Vandaag was ik voor de tweede keer deze week in Gent (ditmaal helaas niet voor een museumbezoek en een fijn etentje). En maandag is het weer van dat. Niet dat ik niet graag in Gent vertoef, zeer zeker niet, maar ‘t is toch een redelijk eindje sporen vanuit Leuven. Hoog tijd dat iemand eens een teleporter uitvindt. Gelukkig heb ik genoeg leesvoer om mij op de trein bezig te houden tot één of andere geniale uitvinder aan mijn verzuchting tegemoet komt.
Het huis van de toekomst
Eergisteren bracht ik samen met enkele collega’s die aan hetzelfde project samenwerken een bezoek aan het huis van de toekomst. Doel van dit bezoekje was de projectpartners samen te brengen in een niet-werkgerelateerde omgeving om zo de samenwerking te bevorderen en blablabla. Elk excuus is goed voor een leuk uitstapje. 😉 Natuurlijk moest er eerst wat vergaderd worden, daarna een uitgebreide lunch, nog een klein beetje brainstormen (ik mocht niet meedoen, ik moest naar de saaie stuurgroep) en als afsluiter naar het huis van de toekomst.
Ik ben tijdens een gesprek met één van de organisatoren zo stom geweest om te zeggen dat ik een fototoestel bij had. En zo werd ik plots gebombardeerd tot huisfotograaf. Niks saaiers dan mensen fotograferen die een presentatie geven. Voeg daarbij nog eens een slecht verlicht lokaal en tl-licht en jullie snappen waarom ik de foto’s nog niet van mijn toestel heb durven halen. Mijn externe flits had waarschijnlijk erg geholpen, maar al dat geflits stoort de sprekers. Dus heb ik alles zonder flits gedaan. Nuja, we zien wel. Hopelijk zitten er nog een paar tussen die gelukt zijn.
Het huis van de toekomst viel me wat tegen. Al de snufjes die ze ons daar trots demonstreerden zijn ondertussen al op de markt. Ik had toch wat meer futuristische ideeën verwacht. Ok, het huis was mooi en modern ingericht en zo’n badkamerspiegel waarin het weerbericht verschijnt is erg leuk, maar bijzonder of vernieuwend, niet echt. En RFID, vingerafdrukherkenning en Blu-ray zijn nu toch écht geen nieuwe technologieën meer. Voordat we het huis mochten betreden, kregen we eerst een promofilmpje van Johnson & Johnson te zien. Over hoeveel geld het ontwikkelen van medicijnen toch wel niet kost en hoe erg het toch wel niet is dat hun octrooien zo beperkt geldig zijn (en awoert voor generische medicijnen, maar zover ging het filmpje natuurlijk niet). Die arme geneesmiddelenproducenten toch.
Ik vond het huis vooral erg commercieel. Elk onderdeeltje was gesponsord en het lieve meisje dat ons rondleidde had duidelijk de opdracht gekregen om de sponsors te vermelden. Jaja, SN Brussels Airlines heeft comfortabele zetels in business class en Volvo heeft het dodehoekprobleem netjes opgelost. En de transparantie bij ING is uniek binnen de banksector. 😉 En u wilt toch ook een muur met swarovskikristallen? Kost maar duizend euro per vierkante meter, zo’n mooi blinkend muurtje. Neen, ‘k was veel liever naar het eerste huis van de toekomst geweest. 😉
De Sint ziet mij een beetje té graag
Hoe ga ik in godsnaam al die chocolade figuurtjes en al die marsepein ooit op krijgen? Altijd al geweten dat ik veel te braaf ben. 😉
IJskristallen
De vliegeraar
Bijna in één ruk uitgelezen, deze debuutroman van Khaled Hosseini. De hoofdrol is voor een Afghaanse jongen die worstelt met een vreselijk schuldgevoel, jaren geleden ontstaan toen hij zijn beste vriend en bediende op een cruciaal moment in de steek liet. Een schitterende bijrol is echter weggelegd voor Afghanistan, een land, dat alhoewel reeds jaren in het nieuws, voor ons westerlingen niet meer is dan een naam op een kaart. Een beeld in ons hoofd van woestenijen en godsdienstfanatisme. Deze roman toont een andere kant van dit land. Een menselijke kant die tot leven komt door de liefdevolle beschrijvingen van de jeugd van het hoofdpersonage.
Ik zou “De vliegeraar” aan iedereen willen aanraden. Vooral het eerste en tweede deel zijn sterk, het derde deel waarin het hoofdpersonage terugkeert naar Afghanistan vond ik een tikkeltje te melodramatisch en deed mij door de resem toevalligheden wat artificieel aan. En tja, ik weet niet hoe het komt, maar ik had alweer ergens in het begin door wat de relatie was tussen de twee jongens. Toch wel een beetje jammer.
Eros, de assistentiehond
Zonet even langsgegaan bij onze blinde onderbuur. Sinds een paar dagen is zijn nieuwe assistentiehond (en dus geen hulphond, bedankt Daphné) er en die moesten we natuurlijk gaan bewonderen. Een mooie herdershond die (heel grappig) graag zijn staart achterna zit. Zijn baasje zei dat hij Eros binnenkort speelgoed zal kopen en dat hij dan zal stoppen met zijn staart achterna te rennen. Wie weet brengt de Sint wel wat speelgoed voor Eros, op voorwaarde dat hij braaf is en zijn bovenburen ‘s nachts niet wakker blaft. 😉
Een zware werkdag
Vanochtend tot acht uur in bed gelegen, op mijn gemak ontbeten, op de trein van 9.00u richting Gent gestapt. In het station van Gent Sint-Pieters een vrolijke bende collega’s tegen het lijf gelopen. Samen door het Citadelpark naar het MSK Gent gestapt. Genoten van de “British vision” tentoonstelling en de uitstekende uitleg van onze gids. Teruggedacht aan ons bezoek aan het Tate Britain in Londen. Persoonlijke uitschieter: de schilderijen van John Constable.
Na de tentoonstelling ging het richting Pakhuis, alwaar we ons te goed deden aan sushi en oesters als aperitiefhapje (niet veel oesterliefhebbers onder mijn collega’s, geen erg ik offerde mij graag op), tomaat garnaal als voorgerecht, waterzooi met vis (veel te flets van smaak naar mijn goesting, eet géén waterzooi in het Pakhuis) en als toetje chocomousse. Fijn nagebabbeld en mij vervolgens laten verleiden om nog een stukje warme appeltaart te gaan eten in taverne Fritz in de Donkersteeg. Decadent, ik weet het.
Het moeten niet altijd vergaderingen zijn, he!
Hoe zou het nog…
Met Ariel Sharon zijn?
Gruwelijk niet-leven. Botten, huid en pezen. Een leeg omhulsel op een ziekenhuisbed. Machines die de illusie van een mens in stand houden. Gruwelijke niet-dood.
A family affair
Gisteren waren we uitgenodigd voor een etentje bij X, de broer van mijn vriend. X woont al sinds mei samen met zijn vriendin, maar tot op heden hadden we nog geen tijd gevonden om hun liefdesnestje te keuren. We kregen niet alleen voor het eerst het appartement te zien waar X zich door zijn vriendin laat vertroetelen (en dat mogen jullie gerust letterlijk nemen, het klassieke rollenpatroon is blijkbaar weer helemaal terug), het etentje was ook de vuurdoop van het nieuwe vriendje van W, de zus van mijn vriend. (Sorry mensen, de knappe vrijgezelle zus van mijn vriend is van ‘t straat. Jullie mogen allemaal in een hoekje gaan zitten huilen.)
Het mag gezegd: de nieuwe aanwinst voor de familie heeft zijn maidentrip met glans overleefd. We waren zelfs erg blij toen K en W na wat vertraging arriveerden. Het gesprek met broer X en zijn vriendin verliep een beetje stroefjes. Broer X en zijn vriendin zijn een beetje aan de stille kant en we hebben niet zo heel veel met elkaar gemeen, wat soms zorgde voor ongemakkelijke stiltes. Van ongemakkelijke stiltes in het gezelschap van nieuwe aanwinst K was er echter geen sprake. Een vlotte babbelaar met een brede glimlach. Alleen jammer dat hij van Antwerpen is. 😉
Spock.com
Ik ben nog maar net overstag gegaan voor Plaxo Pulse of daar rollen al en masse de uitnodigingen voor spock.com binnen. De hypes in het wereldje van de social networking volgen elkaar steeds sneller op. Denk dat ik toch nog even de boot ga afhouden. Sorry, mensen. 😉