Gisteren organiseerden mijn collega’s en ik een ontmoetingsmoment in Alden Biesen. En ik moet zeggen, mijn collega’s hadden alles tot in de puntjes voorbereid. Het onthaal met brunch werd door iedereen erg geapprecieerd (sommige collega’s moesten helemaal uit West-Vlaanderen naar Alden Biesen komen, dus wilden we hen een beetje in de watten leggen) en de rest van de dag verliep perfect volgens schema. De pauze met een glaasje om te klinken op het nieuwe jaar en wat dessertjes om de gaatjes te vullen, was de perfecte gelegenheid om wat ervaringen uit te wisselen tijdens een informele babbel. Hopelijk hebben de aanwezigen er een even goed gevoel aan overhouden als ikzelf.
uitstap
Belgische kost bij Le Bugatti
Na mijn Bourgondische uitspattingen in Mechelen, spoorde ik terug naar Brussel. Doordat de workshop wat langer had geduurd, was ik maar net op tijd voor de dinner date met mijn vriend en zijn collega’s in wat ongetwijfeld hun favoriete Brusselse restaurant is: Le Bugatti. Het was het derde jaar op rij dat we bij Le Bugatti aten en ik ben er zeker van dat we hier volgend jaar opnieuw zullen belanden, indien mijn vriend en zijn collega’s in 2021 naar FOSDEM komen. Het restaurant en de bediening voelt alleszins zeer vertrouwd aan ondertussen.
Ik moet toegeven dat ik helemaal geen honger had, na al die kaas en wijn in de namiddag. Ik herinnerde mij van het vorige bezoek aan Le Bugatti dat de wijn niet zo fameus was. Om het contrast met de heerlijke wijnen die ik in The Cellar geproefd had, niet te groot te maken, bestelde ik me een coupe champagne. Altijd lekker. Natuurlijk was onze Fransman weer rijkelijk te laat, dus bestelde ik frietjes voor mijn gezelschap dat met knorrende magen zat te wachten. Uiteindelijk kwam de Fransman toch opdagen met vrouw en kind en kon iedereen bestellen.
Omdat mijn appetijt zeer klein was, ging ik voor de voorgerecht versie van de tomaat-garnaal (één tomaat i.p.v twee). Daarvoor had ik nog net een plekje vrij. Mijn vriend bestelde een typisch Brussels streekproduct: bloempanch. Bloempanch is de Brusselse versie van een bloedpens, maar veel dikker en met spek erin verwerkt. Ik proefde een stukje en moet zeggen dat de bloempanch heel lekker was. Zeker de moeite waard om te bestellen bij een volgend bezoek, al was de portie wel zéér riant.
Na de maaltijd keerden we terug naar ons hotel en dronken daar nog een glaasje in de Loui Bar. Om in de sfeer van de dag te blijven, hield ik het bij een glaasje wijn, terwijl mijn vriend en zijn twee collega’s de dag afsloten met iets sterkers.
Mechelen: onbekend is onbemind
Na dat overvloedige hotelontbijt, sloeg ik het middagmaal over en spoorde ik vlak na de middag naar Mechelen. Een tijdje geleden had ik immers van Sound of C een uitnodiging gekregen om deel te nemen aan een workshop voor bloggers. (Serieus, hoe kon ik een uitnodiging weerstaan voor een workshop met als titel ‘Discover your inner Burgundian’? Over op mijn lijf geschreven, gesproken.) Ik kom eerlijk gezegd zelden in Mechelen en als ik er kom, is dat om vrienden te bezoeken en geraak ik niet verder dan hun huis. Hoog tijd voor een vernieuwde kennismaking met deze stad die slechts op een korte treinrit van zowel Brussel als Leuven ligt.
Plaats van afspraak: De Vleeshalle in hartje Mechelen. Ik moet toegeven dat ik meteen verkocht was van zodra ik een voet over de drempel zette. De Vleeshalle noemt zichzelf een culinaire hotspot en dat is niet gelogen. Toen ik er rond twee uur aankwam, waren bijna alle tafeltjes bezet met mensen die aan het genieten waren van een hapje of een drankje. Het concept is simpel: op het gelijkvloers vind je twaalf culinaire standhouders (‘smaakmakers‘) die allerlei lekkers verkopen. Je kan hier niet alleen iets eten of drinken, maar ook ingrediënten kopen om zelf thuis mee te koken. Op de eerste en tweede verdieping hebben een bont allegaartje aan ondernemers (‘gangmakers’) onderdak gevonden. Wat mij ook direct charmeerde was de rijke geschiedenis van De Vleeshalle en de prachtige architectuur. De Oude Mechelse Vleeshal, ontworpen door architect Victor Louckx, opende in 1881 voor het eerst de deuren en bood onderdak aan de Mechelse slagers. Na de Tweede Wereldoorlog raakte het gebouw in verval en in 1967 gingen de poorten definitief dicht. Gelukkig bleef het potentieel van deze plek niet onopgemerkt en heeft De Vleeshalle vandaag opnieuw een culinaire invulling.
De namiddag startte alvast smakelijk: met heerlijke Italiaanse wijntjes van Ferro 13. Mijn favoriet was, hoe kan het ook anders, The Boss. 😉 Tijdens het wijn proeven ontmoette ik een zeer sympathiek koppel met een interessant verhaal. Zij was Belg en hij Fransman enze hadden elkaar ontmoet toen zij op reis was in Nieuw-Zeeland waar hij toen werkte. Zij is (zoals dat gaat) vervolgens enkele jaren blijven plakken in Nieuw-Zeeland. Omdat ze haar familie miste (Nieuw-Zeeland is niet bepaald bij de deur), zijn ze onlangs terug gekeerd naar Europa en nu wonen ze in Toulouse. Doordat ze allebei als zelfstandige werken, hebben ze de mogelijkheid om veel te reizen. Even voelde ik een steek van jaloezie terwijl ze vertelden over hun leven dat zoveel avontuurlijker leek dan het mijne. Maar goed, het gras is niet altijd groener aan de overkant, zeker?
Na deze prettige kennismaking met De Vleeshalle, was het tijd voor de Bourgondische workshop! Florie van Visit Mechelen bracht ons naar The Cellar. De tagline ‘Wine is divine. Cheese is Christ.’ deed me alvast het water in de mond komen. Eerst kregen we een rondleiding van kaasmeester Harry Schockaert doorheen de historische kelders waar zijn kazen lagen te rijpen. Fantastisch om iemand met zoveel passie voor zijn vak aan het woord te horen. Vervolgens zochten we ons een plaatsje aan de gezellige toog van The Cellar voor een heuse kaas en wijn pairing.
We proefden o.a. manchego, mimolette, maroilles en fromage de Bruxelles (zeer zoute kaas, die in de volksmond ook wel klotenkaas genoemd wordt om wille van de vorm van de opgehangen zakjes waarin de kaas gerijpt wordt. Bij de kaas dronken we enkele uitstekende wijntjes: o.a. Waes Wit, een Vlaamse landwijn die mij niet echt wist te overtuigen, Chateau Musar uit Libanon (heerlijk! en volgens mij de eerste keer dat ik Libanese wijn proefde) en Morgenster, een heerlijke rode Zuid-Afrikaanse wijn uit 2010. Terwijl we genoten van al dat lekkers kregen we uitleg van de aanwezige professionals. Zeer boeiend om foodacheoloog Jeroen van Vaerenbergh aan het woord te horen. En ja, ik wist tot voor kort ook niet dat er zoiets als een foodarcheoloog bestond. De missie van de foodarcheoloog bestaat erin ons kennis te laten maken met de geuren en de smaken van de keuken van onze voorouders, met oog voor traditie, ambacht en duurzaamheid.
Zo weet ik nu ook waar de uitdrukking ‘vijgen na Pasen’ vandaan komt. Tijdens de vasten mochten de gelovigen immers geen kaas eten en zaten de kaasboeren bijgevolg zonder werk. Om niet volledig zonder inkomsten te vallen, verkochten de kaasboeren in de vastenperiode noten en gedroogd fruit. Iemand die na Pasen om vijgen kwam vragen, was dus onherroepelijk te laat, want dan verkochten de kaasboeren opnieuw kaas. En dat is ook de reden dat we tegenwoordig bij een kaasschotel altijd noten en gedroogd fruit serveren. Interessant, niet?
Vervolgens klommen we uit de kelder naar boven om te proeven van een heerlijke gevogelteroulade in restaurant The Chick, dat zich vlak boven The Cellar bevindt. De chefkok had speciaal voor ons een roulade van duif, eend en kip bereid, geïnspireerd op een recept uit de Middeleeuwen. De foodarcheoloog liet ons ook kennis maken met één van die vergeten specerijen van onze voorouders: grains of paradise, bijzonder pittige bolletjes die iets van peper weg hebben.
Tijdens al dat eten en drinken maakte ik kennis met een aantal sympathiek collega-bloggers, June, Wannderful (een collega-blogger uit het Leuvense), Lonniesplanet en Captured by V. Ik houd hun blogs zeker in de gaten voor toekomstige reisinspiratie! Het was zo gezellig dat onze workshop een half uur over tijd ging, want hey, iedereen wilde nog graag als afsluiter een glaasje van die heerlijke rode Libanese Chateau Musar uit 1998 meepikken.
Ik moet zeggen dat deze kennismaking met Mechelen letterlijk en figuurlijk naar meer smaakt. Ik kom graag eens terug voor een weekendje in deze fijne stad!
The Best Breakfast in the World
Maar echt, zo’n overdaad aan keuzemogelijkheden! Alleen al daarvoor zou een mens in het Steigenberger Wiltcher’s hotel gaan overnachten! Extra bonuspunten voor de heerlijke Crémant de Luxembourg. I do love me some bubbles with my breakfast.
Belgische kost bij RestoBières
Het begint een beetje een traditie te worden: een weekendje op hotel in Brussel in februari, omdat mijn vriend en zijn collega’s deelnemen aan FOSDEM. Al begin ik eerlijk gezegd te vermoeden dat FOSDEM voor hen eerder als excuus geldt om drie dagen te kunnen profiteren van de Belgische keuken en de Belgische bieren. 😉
Dit jaar geen problemen met vertraagde vluchten (mijn vriend was al van donderdagavond in het land), al moesten we naar goede gewoonte weer lang wachten op de Franse collega van mijn vriend. Fransen en stiptheid, het zal nooit wat worden, al was zijn schattige baby van zes maanden natuurlijk een goed excuus. Voor het eerst was ik dus niet de enige vrouw in het gezelschap, want de mama van de baby was ook van de partij.
Het kostte mijn vriend en ik een beetje moeite om op een vrijdagavond een geschikt Brussels restaurant te vinden voor een gezelschap van 8 personen, voornamelijk omdat we pas de dag zelf aan het zoeken waren geslagen. Gelukkige bleek RestoBières een goeie keuze, met een gezellig interieur, veel speciaalbieren en zelfs een eigen huisbier. We startten de maaltijd met wat garnaalkroketjes om te delen en mijn tongrolletjes met sint-jacobsvruchten en mosselen waren erg lekker. Zelfs de wijn in dit bierrestaurant was goed! Dit keer was ik wel zo slim om geen dessert meer te nemen, want die authentieke Belgische keuken ligt toch altijd stevig op de maag…
Na de maaltijd sloten we de avond af in volkscafé Volle Brol op het befaamde Vossenplein. Het was er bijzonder rustig voor een vrijdagavond, maar ze hadden veel Belgische bieren, dus ons gezelschap was tevreden. En de (goedkope) cava die ik er dronk was qua prijs-kwaliteit dik in orde.
Na een laatste rondje wandelden we samen naar het Steigenberger Wiltcher’s hotel om te genieten van een welverdiende nachtrust tussen hotellakens.
Brafa!
Toen een collega vroeg of ik donderdagavond zin had om mee te gaan naar Brafa, twijfelde ik. Ik had nog bergen werk en na 17u krijg ik meestal het meeste werk verzet. Na 17u zijn immers de dagelijkse vergaderingen achter de rug en kan ik in alle rust beginnen aan het beantwoorden van e-mails, ondertekenen en nalezen van documenten. Maar hey, de boog kan niet altijd gespannen staan en kunst prikkelt de hersenen. Dus sloot ik mijn computer stipt om 17u af en trok ik met mijn collega’s naar Tour & Taxis.
Een kleine selectie van kunstwerken die mij aanspraken:
Mijn absoluut favoriete werken van de Koreaanse kunstenaar Chun Kwang Young. Grote fan van zijn driedimensionale kunstwerken:
Kattige kunst van Philippe Geluck:
De juwelen die ik mezelf cadeau zou doen, mocht ik heel veel geld hebben:
Een replica van een klassiek Grieks halssnoer daterend uit 1872 (cadeautip van de dag!):

Er waren ook kunstwerken die iets minder mijn ding waren:
En als uitsmijter: de originele klauwen van Wolverine uit de film “X-Men – The Last Stand”:
Doopviering in De Pinte
Zondag iets te vroeg naar onze goesting uit bed om de trein naar De Pinte te nemen, alwaar we rond half twaalf verwacht werden voor de doopviering van de jongste dochter van onze vrienden. Gelukkig was het mooi weer, waardoor de wandeling van het station van De Pinte naar de kerk best wel aangenaam was. Het centrum van De Pinte bleek ook onverwacht gezellig, met een mooi wit kasteeltje, een indrukwekkende neogotische kerk en een aantal stijlvolle, oude huizen. In één van die huizen, zo wist Goofball mij te vertellen, bevond zich de beste bakker van De Pinte en omstreken. Aangezien we toch buiten aan de kerk stonden te wachten tot de ochtendmis gedaan was, besloot ik even een zijsprongetje te maken en kocht ik mezelf twee pastéis de nata bij Bakkerij Hanssens. Toch handig, die sociale media. 😉
Alhoewel ik principieel tegen dopen ben, moet ik toegeven dat het een mooie viering was. De pastoor deed zijn best om alle aanwezige kinderen bij de viering te betrekken en de verschillende onderdelen van het sacrament uit te leggen. Het feit dat onze vriendin een koor dirigeert waarbij onze vriend voor de begeleiding op de piano zorgt, hielp natuurlijk ook wel. Onze vriend had zelfs speciaal voor zijn jongste dochter een lied gecomponeerd, met als voornaamste thema haar gezonde eetlust (helemaal een dochter van haar vader). Hoeveel kinderen kunnen zeggen dat een koor van vrienden en familie hun een serenade bracht tijdens hun doopsel? Heel bijzonder. Het feestvarken zelf gedroeg zich trouwens voorbeeldig toen het koude water uit de doopvont over haar hoofd werd gegoten.
Het feestvarken samen met haar trotse grote zus:
Na de doopviering konden mijn vriend en ik gelukkig meerijden met de broer van onze kameraad naar feestzaal De Veldblomme. De afstand was net iets te groot om te voet te overbruggen (zo’n veertig minuten stappen). Het concept van de feestelijkheden was simpel: iedereen bracht iets meer. Het resultaat was werkelijk een overdaad aan eten. Mijn vriend en ik hadden twee grote taarten van Les Tartes de Françoise meegenomen: de chocoladetaart en de kaastaart met speculoos, mijn twee favorieten. Ter plekke kreeg mijn vriend de taak toebedeeld om de zakouskis te maken. Dat ging verrassend vlot. Altijd al geweten dat er een culinair genie schuil gaat in mijn vriend. Verder waren er heerlijke zelfgemaakte quiches en een lekker stukje kaas gaat er ook altijd wel in. We hadden fijne gesprekken met de aanwezigen en genoten van het mooie weer (wat een contrast met al die mist op zaterdag).
Vlak voor de deur van de Veldblomme stopte een bus van de Lijn die ons zonder problemen naar het station van Gent-Sint-Pieters bracht. Uiteindelijk geraakten we redelijk vlot op onze bestemming met het openbaar vervoer en een beetje hulp van sympathieke chauffeurs, maar eerlijk, je bent wel een stuk langer onderweg dan met de wagen.
Bergwandeling in Vevey – 23 juli 2019
Ook vandaag starten we de dag met een stevig ontbijt op het terras van Eurotel. De enige uitdaging blijft het wegjagen van de talrijke mussen die maar al te graag een broodje of stukje ei meepikken.
Uit de traagheid waarmee het personeel de tafels afruimt om plaats vrij te maken voor nieuwe gasten, valt duidelijk af te leiden dat het hier om rasechte Zwitsers gaan. Echt, nog niet veel plekken in de wereld tegengekomen waar de bediening trager is. Ik blijf me erover verbazen en moet de neiging onderdrukken om zelf mee te gaan helpen afruimen.
Na het ontbijt informeren we bij het onthaal of de paddle boards beschikbaar zijn. Helaas de twee (2!) paddle boards zijn al uitgeleend. Een streep door onze plannen. Maar niet getreurd, er vallen nog genoeg andere sportieve dingen te doen hier. We nemen de trein naar Vevey voor een bergwandeling. In Vevey aangekomen zien we weer talrijke kleurrijke figuren doorheen de straten wandelen ter gelegenheid van het Fête des Vignerons. Het mooiste vind ik de gezinnen waarbij zowel de ouders als de kinderen in dezelfde outfit steken.
Vanuit Vevey nemen we de kabelspoortrein naar station Les Pléiades, gelegen op 1346 m boven de zeespiegel. We zijn wat traag op gang gekomen vandaag, want tegen dat we aan het startpunt van de wandeling zijn, is het al 12u. De wandeling biedt ons prachtige uitzichten op het meer en onderweg komen we een grote kudde koeien tegen die bereidwillig op de foto gaan. Rond 14u lassen we een lunchpauze, of beter gezegd, dessertpauze in. Ik geniet van een heerlijke moelleux op het mooie terras van Le 1209. Ook vandaag is het weer een snikhete dag. We koesteren dan ook elk streepje schaduw dat we tegen komen. Onderweg loop ik een paar steken van (vermoedelijk) dazen op. Ik blijf een lekker doelwit voor insecten allerhande.
We zijn te vroeg terug in Station Les Pléiades. Aangezien we nog een tijdje moeten wachten op de kabelspoortrein, besluiten we af te dalen naar het volgende station: Lally, gelegen op 1236 m. Een beetje een zotte inspanning, want vanuit Lally moeten we eerst opnieuw terug naar Les Pléiades sporen om van daaruit naar Vevey te sporen. Om de één of andere reden zijn we allebei best wel moe, ondanks het feit dat dit helemaal geen zware wandeling was. Wellicht een combinatie van de hitte en mijn verkoudheid.
In Vevey nemen we de trein terug naar Montreux. We informeren opnieuw bij de receptie van het hotel of de paddle boards beschikbaar zijn (reserveren is niet mogelijk) en jawel, ditmaal hebben we geluk! We kunnen meteen onze nieuwe waterdichte zak uittesten. Werkt geweldig goed! We peddelen de andere richting uit dan de vorige keer en doen een poging om allebei op onze boards te poseren bij het standbeeld van Freddy Mercury. Het kost ons wat moeite, maar uiteindelijk levert onze gopro toch een paar geslaagde beelden op. Uiteindelijk brengen we twee uur door op het water. En ja, ditmaal ben ik wel twee keer van mijn board gevallen. Ik steek de schuld op de vermoeidheid.
We peddelen terug naar het hotel, sleuren de boards aan land via die vervelende steiger en begeven ons naar de kamer voor een deugddoende douche. De rest van de avond brengen we door op het terras van het restaurant van ons hotel. We nemen de degustatiemenu en genieten van de heerlijk warme avond. De bediening mist duidelijk een goede opleiding, maar ze zijn wel heel vriendelijk en het uitzicht op het meer is fenomenaal. Al was het wellicht niet zo’n goed idee een dessert te bestellen: mijn ijsje komt met zoveel slagroom dat ik amper de bollen ijs vind en ik ben niet zo’n fan van slagroom…
Limburgse liefdesperikelen
Rond de jaarwisseling kreeg ik bericht van mijn Limburgse vriendin dat haar vriend het uitgemaakt had. Ze hadden al een paar jaar een knipperlichtrelatie waar ik eerlijk gezegd kop noch staart aan kreeg. Bottom line is dat hij bindingsangst had, maar ondertussen wel naar andere vrouwen keek. Ok, toegegeven ik was geen fan van de kerel, maar heb hem altijd het voordeel van de twijfel gegeven. Die twijfel smolt als sneeuw voor de zon toen ik las dat hij mijn vriendin in de steek gelaten had voor een andere vrouw met wie hij al een tijdje aan het sms’en was en wie weet wat nog allemaal uitspookte achter haar rug.
Enfin, ik belde om mijn vriendin een hart onder de riem te steken en we spraken meteen af dat ik naar Tongeren zou komen om de ganse affaire eens grondig te bespreken, wat bij nader inzien iet of wat bemoeilijkt werd door het feit dat ik zaterdagochtend opstond zonder stem. Een stevige luchtwegeninfectie die duidelijk op mijn stembanden geslagen was. Veel meer dan gepiep kwam er niet uit. Maar hey, dat zou mij niet tegenhouden om naar Tongeren te gaan! Ook zonder stem ben ik best in staat mijn vrienden te troosten.
Dus spoorde ik zaterdag, mij iet of wat mottig voelend, naar Tongeren. Helaas, de NMBS was mij ditmaal niet goed gezind. Ik miste mijn overstap in Hasselt met twee minuten, omdat de trein vanuit Leuven waarop ik zat maar liefst 18 minuten vertraging had. Toppunt van ironie: vlak voordat we in Hasselt zouden aankomen, riep de conducteur mooi alle aansluitingen af, dus mijn hoop laaide op dat ik alsnog de trein naar Tongeren zou kunnen halen (de NMBS-app deelde droogweg mee dat de aansluiting niet gegarandeerd was). Valse hoop, zo bleek, want perron twee was akelig leeg: de trein had niet gewacht. En dus zat ik bijgevolg een uur vast in Hasselt, waar in de directe stationsomgeving nu eens helemaal niks te beleven valt. Van pure miserie ben ik dan maar iets gaan drinken in de Domino’s pizza, het enige etablissement dat er enigszins aanvaardbaar uit zag.
Een klein uur later zat ik gelukkig wel op de trein naar Tongeren, alwaar mijn vriendin me stond op te wachten aan het station. We gingen eerst naar haar huis om de renovaties en uitbreidingen te bewonderen die ze recent had laten doen. Mijn vriendin is gescheiden en deelt het huis met haar kinderen. Dat wil m.a.w. zeggen dat zij de enige baas in huis is en dat ze naar eigen zeggen ‘nu eens volledig haar goesting gedaan heeft’. Ik was vooral onder de indruk van de fancy terrasuitbreiding met luifel en glazen zijpanelen. Ik kijk al uit naar de terraswarming!
Mijn vriendin had gereserveerd in restaurant Intermezzo, alwaar ik genoot van een heerlijk stukje hertenkalf. Tijdens de maaltijd namen we uitgebreid de tijd om de huidige relatiestatus van mijn vriendin te bespreken. Want ja, uiteraard was haar niet-meer-ex-vriend met de staart tussen de bene terug gekomen. Nu ben ik helemaal van het principe dat iedereen een misstap kan maken. En als je als koppel de keuze maakt om zo’n misstap achter je te laten, geloof ik echt dat je relatie te redden valt. Maar die kerel heeft al zoveel steken laten vallen dat het niet meer mooi is. Ik vond dat ik het aan mijn vriendin verplicht was haar hierop te wijzen. Maar uiteindelijk is het haar keuze en als zij ervoor kiest haar hart te volgen, kan ik dat alleen maar respecteren. Hopelijk komt die beloofde beterschap er nu echt….
Een zaterdag in Rumbeke
Al een geluk dat ik graag in de trein zit en je tegenwoordig bijna overal 4G-ontvangst hebt, want een treinrit van tweeënhalf uur zou anders maar een saaie bedoening zijn. Hoog tijd dat de NMBS inzet op het beter bereikbaar maken van de uithoeken van het land (denk: Limburg, West-Vlaanderen en de Kempen). Door de lange reistijden zijn mensen nu eenmaal niet geneigd de trein te nemen. Als ik de wagen gebruikt had voor de verplaatsing van Leuven naar Rumbeke en terug zou ik er twee uur minder lang over gedaan hebben. Maar goed, dank God voor lichte laptops en externe batterijen.
Iets na twee uur in de namiddag kwam ik aan in het station van Roeselare. Mijn vriendin stond me daar al op te wachten samen met haar dochter (haar zoon was naar een verjaardagsfeestje). Het was een aangename winternamiddag met zelfs een klein waterzonnetje. Ideaal voor een korte wandeling. Een mens heeft de neiging om zich in de winter op te sluiten in huis, maar een wandeling in de gezonde buitenlucht (of wat daar in Vlaanderen voor moet doorgaan) doet altijd deugd. We gingen naar het Sterrebos, dat er een beetje modderig bij lag en maakten van de gelegenheid gebruik om wat bij te praten. Mijn vriendin heeft er een zware periode opzitten, maar het ziet ernaar uit dat de laatste loodjes van de afhandeling van de echtscheiding in zicht zijn. Ondertussen heeft ze én een nieuwe job én een nieuwe vriend. 2020 ziet er alvast veelbelovend uit voor haar! En ook de kinderen schijnen hun draai gevonden te hebben.
Na de wandeling speelden we samen een aantal gezelschapsspelletjes. Ik maakte kennis met het spel Ramses II en realiseerde mij dat zulke spelletjes waarbij je het vooral van een goed kortetermijngeheugen moet hebben niet meer aan mij besteed zijn. Ik kan gewoonweg de moeite niet doen om te onthouden onder welke piramide zich welke schat bevindt. En ja, die jonge hersenen zijn op dat vlak duidelijk superieur. Geef mij maar Rummikub daarmee haal ik (voorlopig) nog steeds de bovenhand.
Terwijl mijn vriendin haar jongste zoon ging oppikken, testten haar dochter en ik wat instagram filters uit. Het moge duidelijk zijn dat ik me daar helemaaaaal nog niet te oud voor voel. 😉
Net zoals bij mijn vorig bezoek aan Rumbeke aten we gezellig met zijn vieren samen in het Mango-café. Ik smulde er van werkelijk overheerlijke Sint-Jacobsvruchten met bospaddenstoelen en puree met truffel. Om duimen en vingers af te likken!
We sloten de avond af met een zotte danspartij in de living van mijn vriendin en toen was het helaas al tijd om naar Leuven terug te keren. ‘t Is niet dat er veel treinen rijden tussen Roeselare en Leuven en ik was niet echt voorzien op een logeerpartij.




















































































