Na de nodige formaliteiten vervuld te hebben, laten we onze bagage achter op de kamer en wandelen we naar het stadscentrum. In het hart van het centrum treffen we een charmant groen parkje omgeven door statige gebouwen. We lunchen bij een hotel onder een overdekte galerij met uitzicht op het park. We houden het simpel met een panini met tonijn en kaas.

IMG_1808

IMG_1809

IMG_1810

IMG_1811

IMG_1812

IMG_1818

De hoofdreden dat we naar Santa Clara gekomen zijn, is om een bezoek aan het mausoleum van Che Guevara te brengen. Googlemaps leert ons echter dat het een stevig eindje stappen is om daar te geraken. Gelukkig zijn er voldoende alternatieve vervoersmiddelen beschikbaar. We houden een tuktuk aan en niet veel later zijn we bij het reusachtige monument dat opgetrokken werd ter herinnering aan de Slag van Santa Clara. Het monument wordt gedomineerd door een gigantisch bronzen beeld van Che, met zijn arm in het gips.

IMG_1822

IMG_1824

IMG_1825

IMG_1829

IMG_1831

IMG_1833

De zon is spijtig genoeg achtergebleven in Havana. Boven ons pakken zich dikke wolken samen en het lijkt erop dat elk moment een fikse regenbui kan losbarsten. Het is heel vochtig, drukkend weer en we zijn blij dat we dat hele eind niet gestapt hebben. We nemen foto’s van het grootse opgevatte grafmonument met talrijke afbeeldingen van Che en bezoeken vervolgens het museum en het mausoleum die zich onder het monument bevinden.

Jammer genoeg is het in het museum en mausoleum niet toegelaten foto’s te nemen. We mogen zelfs onze rugzakken niet mee naar binnen nemen. Deze moeten we achterlaten in een gebouwtje dat zich op een afstand van het monument bevindt. Zouden ze een Amerikaanse aanslag vrezen?

Het museum toont allerlei memorabilia van Che: foto’s, diploma’s, brieven, zijn typemachine, zijn horloge, zijn pijpen (of althans, pijpen waarvan ze beweren dat deze van Che geweest zijn, controleren kan je dat natuurlijk niet), zijn aanstekers, zijn uniform, zijn geweer…. Ik vraag me af wat Che zelf gevonden zou hebben van de personencultus die rond hem ontstaan is. Je kan immers geen winkel in Cuba binnen stappen of je wordt gebombardeerd met allerlei prullaria met daarop de afbeelding van Che. Kan me niet voorstellen dat een communist gelukkig zou zijn met het feit dat zijn afbeelding gebruikt wordt om winst te maken. Maar hoe je het ook draait of keert, Che is wel degelijk een held voor de Cubanen en ik kan begrijpen waarom dit zo is. Per slot van rekening bevrijdde hij, samen met Castro en zijn rebellen, Cuba van de dictatuur van Batista.

Na elk voorwerp in het museum uitgebreid bestudeerd te hebben, bezoeken we het mausoleum met het stoffelijk overschot van Che en dat van 38 van zijn kameraden die samen met hem in de Boliviaanse jungle gestorven zijn. Een mooie, serene laatste rustplek.

Wanneer we buiten komen uit het mausoleum regent het. Gelukkig blijft het bij een paar dikke druppels en breekt de echte regenbui, ondanks de dreigende grijze wolken, niet door. Aangezien er in de wijde omgeving geen tuktuk of taxi te bekennen valt, rest er ons weinig anders dan ons met paard en kar naar onze volgende bestemming te laten voeren.

De vriendin van mijn zus moet zich daarbij even over haar principes zetten, want ze is van mening dat paarden die zo’n kar trekken vaak slecht behandeld worden. Ik kan haar niet helemaal ongelijk geven, want onze koetsier gaat niet bepaald zachtzinnig om met het paard, dat er een beetje te mager uitziet. Ook de kar zelf ziet eruit alsof ze elk moment uit elkaar kan vallen: de planken waarop we zitten zijn smal en hard en het metaal van de kar is op verschillende plakken bijna volledig doorgeroest.

Enfin ja, hopelijk helpt onze riante fooi onze koetsier om te sparen voor een betere kar en zijn paard wat meer eten te geven. We laten ons afzetten bij de Tren blindado, een heroïsche plek in Santa Clara waar de communistische rebellen een belangrijke overwinning op het regime behaalden door een gepantserde trein gevuld met soldaten, wapens en munitie te laten ontsporen. De site bestaat uit een paar wagons met wat voorwerpen uit die tijd en de bulldozer die de guerillastrijders gebruikten op de sporen te verwijderen. Allemaal niet bijzonder indrukwekkend, moet ik eerlijk zijn. En jawel, om nog extra slaatje te slaan uit de toeristen moeten we bijbetalen om foto’s te nemen.

IMG_1840

IMG_1841

IMG_1843

IMG_1844

IMG_1846

Met dit bezoek hebben we alles wat bezienswaardig is bezocht in Santa Clara. Tijd om terug te keren naar het centrum en iets te gaan drinken. We komen op goed geluk terecht in een mooie binnentuin alwaar we een lekkere mojito drinken voor geen geld. Het smaakt ons zo dat we nog een tweede mojito bestellen op dezelfde plek. We maken er zelfs een heuse kroegentocht van, want na twee drankjes besluiten we te verkassen naar het hotel met de galerij waar we deze middag gegeten hebben.

IMG_1852

Spijtig genoeg is er een zeer vervelende clownshow aan de gang op het plein. De clown produceert een ongelooflijk irritant nasaal geluid (versterkt dan nog) waar ik bijna horendol van word, maar de kinderen op het plein lijken het geweldig te vinden. We proberen onze aandacht te concentreren op onze drankjes (een daiquiri mulata voor mij) en raken aan de praat met een Amerikaans koppel naast ons. Aangezien we een klein hongertje hebben, bestellen we tapas. Lekker! Terwijl we eten en drinken krijgen we gezelschap van de hotelhond die zich gemoedelijk onder onze tafel nestelt. Ongetwijfeld in de hoop wat eten te kunnen meepikken. Sinds mijn onaangename ervaring met een witte hond in Korea, vermijd ik honden liever, maar deze lijkt ongevaarlijk.

IMG_1859

Na onze kroegentocht lopen we terug over het pleintje. We zien een kar getrokken door een geit vol met kindjes. De eigenaar van de geit en de kar loopt de ganse tijd rondjes rond het plein en ziet eruit alsof hij zich kapot verveelt. De geit daarentegen lijkt weinig aansporing nodig te hebben, ze moet soms zelfs wat in toom gehouden worden om er niet te snel met de kar met kinderen vandoor te gaan.

IMG_1861

IMG_1862

IMG_1863

IMG_1866

IMG_1868

Vlak voor we onze casa particular binnen stappen, loopt een schijnbaar dronken man nogal ruw tegen mijn vriend op. We gaan meteen in verdedigingsmodus, uit angst om bestolen te worden. Vals alarm, de man is gewoon echt dronken. No pasa nada!

We frissen ons op voor het avondmaal. Wetende dat er in Santa Clara niet al te veel te beleven valt, hebben we vanavond een maaltijd in onze casa gereserveerd. We hebben de schitterende patio mét fonteintje voor ons alleen en zelfs een privé-ober om onze tafel te bedienen. De ober doet zijn uiterste best om ons in de watten te leggen en hij schept er duidelijk genoegen in om zijn Engels te kunnen oefenen.

We starten de maaltijd met een huiscocktail waarvan de ober ons trots komt vertellen dat hij deze zelf heeft bedacht. We complimenteren zijn vindingrijkheid en brengen een toost uit op onze reis doorheen Cuba. De maaltijd is iet of wat overvloedig te noemen. De porties zijn aan de grote kant en tegen dat we bij het dessert zijn aanbeland zit ik eigenlijk al vol.

IMG_2657

IMG_2662

IMG_2663

IMG_2664

Een heel bijzondere avond, dat wel!

Chernobyl

Het moet lang geleden zijn dat een serie nog zoveel indruk op mij gemaakt heeft als Chernobyl. Echt, die drakensaga met zombies valt volledig in het niet bij deze fictieve versie van een waargebeurd drama: de kernramp van Tsjernobyl uit 1986. Omdat de realiteit de fictie vaak honderden malen overtreft. En ja, ik weet dat er kritiek is op de reeks omdat niet alles helemaal exact gebeurd is, zoals het in de reeks wordt voorgesteld. Maar het resultaat is werkelijk fenomenaal. Voor mij toont de reeks tegelijkertijd het beste én het slechtste in de mens. Chernobyl toont het failliet van totalitaire systemen, maar tegelijkertijd toont de reeks dat er altijd mensen opstaan die bereid zijn om het goede te doen, die hun eigen leven willen opofferen om dat van anderen te redden. En zo zijn er ongetwijfeld velen, bij ons in het Westen onbekende helden, die er alles aan gedaan hebben om de gevolgen van de ramp in te dijken.

Wel een waarschuwing: dit is géén reeks om te bingewatchen. Ik moest na elke aflevering wat tijd nemen om te bekomen.

Musée Barbier-Mueller

Pinkstermaandag was het weer in Genève zo mogelijk nóg slechter als op Pinksteren. Zondag hadden we ten minste nog redelijk kunnen wandelen tussen de buien door, nu viel de regen met bakken tegelijkertijd uit de lucht. Dat betekende meteen dat we voor de tweede keer een kruis konden maken over onze geplande parapente duosprong. Ik was minder teleurgesteld dan de eerste keer, want ik had mij er al mentaal op voorbereid dat het niets zou worden. En persoonlijk spring ik liever bij een stralend blauwe hemel dan tussen grijze regenwolken door.

Op zoek naar een plan B dan maar. Zoals eerder gezegd, hebben mijn vriend en ik zo langzamerhand al bijna elk museum in Genève gezien en wordt het steeds moeilijker om slechtweeractiviteiten te bedenken, zeker op een maandag, sluitingsdag bij veel musea. Maar kijk, het Musée Barbier-Mueller, een museum met een collectie kunstvoorwerpen uit de oudheid, Afrika, Azië en Oceanië, hadden we nog niet bezocht. Zo’n gevarieerde collectie, dat moest wel de moeite zijn, dus hup, gewapend met twee regenjassen en nog slechts één paraplu (de andere was de dag voordien gepikt in het Rode Kruis museum) trokken we richting het oude stadscentrum.

En kijk, dit piepkleine museum (op een uur heb je alles wel gezien) bleek een aangename verrassing. Ik was bijzonder onder de indruk van de Indische juwelen en maskers uit Papoea-Nieuw-Guinea die tentoongesteld werden, maar ook de tijdelijke tentoonstelling rond Malinees fotograaf Malick Sidibé viel best te pruimen. Altijd fijn om nieuwe fotografen te leren kennen. De Indische juwelen waren gigantisch groot en versierd met prachtig gedetailleerde motieven. Deze juwelen hebben ongetwijfeld een fortuin gekost hebben. Ik kan me eerlijk gezegd niet voorstellen om met zoiets rond mijn nek rond te lopen, moet verschrikkelijk zwaar zijn.

IMG_3694

IMG_3696

IMG_3698

IMG_3699

IMG_3700

IMG_3703

IMG_3704

De maskers die getoond werden, waren erg goed bewaard gebleven en ja, dat blijft fascineren, he, die vreemde gezichten die je aanstaren vanachter een glazen wand.

IMG_3706

IMG_3708

IMG_3711

IMG_3717

IMG_3720

Er was ook een kamer met voorwerpen uit de oudheid, waarvan sommige zelfs dateerden uit 6000 voor Christus (!). Ongelooflijk hoe verfijnd de voorwerpen uit die tijd al waren.

IMG_3713

IMG_3715

Een deel van de tentoonstelling bestaande uit metalen altaarstukken uit Benin was in opbouw, waardoor nog niet alle voorwerpen van een label voorzien waren, maar dat stoorde me niet zozeer. Het smeedwerk was op zich fascinerend genoeg.

IMG_3721

IMG_3723

IMG_3724

 

Uit de informatie op de website leid ik trouwens af dat de collectie in het bezit van dit museum veel groter is dan het beperkt aan tal voorwerpen dat wij gezien hebben. Dat maakt het ongetwijfeld de moeite waard om nog eens terug te keren als de tentoonstellingen gewisseld worden.

International Red Cross and Red Crescent Museum

Zo mooi als het weer zaterdag was, zo bedroevend was het op Pinksteren. Al een geluk dat we besloten hadden lekker lang uit te slapen, zodat we al een stukje van deze grauwe dag gemist hadden.

Het probleem met grauwe, regenachtige dagen in Genève is dat er niet zo heel veel slechtweeractiviteiten zijn. Ondertussen hebben mijn vriend en ik al bijna elk museum bezocht en een namiddag in de cinema zitten is ook zo onnozel. Gelukkig was er nog één museum dat op ons todo-lijstje stond: het International Red Cross and Red Crescent Museum. We hadden al eens eerder op het punt gestaan dit museum te bezoeken, maar, ondanks de goede score die het museum krijgt op tripadvisor, had ik toen niet zoveel zin in een ‘zwaar’ museum. Het grijze weer paste echter perfect bij dit soort museum en uiteindelijk sta ik voor de volle honderd procent achter het werk van het Rode Kruis.

Ik trok twee regenjasjes over mekaar aan en deed mijn wandelschoenen aan (mij op vestimentair vlak zwaar vergist voor dit weekend: enkel lichte zomerkledij in de handbagage en zestien graden kan je bezwaarlijk zomerse temperaturen noemen). Gewapend met twee paraplu’s trokken we te voet richting het museum. Daar aangekomen maakten we bijna rechtsomkeert bij het zien van de lange rij aan de ticketbalie. Echt, die Franstalige Zwitsers, efficiënt zijn ze niet. Er waren nochtans twee kassa’s beschikbaar, maar een charmante jongedame handelde in haar eentje zowel de ticketverkoop als het uitdelen van de audioguides af. Series, dat kan beter georganiseerd worden.

Enfin ja, na een half uur (!) aangeschoven te hebben, was het dan eindelijk onze beurt. Ik kon het niet laten en gaf mijn organisatorische ergernis mee aan de jongedame in de kwestie. Ik snap best dat zij er niets aan kan doen dat ze alleen voor de kassa en de audioguides moet zorgen, maar ze kan dit hopelijk aan haar manager meegeven zodat die in de toekomst het proces kan verbeteren. Of bied mensen gewoon de gelegenheid om hun tickets online te kopen. Dat kan je toch amper nog revolutionair noemen in deze tijden?

Ik moet eerlijk zeggen dat het Red Cross Museum mijn hoge verwachtingen niet waar maakte. Ik snap waarom bepaalde keuzes gemaakt zijn, emoties zijn belangrijk om contact te leggen met je publiek, maar een beetje meer facts and figures had ik zeker geapprecieerd. In welke landen is het Rode Kruis werkzaam? In hoeveel conflictzones? Hoeveel haalt het Rode Kruis jaarlijks op aan giften? En ook de geschiedenis van de organisatie bleef te zeer onderbelicht, op die ene kanttekening over de houding van het Rode Kruis ten opzichte van de jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog na. Ik miste ook de stem van de Rode Kruis-medewerker zelf.

IMG_3666

IMG_3669

IMG_3670

IMG_3675

IMG_3677

IMG_3680

IMG_3683

Ik bleef dus wat op mijn honger zitten. Al zaten er zeker goede stukken in het museum. Het gedeelte over het systeem om krijgsgevangenen op te zoeken was heel interessant. De tijdelijke tentoonstelling over gevangenissen was meer mijn ding. Knap in beeld gebracht en de tentoonstelling werpt terechte vragen op over de manier waarop ons huidige strafuitvoeringssysteem in mekaar zit. Is de gevangenis wel het meest geschikte instrument om mensen die in de fout gegaan zijn terug op het rechte pad te brengen?

Maar in het algemeen vond ik het museum minder pakkend dat ik verwacht had. Komt daar nog bij dat we bij het naar buiten gaan moesten vaststellen dat mijn rood-wit geruite paraplu gepikt was. Tsss!

Als afsluiter van de dag gingen we eten bij ons favoriete Chinese restaurant. Voor mij inktvis in zwartebonensaus en voor mijn vriend canard à l’orange. Meteen goed voor wat extra vuurwerk. 😉

IMG_3686

IMG_3687

IMG_3689

IMG_3690

Caves Ouvertes Vaudoises

Dit pinksterweekend was ik speciaal naar Genève over gevlogen om deel te nemen aan de fameuze Caves Ouvertes, waar mijn vriend altijd zo laaiend enthousiast over is. Hij kocht op voorhand een passeport Caves Ouvertes dat ons recht gaf op een glas, toegang tot het openbaar vervoer en de mogelijkheid om zoveel wijn te proeven als we wilden.

Mijn vriend en ik hadden afgesproken met zijn collega A om de trein van 10.19u naar Chexbres te nemen. We hadden al eerder gewandeld tussen deze prachtige UNESCO werelderfgoed terrassen, dus ik keek ernaar uit om nu volop te proeven van de ongetwijfeld heerlijke wijnen die hier geproduceerd werden.

Het weer was schitterend op zaterdag en het was duidelijk dat wij niet de enigen waren die zin hadden in een dagje wijn proeven. In Chexbres was het bijzonder druk aan het toeristische kantoor waar we de wijnglassen en het bijhorende paspoort moesten ophalen. In Chexbres hadden we afgesproken met een oud-collega van A die al een uurtje eerder op verkenning was getrokken en graag onze gids speelde.

Onze eerste stop was Cave Francey alwaar we meteen al een mooi uitzicht hadden op het meer van Genève en de terrassen. De wijn was lekker, maar organisatorisch stond het één en ander duidelijk nog niet op punt. Beetje vreemd, want dit is een jaarlijks wederkerend evenement. Van Zwitsers zou je toch iets meer efficiëntie verwachten. We kregen meteen ook wat proevertjes kaas en worst aangeboden. Altijd welkom.

IMG_3587

IMG_3588

Vervolgens gingen we verder naar Cave Champ de Clos en Domaine Bovy. De werkelijk prachtige tuin van Domaine nodigde uit om hier een middagpauze in te lassen. We vonden een mooie tafel in de schaduw en we bestelden sushi du terroir (jawel, sushi gemaakt met streekproducten, al heb ik sterke vermoedens dat de rijst niet lokaal geteeld werd) en een vegetarisch assortiment. Omdat de proevertjes hier nogal klein uitvielen, kochten we ook een flesje Viognier om aan tafel te degusteren. Tijdens onze lunch kregen we het gezelschap van een Ierse kameraad van A en zijn, jawel, diezelfde Ier die een tweetal jaar geleden mij zo op de zenuwen gewerkt heeft. Gelukkig leek hij iet of wat gekalmeerd, of misschien milderde de aanwezigheid van zijn vrouw zijn gedrag wat. 😉

IMG_3592

IMG_3593

IMG_3594

IMG_3598

IMG_3599

IMG_3601

IMG_3604

IMG_3605

Na deze zeer lekkere lunch zetten we onze ontdekkingstocht in Chexbres verder. We proefden wijn bij Pierre-Luc Leyvraz et André Bélard en Constant Jomini. Ook hier stelden we vast dat de praktische organisatie beter kon, maar hey, de wijn was lekker! Het moet gezegd dat de vrolijkheid van ons gezelschap evenredig toenam met het aantal proevertjes. Bij onze laatste stop in Chexbres vervoegde nog een kameraad van de oud-collega van A ons ondertussen behoorlijk aangeschoten gezelschap.

IMG_3607

IMG_3608

IMG_3611

IMG_3619

Omdat het weer zo prachtig was, besloten we te voet verder te wandelen naar het volgende dorpje: Epesses. De wandeling beloonde ons met schitterende uitzichten op de omgeving, maar de heren in ons gezelschap werden nogal opgeslorpt door het feit dat ze de fles rode wijn die ze kochten bij Pierre-Luc Leyvraz et André Bélard niet open kregen. Wie trekt er nu ook op wijnuitstap zonder een kurkentrekker? Gevolg: om de haverklap spraken ze andere wandelaars aan met de vraag of ze misschien een kurkentrekker van hen konden lenen. Uiteindelijk is de Ier (wie anders) gaan aankloppen bij een woning langs de weg en hielp een vriendelijke Zwitser ons uit de nood.

IMG_3624

IMG_3626

IMG_3632

IMG_3636

IMG_3639

IMG_3640

IMG_3641

IMG_3642

In Epesses vonden we een plekje op het werkelijk prachtige terras van Philippe Rouge alwaar we de rest van de avond in de zon doorbrachten. We kochten wat kaas en worst om de honger te stillen en genoten van een heerlijk flesje witte wijn. Meer moet dat soms echt niet zijn. En dankzij de Zwitserse spoorwegen zijn we in onze aangeschoten toestand veilig weer in Genève geraakt. Alwaar mijn vriend en ik als afsluiter van de avond nog snel iets bij een Indiër bij ons in de buurt zijn gaan eten. Kwestie van al die alcohol wat te absorberen. 😉

IMG_3662

Culinaire ontdekkingen in Antwerpen: Le John

Gisteren had ik afgesproken met een oudcollega die enkele jaren geleden ons bedrijf verlaten heeft. We zijn sindsdien altijd contact blijven houden en mijn tijdelijke tussenstop in Antwerpen maakte dat we de banden weer wat nauwer konden aanhalen. Het laatste anderhalf jaar zijn we ook beiden betrokken bij een groot en duur project dat al de nodige ups en (vooral) downs heeft gekend. Spijtig genoeg was via via het bericht tot mij gekomen dat het de laatste tijd niet zo goed ging met mijn oudcollega.

Hoog tijd om eens bij te praten, dus. Mijn oudcollega stelde voor om af te spreken in Le John, een mij volledig onbekend restaurant in het Antwerpse. Mijn collega weet er altijd de leukste en hipste adresjes uit te pikken, dus ik vertrouwde volledig op zijn goede smaak. En jawel, ik werd niet teleurgesteld. Een modern en stijlvol ingericht restaurant met heerlijke gerechten geïnspireerd op de Italiaanse keuken.

IMG_3526

IMG_3528

Terwijl we genoten van de heerlijke gerechten, voerden we Zeer Serieuze Gesprekken. De geruchten die ik had opgevangen, klopten inderdaad. Mijn oudcollega gaat door een moeilijke periode, zowel op het werk als privé. En hoewel hij hard werkt om een aantal zaken aan te pakken, zal er tijd en inspanning nodig zijn om uit het huidige dal te kruipen. Maar er is goed nieuws in zicht: het vooruitzicht op een nieuwe job. Een belangrijke factor voor je welbevinden, dat weet ik maar al te goed, sinds mijn mislukte avontuur in Genève.

Na het diner dronken we nog een glaasje wijn ter afsluiting. En jawel, net toen ik wilde vertrekken naar de tramhalte, brak er boven Antwerpen een heuse wolkbreuk los. Ik had weinig keuze dan de regen te trotseren, want ik wilden niet graag mijn trein missen. Al een geluk dat ik de tegenwoordigheid van geest had om voor de zekerheid toch maar de tram te nemen. Ik mag er niet aan denken dat ik met mijn bluebike door dat onweer terug naar Antwerpen-Centraal had moeten fietsen. Niet dat ik volledig droog op de tram geraakte, maar het had nog zoveel erger kunnen zijn.

PS: Dit at ik:

buffelmozarella, wilde paddenstoelen, bresaola, gegrilde kerstomaat:
IMG_3534

snoekbaars, raviolo, kreeft bisque, koriander:
IMG_3536

crème brûlée:
IMG_3537

Havana – 16 april 2019

Opnieuw genoten van het ontbijt met vers fruit, fruitsap en een eitje. Omdat Havana qua oppervlakte best wel een uitgestrekte stad is, nemen we de Hop on Hop off bus om zoveel mogelijk te zien te krijgen. De route die de bus neemt, is anders en veel groter dan verwacht, maar het biedt ons wel de gelegenheid om kennis te maken met de vele gezichten van Havana. Enerzijds is er de duidelijk aanwezige armoede met vervallen huizen en ruïnes, maar aan de andere kant worden er veel chique hotels bijgebouwd. Cuba is een land dat duidelijk volop in verandering is. Een verandering die hopelijk meer welvaart voor alle Cubanen zal brengen, maar anderzijds ook het risico inhoudt dat de ziel van het land aangetast wordt.

IMG_1658

IMG_1659

IMG_1663

IMG_1664

IMG_1666

IMG_1671

IMG_1677

IMG_1683

IMG_1685

IMG_1687

IMG_1688

IMG_1691

We smeren volop zonnecrème tijdens ons ritje met de Hop on Hop off bus, want de zon brandt stevig. De tocht brengt ons opnieuw langs de Malecón, het kerkhof en de Plaza de la Revolución, waar we afstappen om een tweede poging te wagen om het monument voor José Martí te bezoeken. Helaas, ook vandaag is de toren dicht. Waarom is onduidelijk, want volgens onze info zou hij wel degelijk open moeten zijn. Dus rest er ons niet veel anders dan ons terug naar de busstop te begeven en onverrichter zaken ons ritje verder te zetten.

IMG_1696

IMG_1701

IMG_1702

IMG_1706

IMG_1707

IMG_1709

IMG_1711

IMG_1712

IMG_1714

We stappen af waar we opgestapt zijn: bij het Capitolio. Voor het middagmaal lopen we op goed geluk de Calle O’ Reilly in. We laten ons overhalen door het eerste het beste restaurant dat wifi aanbiedt en dat gerechten aanbiedt aan een aanvaardbare prijs. In Havana staat letterlijk voor elk restaurant iemand om klanten naar binnen te lokken. Zo’n beetje wat vroeger in de Beenhouwersstraat in Brussel gebeurde, maar wat daar nu verboden is. Wij houden niet echt van deze manier van klantenwinning, maar goed, het geeft je wel de mogelijkheid om op voorhand de menukaart te bekijken. Niemand kan ons immers verplichten om naar binnen te stappen.

Overtuigd door de gratis wifi en de goedkope gerechten komen we op de eerste verdieping bij El Almendrón terecht, best nog wel een gezellig plek. Het eten is simpel, maar lekker en de cocktails zijn goed. Alleen de toiletsituatie is ietwat aanstootgevend, maar goed, dat blijkt in Cuba wel op meerdere plekken het geval.

IMG_2623

IMG_2609

Na de lunch nemen we een taxi naar Castillo del Morro, een een fort dat samen met het Capitolio en Castillo de la Real Fuerza het symbool van het Havana uit de Spaanse imperialistische periode is. Het is echt superwarm en de vriendin van mijn broertje kampt met darmproblemen. Het toilet in Castillo del Morro is niet de meest toffe plek hiervoor (de wc’s hebben geen toiletbril), maar soms heeft een mens geen keuze. Gelukkig kon ik haar een vol plakje papieren zakdoekjes in de hand drukken. De toiletdame blijkt dan ook nog eens misnoegd te zijn dat we geen kleingeld op zak hebben om haar van een fooi te voorzien. Gelukkig speelt mijn broer reddende engel. Ik blijf het vreemd vinden dat je betaalt voor een bepaalde attractie en vervolgens nog eens apart voor de toiletvoorzieningen, maar goed we zullen erop letten in de toekomst altijd kleingeld mee te nemen.

Het Castillo del Morro is zeker een bezoek waard alleen al voor het mooie uitzicht op Havana, maar ook omwille van de interessante geschiedenis van het fort. De hitte speelt mijn broer en zijn vriendin duidelijk parten en we drinken nog wat water en een Cubaanse cola (tuKola) in het fort zelf. Terwijl we ons vochtpeil aanvullen, horen we kanonsschoten weerklinken. We rennen snel naar buiten en zien in de verte rook opstijgen.

IMG_1719

IMG_1721

IMG_1729

IMG_1734

IMG_1735

IMG_1739

IMG_1751

IMG_1752

IMG_1758

IMG_1759

IMG_1761

IMG_1763

IMG_1767

IMG_1771

We lopen terug het fort binnen samen met een groep die, aan de discussies met de toezichthouders van het fort te horen, niet meer echt welkom is. Ze hebben nochtans wel inkom betaald. De klantvriendelijkheid van de Cubanen is duidelijk nog voor verbetering vatbaar.

We laten het fort achter ons en keren met de taxi terug naar het stadscentrum. Dat ritje terug kost ons 5 CUC meer dan de heenrit, maar goed, we hebben geen van allen zin om te discussiëren met de ober, daarvoor is het te warm.

In het oude stadscentrum vinden we een leuk terras bij bar La Luz, duidelijk een plek waar ook vele Cubanen iets komen drinken. De prijzen van de drank zijn echt spotgoedkoop en ik laat me verleiden tot het betellen van een daiquiri, gevolgd door een Havana Club 7 años. En jawel, ook hier staat een live band het beste van zichzelf te geven. De muzikanten zijn echt zeer goed en er melden zich spontaan enkele dansers, zomaar op straat. De sfeer zit er goed in!

We blijven wat plakken op het terras omdat het zo gezellig is, waardoor we pas bij valavond op zoek gaan naar een plek om te eten. Die vinden we letterlijk tussen de ruïnes. Las Ruinas del Parque bestaat uit wat tafeltjes en een bar tussen overgroeide restanten van een koloniaal huis. We eten er verrassend lekkere en goedkope kreeft. Al blijft het duimen dat onze darmen dit alles goed verteren.

IMG_2631

IMG_2632

Alweer een fijne dag in Havana.

Havana – 15 april 2019

Een paar keer wakker geworden deze nacht, maar dankzij een paar podcasts in de oren redelijk snel weer in slaap gevallen, dus ik voel me vrij goed uitgerust. Ik ben er zelfs in geslaagd het toilet te fiksen. Het kettinkje dat ervoor moet zorgen dat de stop van de spoelbak wordt uitgetrokken zodat het water in het toilet stroomt was losgeraakt. Snel op te lossen, dus.

We maken kennis met ons eerste Cubaanse ontbijt van de reis. Op de verdieping waar mijn broer en zijn vriendin hun kamer hebben (een verdieping hoger dan onze kamer), krijgen we een tafel toegewezen alleen voor ons vieren. Deze tafel komt inclusief onze eigen privébediening, een zeer vriendelijke dame die zich inspant om al onze wensen te vervullen. We beginnen het ontbijt met een bord met vers fruit: banaan, ananas, guave, papaya en watermeloen gevolgd door een roereitje met brood. We krijgen zelfs een paar sneetjes kaas aangeboden en een grote kom versgeperst fruitsap. Ik heb al slechter ontbeten.

IMG_2572

IMG_2573

IMG_2574

Voor onze eerste volledig dag in Havana trekken we richting het historische hart van de stad, Unesco werelderfgoed. Onderweg komen we een Cubaan tegen die ons meteen een ritje met zijn historische oldtimer aanbiedt, één van die wagens waar Havana zo bekend om is. Wanneer hij verneemt dat we van België komen, deelt hij meteen mee dat hij een zus in België heeft. We wimpelen zijn aanbod af en beloven hem mañana terug te keren.

IMG_1412

IMG_1413

IMG_1415

IMG_1416

IMG_1419

IMG_1422

IMG_1426

IMG_1427

Googlemaps blijkt, in tegenstelling tot wat we verwachtten, redelijk te werken in Cuba en we vinden zonder problemen de Plaza de la Catedral, een mooi plein omgeven door historische huizen. De kathedraal is aan de buienkant zeer mooi, maar de binnenkant is eerder sober te noemen. We betalen een paar CUC (Cubaanse pesos, enkel bedoeld voor toeristen) en beklimmen de toren. Die is niet echt hoog, maar we krijgen er wel een mooi uitzicht over het oude stadsgedeelte.

IMG_1429

IMG_1433

IMG_1449

IMG_1450

IMG_1452

IMG_1454

IMG_1455

IMG_1457

IMG_1463

IMG_1466

We lopen verder langs het Castilla de la Real Fuerza naar de Plaza de Armas, een prachtig schaduwrijk plein dat een koloniale sfeer uitademt. Het is voor ons allevier wennen aan de hitte in de stad. Op de Plaza de Armas lassen we daarom meteen een eerst drankpauze in bij Hotel Santa Isabel. Ik drink mijn eerste frozen daiquiri en ben ietwat teleurgesteld. Veel alcohol valt er in dit drankje niet te bekennen.

Bij het opdienen laat de ober een bierflesje vallen dat na één keer op de grond botsen vakkundig wordt opgevangen door mijn broertje. Hij houdt zijn vinger op de opening van het flesje om te voorkomen dat het bier eruit spuit, maar een gedeelte van het bier is al over mijn vriend terecht gekomen. Nadat het ergste spuitgevaar geweken is, geeft mijn broertje het flesje terug aan de ober, die duidelijk tegen zijn zin een nieuw flesje gaat halen.

Terwijl we onze drankjes opdrinken, worden we getrakteerd op live muziek van een bandje, dat na twee nummers al rondkomt om zelfgebrande cd’s te verkopen en een fooi voor de muziek te vragen. In Cuba is de verwachting dat je bijna voor elke dienst een fooi geeft, dus gooien we wat CUC in het mandje van de muzikanten.

IMG_1477

IMG_1478

IMG_1483

IMG_1484

Na deze welverdiende verfrissing wandelen we verder. Het valt ons op dat het in het historische hart van Havana wemelt van de toeristen. We lopen via de mooie Calle Obispo naar de Plaza Vieja en besluiten in die buurt op zoek te gaan naar een plek om te lunchen. Op goed geluk komen we terecht bij Bonsai, een superhippe plek vol met bonsai boompjes. Twee vriendelijke jongedames bedienen ons in uitstekend Engels. We bestellen broodjes met kip, tonijn en vlees. Alle broodjes zijn mooi verzorgd en lekker. En jawel, daar hoort een overheerlijke mojito bij. De jongedame die ons bedient, vertelt trouwens dat het restaurant pas een maand open is. A lucky find indeed.

IMG_2575

Na de lunch zetten we onze wandeling verder. Wanneer we langs een gelato-zaak passeren, laten mijn broer en ik ons verleiden tot de aankoop van een ijsje. Alweer een onvoorzichtige keuze op vlak van spijsvertering, maar wie kan er nu weerstaan aan heerlijke mangosorbet?

IMG_1493

IMG_1496

IMG_1499

IMG_1501

IMG_1507

IMG_1514

IMG_1520

IMG_1522

IMG_1525

IMG_1550

IMG_1551

IMG_1552

We lopen verder naar de befaamde Malecòn, een lange, brede boulevard met een breed wandelpad langs de zee die ietwat aan onze Belgische zeedijk doet denken. Langs één kant van de boulevard staan mooie koloniale huizen in meer of mindere staat van verval. De boulevard zelf lost voor mij de verwachtingen niet in. Het geheel maakt, ondanks de (niet altijd even geslaagde) kunstwerken die de laan sieren, een ietwat kale indruk. Plant langs gans de boulevard palmbomen en je hebt meteen een heel ander zicht. Mijn favoriete kunstwerk is trouwens de collectie stoelen in alle kleuren en afmetingen vlakbij het Castillo de San Salvador de la Punta.

IMG_1562

IMG_1563

IMG_1574

IMG_1578

IMG_1579

IMG_1580

IMG_1584

Op het heetste moment van de dag biedt de Malecòn geen schaduw en we voelen de zon branden op onze hoofden. Wat doet een mens dan? Een drankpauze inlassen! We lopen op goed geluk één van die mooie koloniale panden binnen en slagen erin een tafeltje op het balkon op de eerste verdieping te veroveren. Ik bestel een glas vers geperst watermeloensap, heerlijk verfrissend.

Het is te warm om nog veel zelf te stappen, dus houden we een taxi aan en vragen we de chauffeur ons naar de Plaza de la Revolución te brengen. Wanneer we op dit plein aankomen, vooral bekend om wille van de afbeelding van Che Guevara, hebben zich opeens een hoop grijze wolken samen gepakt. Het plein zelf is een onaantrekkelijke grijze vlakte die zich ongetwijfeld uitstekend leent tot grote massabijeenkomsten.

IMG_1587

We willen de toren bezoeken die opgericht is als monument voor José Martí, een intellectueel en een dichter die een nationale held werd in de Onafhankelijkheidsoorlog eind negentiende eeuw. Het Memorial José Martí blijkt helaas al om 16u gesloten te zijn. Jammer, jammer, jammer. Van de Plaza de la Revolución wandelen we dan maar verder naar de Necrópolis de Colón, één van de grootste kerkhoven ter wereld. De afstand naar de ingang van het kerkhof blijkt langer dan gedacht en onze tocht brengt ons door vervallen buitenwijken die duidelijk niet door veel toeristen bezocht worden.

IMG_1591

IMG_1592

Bij aankomst blijkt dat het kerkhof sluit om 17u en jawel, het is ondertussen 17u. Ik moet toegeven dat ik erg teleurgesteld zijn, want het kerkhof is gigantisch groot (het tweede grootste kerkhof van Latijns-Amerika) en vele grafmonumenten zijn uit wit Italiaans Carrara marmer opgetrokken. Gelukkig kunnen we van buitenaf door de omheining een blik naar binnen werpen.

IMG_1593

IMG_1595

IMG_1597

IMG_1599

Van het kerhof nemen we een taxi die ons terug brengt naar het Capitolio. We slaan meteen een voorraad wifi kaartjes in bij hotel Inglaterra aan 1 CUC per kaartje. In Cuba is het namelijk zo dat er op verschillende plekken wifi is in hotels, restaurants, casas particulares en ook op vele publieke pleinen, maar dat je een kaartje met een login en paswoord moet kopen om hiervan gebruik te maken. Elk kaartje is goed voor één uur internet. Omslachtig en ongetwijfeld laat dit de overheid toe het internetgebruik te monitoren, maar het werkt wel.

Het is nog vroeg op de avond, dus besluiten we voor het avondmaal nog een afsluitende activiteit te doen. Aangezien zowel het bezoek aan de toren als het kerkhof niet konden doorgaan, rest ons geen andere keuze dan de meest cliché-activiteit van allemaal te doen: een rondrit met een oldtimer. We treffen een zeer vriendelijke Cubaan die ons maar al te graag wil rondrijden in zijn roze Cadillac. Mijn vriend gaat vooraan zitten en mijn broer, zijn vriendin en ik nestelen ons op de achterbank van deze cabrio.

Onze chauffeur spreekt zeer goed Engels en geeft tijdens de rit toelichting bij wat we zien. Doordat we op de achterbank zitten, verstaan we er jammer genoeg niet al te veel van. Hij vertelt ons dat hij vroeger voor de staat werkte, maar dat hij zijn job heeft opgezegd om toeristen rond te rijden in oldtimers, een job die vele malen meer verdient dan zijn vorige job. Meest interessante gebouw van de rondrit: de Noord-Koreaanse ambassade.

De rondrit brengt ons voor de tweede keer vandaag op de Plaza de la Revolución, waar we stoppen voor een korte pauze. Tijdens gans de rit was het bewolkt, maar net op het moment dat wij op het plein aankomen, breekt de zon erdoor en bestrijkt de avondzon de afbeelding van Che Guevara. Alsof het zo moest zijn.

IMG_1623

IMG_1626

IMG_1640

IMG_1641

De rit voert ons langs de malecón terug naar het Capitilio. Een fijne en bijzondere ervaring waarvoor we ongetwijfeld te veel betaald hebben, maar dat deert ons niet. Wij hebben alle vier een hekel aan afdingen, terwijl je dat in Cuba eigenlijk moet doen om een faire prijs te krijgen. Want de Cubanen beschouwen buitenlandse toeristen (niet geheel onbegrijpelijk) als melkkoeien.

Na een uurtje zit de rit erop en is het tijd voor het avondmaal. Ik laat me adviseren door mijn reisgids en we trekken naar restaurant O’Reilly 304. Wanneer we daar aankomen, staan er al mensen te wachten aan de ingang. De ober zegt ons dat we twintig minuutjes moeten wachten, alvorens er een tafeltje voor vier zal vrijkomen. Ondertussen kunnen we iets drinken in de bar vlakbij. Hij zal ons komen halen wanneer ons tafeltje klaar is.

Aangezien de huiscocktail in deze bar een mojito is, bestellen we alle vier deze cocktail. De cocktail trekt echter op niet veel en we voelen ons ietwat in het zak gezet. Dat gevoel verergert alleen maar als we na vijftig minuten nog steeds in de bar zitten. Uiteindelijk komt de ober aanzetten met zijn zoon die een verhaal ophangt over de gasdruk die te laag is, waardoor het fornuis niet heet genoeg gestookt kan worden en het langer duurt voor het eten klaar is. Yeah right.

De kerel in kwestie biedt uitgebreid zijn verontschuldigingen aan en belooft ons naar een ander, minstens even goed, restaurant te brengen. We zijn ietwat achterdochtig, want geen idee of we dit verhaal nu al dan niet moeten geloven, maar goed, we besluiten hem te volgen. Stiekem hoop ik dat we onderweg niet in de val gelokt zullen worden om ons van ons geld en paspoorten te ontdoen.

Gelukkig gebeurd er niets en zo komen we terecht op het mooie dakterras van restaurant La Familia. Het terras is wel mooi, maar we beseffen dat we in een toeristenval beland zijn wanneer blijkt dat enkel nog de duurste gerechten op de kaart beschikbaar zijn. De prijzen op de menukaart zijn ook veel te hoog in vergelijking met andere restaurants en het eten is ook minder lekker.

IMG_1649

IMG_1653

IMG_2586

We voelen ons dik in het zak gezet en het is dan ook met zekere tegenzin dat we een fooi geven aan de jongeman die deel uitmaakt van het live bandje dat in het restaurant speelt. Niet dat het zijn schuld is dat we met open ogen in de val gelopen zijn. Jammer, maar ook dat maakt deel uit van de Cuba ervaring, zeker?

Voor de tweede avond op rij kruipen we vroeg in bed. De jetlag is immers nog niet verteerd.