Van Arran naar Kintyre – 11 april 2017

Laatste Scottish breakfast in Orwin House B&B op Arran. We delen de ontbijttafel voor de tweede dag op rij met een sportieve Fransman die met zijn fiets van plan is gans het eiland te doorkruisen. Respect!

De weergoden zijn ons minder goed gezind dan de dag voordien. Het is bewolkt en er staat stevig wat wind. We nemen in Lochranza om 9.30u de ferry naar Claonaig en ruilen zo na een half uurtje varen Arran in voor Kintyre. Een schitterende rit brengt ons naar Campbeltown. Onderweg zien we de ene na de andere fazant langs de kant van de weg. Misschien zijn fazanten de Schotse mussen?

IMG_7710

IMG_7712

IMG_7716

IMG_7721

We stoppen in het centrum van Campbeltown om wat informatie over het schiereiland Kintyre te verzamelen. De vriendelijke meneer raadt ons aan zeker de Springbank Distillery te bezoeken, een topattractie op Kintyre. Ook het eiland Davaar, dat bij laag water te voet te bereiken is, zou de moeite zijn. Op het eiland is een grot met (alweer!) religieus geïnspireerde muurschilderingen. Ik fotografeer de informatie over de getijden en we kijken nog wat rond in de shop terwijl mijn broer en zijn vriendin kaartjes kopen. Vanaf het visitor center lopen we rechtstreeks naar de shop die bij de Springbank Distillery hoort om tickets te kopen voor de rondleiding van 14u in de namiddag. Er is een mogelijkheid om met een combiticket na de rondleiding in Springbank de Glengyle distillery te bezoeken en dat besluiten we dan maar te doen. Het is toch niet zo’n fantastisch weer vandaag.

Ondertussen is het middag en besluiten we eerst iets te eten alvorens onze spullen bij de Grammar Lodge af te zetten. Tripadvisor levert ons een eerste teleurstelling van de reis op door ons Café Bluebell aan te raden: mijn jacked potato prawn ‘Marie Rose’ verdrinkt letterlijk in de saus. Je ziet nog amper dat er een aardappel onder zit, laat staan garnalen. Spijtig, want ik koester goede herinneringen aan een andere jacked potato die ik at in de buurt van de Oban Distillery.

jacked potato prawn 'Marie Rose'

Gelukkig stelt de rondleiding door de mooie oude Springbank distillery niet teleur. Onze gids van 78 jaar voert ons vol enthousiasme doorheen de verschillende etappes van het whisky proces. Wat Springbank zo bijzonder maakt, is het feit dat het ganse proces (vanaf het mouten van de gerst tot het bottelen van de whisky) ter plekke gebeurt. Springbank is de enige distillery in Schotland die dit nog doet. Na ons bezoek aan de Springbank distillery gaan we met een uitgedund groepje verder naar de Glengyle distillery, een gloednieuwe distillery die maar één maand per jaar werkt. Dat hadden ze ons bij het verkopen van dat combiticket wel mogen zeggen! Glengyle distillery is gloednieuw en mist de charme van Springbank. Om eerlijk te zijn, is dit extra bezoek niet echt de moeite. Gelukkig volgt er daarna een whisky tasting in de shop. Al moet ik zeggen dat ik nog echt van mijn sokken geblazen wordt door de Springbank whisky’s.

IMG_7727

IMG_7735

IMG_7738

IMG_7741

IMG_7742

IMG_7757

IMG_7758

IMG_7771

IMG_7773

IMG_7775

IMG_7793

IMG_7795

Na de rondleiding checken we in bij Grammar Lodge, een prachtig verzorgde, pas vernieuwde B&B geleden een voormalig schoolgebouw. Ik ben meteen verkocht!

IMG_7833

Ondertussen zijn we 16.15 gepasseerd en laten de getijden toe om een veilige wandeling naar Davaar Island te maken. We rijden met de auto tot ginder en worden ei zo na van onze sokken geblazen. Stevig windje! We duffelen ons warm in en besluiten het, ondanks de dreigende wolkenlucht toch aan de wandeling te beginnen. We wandelen langs een vuurtoren (die we uiteraard beklimmen over een door de getijdenwerking drooggevallen pad naar het eiland (dat nu dus een schiereiland is). We worstelen tegen de wind in en balanceren op de losliggende stenen om de grot met de muurschilderingen van Christus en wat engelen te bereiken. Door de losliggende stenen onder onze voeten en de extreem harde wind is dit echt een heel lastige wandeling. We overwegen dan ook even om het op te geven en gewoon rechtsomkeer te maken. We houden echter vol en worden beloond met een aantal mooie muurschilderingen. Om het ganse eiland rond te wandelen, is het echt te ijzig koud. We keren dan ook op onze stappen terug. Bij het terugkeren is er nog een groter stuk land komen droog te liggen en zien we mensen met rubberlaarzen zoeken naar (denk ik) krabben in de modder. En heel op het einde van onze wandeling zien we zowaar een streepje zon!

IMG_7859

IMG_7873

IMG_7885

IMG_7891

IMG_7897

IMG_7899

IMG_7904

IMG_7907

IMG_7923

IMG_7926

IMG_7929

IMG_7931

IMG_7934

Terug in de wagen zetten we de verwarming goed hoog op op te warmen. Gelukkig hielden we het de ganse wandeling droog, want als het was beginnen regenen zouden we zeker de grot met de muurschilderingen niet bereikt hebben. In de Grammar Lodge fatsoeneren we onze verwaaid kapsel een beetje en lopen vervolgens te voet van daar naar Ardshiel Hotel voor het avondmaal. De gerechten die we geserveerd krijgen zijn erg klassiek, maar overheerlijk en het kader waarin we dineren is echt prachtig. Onder het plafond is een fries aangebracht met blauw verlichte whiskyflessen. Heel bijzonder. De sfeer zit er goed in bij ons groepje dankzij de prosecco als aperitief, gevolgd door een flesje wijn en als afsluiter een whisky. Dubbel en dik verdiend na al die ontberingen die we doorstaan hebben!

IMG_3578

IMG_3585

IMG_3598

We kruipen op tijd in bed om de volgende dag er weer tegenaan te kunnen gaan!

Winkelen in de Cora

Deze middag ben ik samen met twee collega’s in een wagen van ‘t werk naar de Cora gereden om inkopen te doen voor mijn afscheidsfeestje op het werk. Nu moeten jullie weten dat ik tegenwoordige vaak in van die minimarkets of buurtwinkels mijn inkopen doen, dus ik was hevig onder de indruk van de gigantische oppervlakte én het gigantische aanbod van de Cora in Anderlecht. De winkel was zo groot dat ik er bijna in verloren liep! Gelukkig waren mijn collega’s erbij om me de weg naar de drankenafdeling te tonen, want anders was ik nu waarschijnlijk nog aan het zoeken. 😉 We sloegen een fijn voorraadje in en nu maar hopen dat mijn collega’s donderdag in de party mood zijn!

Afscheidslunch nummer 3

Jawel, hier zit ongetwijfeld een reeks in. 😉 Deze middag lunchte ik gezellig met een oud-collega op het terras van de Fanny Thai. Gewoon gezellig bijbabbelen, maar in de wetenschap dat dit misschien onze allerlaatste gezamenlijke lunch ooit zou kunnen zijn. Het maakt dat ik al de ervaringen die ik nu beleef, veel intenser ervaar. Alsof ik voor mezelf genoeg herinneringen wil maken om mee te nemen naar Genève.

IMG_4497[1]

IMG_4498[1]

Koude schotel in Zichem

Soms zit het gewoon ook eens mee met die treinen, vooral op een rustige zondagochtend. ‘t Zal dan toch waar zijn wat de NMBS al jaren beweert: dat het de passagiers zijn die voor de vertragingen zorgen. 😉 Leuven – Testelt is natuurlijk maar een kort ritje, dus veel kon er niet misgaan, maar met het track record van de NMBS van de laatste tijd weet je natuurlijk nooit.

In het station van Testelt werd ik opgehaald door onze kameraad en zijn twee kinderen. Ik moet telkens weer slikken als ik zie hoe groot en verstandig die kinderen al geworden zijn. De oudste zoon gaat volgend jaar al naar het eerste middelbaar! (Ok, hij zit wel een jaartje voor op zijn leeftijd, maar dan nog! het eerste middelbaar!)

Een half uurtje later arriveerde het tweede koppel genodigden met hun dochters. De kinderen verdwenen naar de speelkamer op samen te spelen, waardoor de volwassenen op hun gemak konden bijpraten. Al werden we een aantal keer naar boven geroepen om een show bij te wonen. 😉

De koude schotel die onze gastheer en gastvrouw voorzien hadden, was werkelijk overdadig te noemen. Alhoewel ik erg mijn best gedaan heb, denk ik dat ze de komende twee dagen nodig zullen hebben om al de overschot weg te werken. Koude schotels doen me altijd terugdenken aan mijn jeugd, dus ik ben altijd blij als deze klassieker op tafel komt. Soms gaat er weinig boven een klassieke tomaat garnaal of een opgelegde perzik gevuld met tonijnsla.

IMG_4485

IMG_4488

 

Eerste van de klas!

Een mens vraagt zich af waarom ik effectief zo zenuwachtig was voor die examens Koreaans. Toen ik vandaag mijn resultaat terug kreeg, blonk daar een schitterende 93 procent op mijn blad en kwam de juf mij feliciteren omdat ik de eerste van de klas was. Ik zal eerlijk toegeven dat ik erg blij ben met dit resultaat. Ik heb het gevoel dat ik me voor geen enkel taalexamen in heel mijn lange, lange carrière zo heb ingezet en dan is het natuurlijk fijn dat je loon naar werken krijgt. Wat het afscheid van mijn taallessen Koreaans nog eens zo moeilijk maakt.

Nadat we ons examen mochten inkijken, was het tijd voor een culturele activiteit! We mochten ons beste schoonschrift boven halen om Koreaanse kalligrafie te oefenen. Het lijkt bedrieglijk eenvoudig: met een penseel wat tekens op een blad papier schilderen, maar het is moeilijker dan het eruit ziet. Het Frans van onze leerkracht was ook erg beperkt, veel uitleg gaf het niet, dus wat het meer een trial and error situatie. In het begin splitsten de haren van mijn borstel altijd, waardoor er naast de hoofdpenseelstreek altijd een extra lijntje opdook. Het duurde even voordat ik door had dat ik het ganse penseel in de inkt moest doppen en niet enkel de punt. Dat had de leerkracht wel eens kunnen toelichten, vind ik persoonlijk.

IMG_4470[1]

Toen ik de juiste techniek min of meer door had, ging het beter, al bleek al snel dat ik gewoon niet het geduld heb om van die prachtige kalligrafische kunstwerken uit mijn penseel te schudden. Raar, want in een ver verleden heb ik nog kalligrafie gevolgd in het middelbaar onderwijs (die speciale kalligrafie-pen moet nog ergens op ons appartement liggen) en toen kon ik het geduld daar wel voor opbrengen. Nog jaren nadien heb ik mijn nieuwjaarsbrieven versierd met gotische letters. Met het ouder worden, neemt mijn ongeduld echter toen. Ik denk dit komt doordat ik me steeds meer bewust ben van het feit dat mijn tijd hier eindig is. En er zijn nog zoveel dingen die ik wil doen in het leven! Time is ticking!

IMG_4472[1]

Na ongeveer een kwartier gespendeerd te hebben aan het uitwassen van de kalligrafieborstel, besloot ik dat Koreaanse kalligrafie toch niet echt iets voor mij was. Na deze leerzame culturele activiteit, was het tijd voor de ceremonie: op min of meer amateuristische wijze kregen we ons getuigschrift overhandigd, waarna we in groep poseerden voor de foto.

Gelukkig duurde de ceremonie niet zo lang als vorig jaar. Na één enkel redelijk aanvaardbaar dansoptreden van wat studenten, konden we ons op de hapjes smijten. En die waren, zoals we dat gewoon zijn, weer dik in orde! Met een dikke knuffel nam ik naderhand afscheid van mijn juf. ‘k Zal haar chaotische manier van lesgeven missen! 😉

IMG_4475[1]

Will Grayson, Will Grayson – John Green en David Levithan

Misschien was ik lichtjes overmoedig toen ik lang lang geleden op Amazon een ganse box met boeken van John Green kocht. Hoewel ik The Fault in Our Stars zeker goed vond, maakten de andere boeken die ik van hem las, heel wat minder indruk. Ofwel is het young adult genre niet echt iets voor mij. Want ja, who am I kidding: de jaren dat ik een young adult was, liggen ondertussen al lang achter mij. En de problemen van young adults lijken me tegenwoordig zo futiel (toegegeven, dat leken ze mij ook al toen ik zelf nog een tiener was, al die boyfriend drama, ik kreeg er toen al een punthoofd van). Wat niet wegneemt dat er heel veel jongvolwassenen met serieuze problemen worstelen.

Enfin ja, Will Grayson Will Grayson, deed me eerlijk gezegd weinig. Uiteraard heb ik weer erg genoten van de prachtige schrijfstijl van John Green en bij uitbreiding David Levithan, een auteur die ik niet kende. Maar ook hier weer knapte ik af op het onrealistische verhaal. Serieus, kan je je voorstellen dat in een doorsnee Amerikaanse school een über gay gefêteerd wordt omdat hij een musical opvoert? Laat staan dat hij überhaupt acteurs voor zijn stuk zou vinden. Ik vond het allemaal heel erg ver gezocht. En ook de aantrekkingskracht tussen de twee mannelijke hoofdpersonages vond ik weinig geloofwaardig. En dat geldt eigenlijk ook voor de vriendschap tussen de hetero Will Grayson en über gay Tiny. Ik zag het gewoon niet.

Er zitten nog twee boeken in de box: Looking for Alaska en An Abuncance of Katherines. Aangezien de boeken van John Green lezen als een trein, zal ik niet nalaten ze allebei te lezen. ‘t Is dat ik John Green zo’n toffe mens vind. 😉

Afscheidsterrasje!

Zoals aangekondigd, rijgen de afscheidsmomenten zich aan elkaar. Veel mensen die niet naar mijn afscheidsfeestje kunnen komen, willen toch nog op de één of andere manier afscheid nemen. Aangezien ik erg prettig samengewerkt heb met veruit de meeste van mijn collega’s maak ik hier uiteraard graag tijd vrij voor.

En zo kwam het dat ik deze best wel heftige werkweek afsloot met een collega op het zonovergoten terras van cocktailbar Skylab (een zeer aangename ontdekking, trouwens). Ik had het op het werk al de ganse dag ijskoud gehad (een combinatie van een te goed werkende airco en vergeten een fleece mee naar het werk te nemen), dus die zon op mijn gezicht en armen deed extra deugd. De zon was straf genoeg om mij een warm en behaaglijk gevoel te bezorgen.

De collega met wie ik samen een cocktail en enkele glazen cava dronk, is één van de collega’s die ik leerde kennen toen ik vele jaren geleden als rookie startte bij ons bedrijf. In het begin had ik een beetje schrik van hem, want hij kan nogal nors en onvriendelijk overkomen. Maar toen ik hem beter leerde kennen, bleek hij een men met een fijn gevoel voor humor te zijn. Een goeie les om niet altijd op je eerste indruk af te gaan.

Samen hebben we onze portie reorganisaties en fusies min of meer goed doorstaan en hoewel we de laatste jaren niet echt meer samen gewerkt hebben, versterkte het feit dat we allebei Spaans aan het CLT in Leuven volgden onze band. Al moet ik toegeven dat we het vanavond bij Nederlands gehouden hebben, terugblikkend op de voorbije jaren en vooruitblikkend op wat de toekomst in petto heeft.

We bleven op het terras zitten tot de zon achter de huizen verdween en het echt te koud werd om nog langer de opstekende wind te trotseren. Eén ding is zeker: ik zal zijn geknor missen, ginds in Genève!

Japanse lunch!

Doordat we deze middag onverwacht een spoedvergadering hadden bij onze grote baas, moest onze kersverse collega die een maand of twee geleden startte bij een ander team, haar lunchdate afzeggen. Aangezien het overleg met de grote baas niet al te lang duurde, bood ik aan in te springen en samen te gaan lunchen. Ook de derde collega die bij het overleg aanwezig was, zag zo’n lunch wel zitten. (De grote baas nodigden we niet uit voor ons onderonsje. 😉

Omdat mijn collega oorspronkelijk sushi wilde gaan eten, belandden we bij de Samouraï, alwaar de bentobox lunch alweer niet teleurstelde. Ok, we kregen niet enkel sushi geserveerd, maar ik hoorde niemand klagen daarover!

Ergens wel spijtig dat er bijna geen tijd meer resteert om deze nieuwe collega beter te leren kennen. Nog drie werkweken en ik trek immers de deur van ons bedrijf achter me dicht. De nieuwe collega is alleszins een inspiratie voor onze emigratieplannen, want heeft zelf in Caïro en Nederland gewoond en een tweetal maanden in Canada gewerkt. Pittige dame!

bentobox

Avonturen met het openbaar vervoer

‘t Was vandaag niet de beste dag voor de NMBS. Deze ochtend viel de locomotief van mijn trein naar Brussel in panne in het station van Leuven en kwam ik bijgevolg dik twintig minuten te laat op het werk. Gelukkig was er een extra trein naar de kust waarop ik in Leuven station kon overstappen om de schade enigszins te beperken.

Deze avond ging ik dan met wat collega’s naar de vernissage van een collega die zijn afstudeerwerk fotografie tentoonstelde in het oude Havenhuis van Antwerpen. In de loop van de dag had ik al allerlei berichten gekregen van collega’s die gigantische vertragingen hadden opgelopen omdat er in Duffel en tussen Landen en Hasselt persoonsongevallen (eufemisme voor zelfmoord) gebeurd waren. Nu, ik hoopte dat de naweeën daarvan tegen de avond wel weggewerkt zouden zijn. IJdele hoop, natuurlijk.

Toen mijn collega’s en ik in het Brussel-Centraal aankwamen (nadat we eerst in ons kantoorgebouw een heerschap geholpen hadden die naar een afgelaste brainstorm kwam), bleken alle treinen gigantische vertragingen te hebben om wille van problemen met de seinen. De eerstvolgende trein naar Antwerpen was een stoptrein die er maar liefst 1 uur en 11 minuten over zou doen. En de daarop volgende trein (die van 18.01u) kwam er maar niet door. We zagen de vertragingen alleen maar aantikken en beslisten wijselijk om eerst snel iets te gaan eten in de buurt van Brussel-Centraal.

Brasserie 28 leek de beste optie, want gelegen in het station zelf. Gelukkig was er plaats zat. We bemachtigden zonder problemen een tafeltje en bestelden snel snel een hamburger (jawel op nog geen maand tijd heb ik maar liefst twee keer een hamburger gegeten, terwijl ik me daarvoor de laatste keer dat ik een hamburger at zelfs niet meer voor de geest kon halen), in de hoop dat zo’n hamburger de naam fast food alle eer zou aandoen. Het duurde toch nog langer dan een kwartier voordat we bediend werden, dus veel tijd om op ons gemak te eten restte er ons niet.

IMG_4454[1]

Maar kijk, de NMBS-goden waren ons goed gezind: de trein van 18.01u die we oorspronkelijk wilden halen, was er uiteindelijk toch doorgekomen met maar liefst een uur vertraging. We feliciteerden onszelf met onze geniale inval om eerst iets te gaan eten en stapten blij gezind op de trein richting Antwerpen. Ons goed humeur kreeg een kleine deuk toen de conducteur na een kwartiertje sporen via de intercom liet weten dat de trein ‘wegens te hoog opgelopen vertraging’ niet verder zou rijden dan station Mechelen.

Niets aan te doen uiteraard, buiten afstappen in Mechelen en daar de eerstvolgende trein naar Antwerpen-Centraal te nemen. Ondertussen zagen we de tijd verder wegtikken en werd het al twijfelachtig of we het officiële openingswoord van Vitalski om 20u nog wel zouden halen. Gelukkig konden we vrij snel op de Amsterdammer van 19.25u overstappen en kwamen we rond 19.45u in het station van Antwerpen aan.

We slaagden er vervolgens in de juiste bus vlak voor onze neus te missen en besloten dan maar het openbaar vervoer te laten voor wat het was en een taxi te nemen naar het oude Havenhuis van Antwerpen. De taxichauffeur was een buitenlander die het in Keulen hoorde donderen toen we Entrepotkaai opgaven als bestemming en ook het tonen van het adres op Googlemaps leverde niks op. Gelukkig reageerde hij wel toen ik zei dat we in de buurt van het MAS moesten zijn. Na wat omwegen wegens al de werken in Antwerpen, bereikten we tot onze grote vreugde stipt om 20.02 het oude Havenhuis.

Natuurlijk begon de speech van Vitalski uiteraard pas om 20.20u, maar we waren gewoon erg blij dat we er na veel vijven en zessen toch geraakt waren. Daarna volgde een heel fijne avond, met een prachtige voorstelling van de werken van onze collega door Vitalski. Die werken zelf mochten er trouwens ook zijn: het thema was ‘afbrokkelende macht’ en ik hield vooral van de soberheid en vergankelijkheid die zijn beelden uitstraalden. Een zeer geslaagd afstudeerproject.

Vervolgens zwermden mijn collega’s en ikzelf uit over het oude Havenhuis om de rest van de tentoongestelde werken te bewonderen, al vond ik deze persoonlijk niet allemaal even kwaliteitsvol. Mijn collega zijn werken staken er voor mij toch wel bovenuit, samen met die van een fotografe die de Siberische winter in beeld gebracht had. Zeer knap! Alleen jammer dat het zo heet was in de afstudeerlocatie.

We dronken nog een glaasje tequila (het drankje dat bij de werken van mijn kersvers afgestudeerde collega hoorde) onder collega’s en toen was het tijd om weer huiswaarts te trekken. Mijn leidinggevende en ikzelf slaagden erin een bus te nemen die tot ons tot aan de Rooseveltplaats bracht en van daar was het niet ver meer naar Antwerpen-Centraal. Met een klein spurtje slaagde mijn collega erin met enkele seconden respijt haar trein naar Brussel te halen, terwijl ik op mijn gemak naar spoor 4 wandelde voor de trein naar Leuven.

Een bijna probleemloze (natuurlijk moest de trein even stoppen om een andere trein voor te laten) treinrit later stapte ik af in het station van Leuven. De NMBS, een onuitputtelijke bron van vermaak ende vertier.

Immaterieel cultureel erfgoed

Gisteren vond onze jaarlijkse afdelingsdag plaats. Enfin ja, halve afdelingsdag, want het is momenteel zo druk op het werk dat het beter leek de afdelingsdag in twee stukken te organiseren: een halve dag in juni en een tweede halve dag in september. Dit opdat niemand gestresseerd zou raken door een ganse dag opgelopen werkachterstand.

Nog niet zo lang geleden viel de Belgische biercultuur een grote eer te beurt door de erkenning als immaterieel cultureel erfgoed door UNESCO. Vandaar dat een bierwandeling doorheen Brussel wel een goed idee leek. Helaas moet ik eerlijk zeggen dat de wandeling tegen viel en dat lag voor de volle honderd procent aan de gids die ons rondleidde. Nog nooit zoveel belegen en seksistische moppen te horen gekregen op twee uur tijd. Je zag letterlijk dat verschillende van mijn collega’s ongemakkelijk werden bij alweer een foute mop. Op den duur werd het zo surreëel dat we niet anders konden dan lachen. Vooral de opmerking over de nail studio’s en de fetish shop waren geweldig (not). De man was zelf erfgoed, denk ik, want een welluidend mens zou die moppen al lang in de vorige eeuw hebben achtergelaten.

We maakten een tussenstop in authentiek Brussels café Á la Bécasse, alwaar we lambic en kriek te drinken kregen, vergezeld van een charcuterieschotel. Ik drink normaalgezien geen bier, maar om de Belgische biercultuur te ondersteunen, bestelde ik een kriek. De kriek viel, in combinatie met de charcuterie, beter mee dan verwacht. Ik vond het niet afschuwelijk slecht, zoals de meeste bieren die ik al geproefd heb.

IMG_4437

De wandeling eindigde in het Brouwershuis, dat ik een teleurstellend excuus voor een museum vond, maar gelukkig is er beterschap op komst: binnenkort beschikt Brussel met de Belgian Beer Temple in het Beursgebouw over een groot biermuseum. In tussentijd zullen de toeristen vijf euro moeten ophoesten voor dit minimuseum, waarvan het leukste onderdeel ongetwijfeld het schattige café in de kelder is. Ditmaal stond ik mijn witbier af aan een collega. Eén bier op deze wandeling volstond voor mij ruimschoots. Helaas leerde ik tijdens deze rondleiding nul komma nul nieuwe dingen bij over ons Belgisch bier. Echt spijtig.

Om de teleurstelling weg te spoelen, gingen we met een aantal collega’s een ijsje halen bij Maison Dandoy, waar helaas al mijn favoriete smaken (citroen, straciatella, chocolade) uitverkocht waren en ik van pure miserie dan maar een bolletje vanille nam. Gelukkig eindigde de dag op een fijne manier in het gezelschap van mijn fantastische collega’s op het terras van het Muntpunt Café. Uiteindelijk is het het gezelschap dat telt!