Prelude: De nacht voor ons vertrek bijzonder weinig geslapen. Wat stress voor de lange vlucht en tegelijkertijd schrik dat de overstap in Moskou te kort was om ook onze bagage op het vliegtuig te krijgen. Ondanks het feit dat onze vlucht naar Moskou pas ‘s middags vertrok, was ik dus allesbehalve uitgeslapen.
De belangrijkste reden voor deze trip naar Japan was het huwelijk van onze Belgische kameraad met zijn Japanse vriendin. Een unieke kans die we niet konden laten liggen. In de luchthaven van Zaventem maakten we kennis met de vader van de bruidegom en zijn vriendin. Het was voor de vader de eerste keer dat hij een transatlantische vlucht nam. Hij was in zijn leven nooit verder geraakt dan Spanje en zag op tegen de lange vlucht. Dat deed ik zelf ook. Zo lang verplicht met een hoop mensen samen zitten in een kleine, oncomfortabele ruimte is niet aan mij besteed. Spijtig dat de concorde niet meer vliegt.
De overstap in Moskou verliep zonder problemen. We hadden iets minder dan anderhalf uur de tijd om ons van Terminal F naar Terminal D te verplaatsen en die tijd konden we goed gebruiken. Moskou is een reusachtige, drukke luchthaven vol met boos kijkende Russen. I loved it! Ik kan niet wachten om een écht bezoek aan Moskou te brengen.
De rest van de vlucht verliep zonder noemenswaardige incidenten. Van het Japans herhalen op het vliegtuig kwam echter niet veel in huis. In de plaats daarvan keek ik naar ‘Mission Impossible: Ghost Protocol’ (best wel te pruimen, vooral de scènes in en rond de Burj Khalifa in Dubai waren indrukwekkend, ik kreeg er klamme handjes van), ‘This means war’ (een flauwe romantische komedie over twee knappe spionnen die allebei verliefd werden op hetzelfde meisje) en een stuk van een film met Charlize Theron waarvan de naam me ontglipt. Ik probeerde tussendoor wat te slapen, maar zoals gewoonlijk lukte dit niet al te best.
Op Narita airport hadden we afgesproken met kameraad P die vanuit Frankfurt naar Tokyo vloog. Hij kwam tweeëneenhalf uur vroeger dan ons aan, maar wilde graag samen met ons naar het hotel reizen. De bruidegom had al zijn Belgische gasten in hetzelfde business hotel (Toyoko Inn in Shinjuku) ondergebracht en zo’n eerste kennismaking met Tokyo en zijn openbaar vervoer kan best heftig zijn.
Spijtig genoeg moest kameraad P een beetje langer dan verwacht op ons wachten. Zoals ik had gevreesd bleven de vader van de bruidegom, zijn vriendin, mijn vriend en ikzelf als laatste bij de transportband achter. Geen spoor van onze valiezen. Gelukkig kwam daar een behulpzame Japanse Aeroflot-dame aangedwarreld met een papier met onze naam op. Dat onze valiezen de overstap in Moskou niet gehaald hadden en sorry, sorry, sorry en of we deze papieren konden invullen.
Toch even hard moeten nadenken of onze valiezen al dan niet een cijferslot hadden en of ze nu zwart dan wel donkergrijs waren. Na een ellenlange vragenlijst (die we ook nog eens naar het Nederlands moesten vertalen voor onze Engelsonkundige mede-passagiers) mochten we beschikken. Maar eerst nog de douane passeren die erg argwanend keek naar alle flessen bier die we meezeulden (cadeau voor de bruid en bruidegom en onze Japanse vriendin met wie we later hadden afgesproken).
Gelukkig was vriend P nog niet met zijn stoeltje vergroeid geraakt, konden we (letterlijk) op de eerstvolgende trein naar Shinjuku springen, aten we snel iets in het station van Shinjuku en kwamen we een kleine taxirit later in het hotel aan. Met in onze handbagage twee fototoestellen, twee computers, een hoop lenzen voor deze fototoestellen, een kluwen aan kabels en opladers, een zonnebril, twee brillen, twee propere onderbroeken (de mijne, want ik was vooruitziend geweest), tien flessen bier en verder helemaal niks.
Tot overmaat van ramp konden we nog niet inchecken in ons hotel (slechts mogelijk vanaf 16.00u en het was op dat moment 15.00u) en we wilden ons dolgraag opfrissen. Dan maar iets gaan drinken (hmm, frozen mango) om de tijd te doden en nog snel een haarborstel voor mij gekocht, want die paste niet meer in de handbagage en je wil mij echt niet met ongekamd haar zien.
Gelukkig zijn Japanse hotels allemaal voorzien van de nodige toiletartikelen zodat we onze tanden konden poetsen nadat we eindelijk konden inchecken. Ondertussen waren we al ettelijke uren wakker, maar we wilden het nog wat rekken om zo snel mogelijk in het juiste ritme te vallen. Daarom bezochten we het Tokyo Metropolitan Government building (de kantoren van het gemeentebestuur van Tokyo gebouwd door architect Tange Kenzo). Megalomane gebouwen met een magnifiek uitzicht dat gratis te bezichtigen valt. We waren hier vorig jaar al geweest, maar dit jaar kregen we als bonus het uitzicht op de Fuji-san bij ondergaande zon.
Boven in het Metropolitan Government building ontmoetten we onze bruidegom in spé, super ontspannen en een paar kilootjes lichter dan de vorige keer dat we hem zagen. De liefde en het Japanse eten hadden hem duidelijk deugd gedaan.
Voor het avondmaal trokken we naar een traditionele izakaya, een soort Japanse taverne, maar dan met heerlijk gezond eten voor een erg schappelijk prijs. Eten bestellen deden we via een touch screen (of hoe tradities en moderniteit elkaar ontmoeten). De bruidegom bestelde een leuke variatie aan gerechtjes, waarvan de één al beter in de smaak viel dan de andere. De kippenlevertjes bleken niet populair, de kippentenen evenmin. De gefrituurde garnalen die je in zijn geheel kon opeten vond ik dan weer zalig lekker.
Na het eten was onze pijp uit en trokken we voor een welverdiende nachtrust naar ons hotel, hopende dat we de volgende dag, zoals beloofd, met onze valiezen herenigd zouden worden.










