Gisteren wilde er iemand mijn leslokaal afpakken (gelukkig niet gelukt). Deze ochtend was de sleutel van het computerlokaal verdwenen, terwijl mijn collega honderd procent zeker was dat hij die gisteren heeft afgegeven aan het onthaal. En gisteren heeft iemand van de cursisten de linker- en rechtermuisknop omgewisseld. Eer ik dat doorhad… Te veel snot in mijn hoofd, waarschijnlijk.
Author: yab
Enthousiasme
Als afsluiter van de werkdag had ik een gesprek met twee jonge kerels die nog niet zo lang geleden een startup uit de grond gestampt hadden. Ze waren zo enthousiast dat hun woorden over mekaar buitelend naar buiten kwamen. Haasje over met elkaar spelend, lukte het hen niet hun zinnen af te maken. Noch mij, noch elkaar lieten ze uitspreken. Ze hadden heel wat te zeggen en ze konden gewoon niet wachten tot de ene zin voltooid was om met de andere te beginnen.
Ik wou dat de vlam van de passie in mij ook zo woest woedde.
Zeehond
Ik klink als een verkouden zeehond en na drieënhalf uur lesgeven voelde mijn keel aan als een vochtige rasp, maar verder ben ik erg tevreden over het tweede lesavontuur deze week. Nog vier lessen te gaan en ik mag juffrouw yab weer opbergen voor een tijdje. Ik zal haar zowaar missen.
Drie uur vergaderen over pietluttigheden
Al een geluk dat het maar één keer per jaar Algemene Vergadering is. De grijze zonnewering op het hoogste terras is dus goedgekeurd en het voorstel om aan alle ramen dezelfde gordijnen te hangen is er gelukkig niet doorgekomen. They can’t be serious, right?
Chance dat ik in goede stemming was na een bijzonder verzorgde receptie mét chocoladefontein. Innovatief zijn, begint met lekkere hapjes.
Valentijn
Mijn vriend en ik zijn niet zo romantisch ingesteld, maar toch kunnen we het niet laten elk jaar op Valentijn een restaurantje aan te doen. Bourgondiërs als we zijn, hebben we niet veel excuses nodig om lekker te gaan eten. We kozen voor de Oesterbar, omdat dit piepkleine restaurantje in de Muntstraat meedeed aan de Leuvenkooktkunst-actie. Onze keuze bleek een schot in de roos. Een echter aanrader.
Al dan niet romantische dingen die we gisteren nog deden: winkelen in de Delhaize (naar het schijnt mankeren daar wat Unilever-producten, ik kan niet zeggen dat we daar veel last van ondervonden hebben) en doorheen Leuven lopen om wat cultuur op te snuiven tijdens Kulturama en Artefact. Hoogtepunt was het onverwachte concert in de universiteitsbibliotheek, waar we twee prachtige stukken meepikten uitgevoerd door het Emanon ensemble. Vooral het speciaal voor de gelegenheid gecomponeerde stuk van beeldend kunstenaar George De Decker was magnifiek.
Vrijdag de dertiende
Als ik tijd had, zou ik een berichtje schrijven met daarin de woorden: gezellig, pasta, Antwerpen, Al Dente, vrienden, zwangere vriendin.
PS: We hebben nog maar eens de foto’s van Australië van commentaar voorzien. Ik hoop nu echt dat dit de allerlaatste keer was, want ik ben er stilaan over uitgepraat.
Studiekeuze
Stel dat je alles mag overdoen. Dat je opnieuw een studiekeuze mag maken. Zou je dan precies hetzelfde doen? Nu je weet wat je toen niet wist?
Die vraag stelt Nike aan haar lezers. Net als Lien wil ik hier graag een apart berichtje aan wijden.
Het antwoord op deze vraag is simpel: neen, ik zou niet precies hetzelfde doen. Ik zou voor een nóg bredere vorming gaan in mijn middelbare school opleiding. Ik ben ervan overtuigd dat de combinatie van Latijn en wiskunde de beste voorbereiding is op latere universitaire studies (waarvan ik altijd al geweten heb dat ik die zou doen). Jammer genoeg heb ik Latijn maar tot in het vierde middelbaar gevolgd, omdat de combinatie Latijn – 8u wiskunde in mijn school niet aangeboden werd.
Als een echt watje, koos ik voor mijn vertrouwde school en mijn vertrouwde vrienden en liet ik Latijn vallen voor de wiskunde. Ik heb daar nu nog altijd spijt van. Let op, ik was zeer goed in wiskunde. Bij het afstuderen zelfs een prijs gekregen voor dit vak. (De prijs voor Frans en Nederlands kreeg ik niet omdat er per leerling maar één prijs uitgedeeld werd, flauw, flauw.) Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik mezelf de meest interessante jaren Latijn ontnomen heb. Tot en met het vierde leer je woordenschat en grammatica, maar in het vijfde en het zesde ga je echt de klassieken lezen. Ik zou die klassieken nu wel opnieuw ter hand kunnen nemen, maar ik kan ze niet meer lezen in hun eigen taal.
Voor mij is wiskunde het beste startpunt voor wetenschappelijke opleidingen en Latijn de beste basis voor talen. Ik merk in mijn taallessen aan het CLT dat die vier jaar Latijn het mij makkelijker maken om andere (Europese) talen te leren. Naamvallen en zo, fluitje van een cent, in Latijn hebben we dat allemaal geleerd. Verder ben ik ervan overtuigd dat het steeds mogelijk is ‘verkeerde’ keuzes recht te zetten. Wil je toch graag een wetenschappelijk richting doen aan de unief, maar volgde je in het middelbaar talen? Volg dan een voorbereidend jaar. Laat je keuzes daardoor niet beperken. En wat is nu een extra jaar op een mensenleven?
Een volgende vraag is of ik nog dezelfde studierichting zou volgen aan de unief. Dit vind ik een heel moeilijke vraag. Ik denk het wel, maar ik zou misschien wat harder studeren, wat meer naar de les gaan (of naar de les gaan, tout court) en wat minder uitgaan en sociaal actief zijn. Al heb ik in mijn studententijd zoveel fantastische mensen leren kennen dat ik daar een heel leven op verder kan teren. En natuurlijk heb ik tijdens mijn, toch wel wilde, studententijd mijn vriend leren kennen.
Ondertussen heb ik twee universitaire diploma’s op zak. Eentje in de richting toegepaste wetenschappen en eentje in de humane wetenschappen. En ik ben nu stevig aan het denken om daar misschien nog een diploma aan toe te voegen. Ik heb als kind nooit geweten wat ik wilde worden. En helaas, ik denk dat het nog steeds niet weet.
Happy Birthday, dear yet another blog!
Ik bedacht me net dat deze blog vandaag vier jaar bestaat. Ik was er me helemaal niet van bewust dat ik al zo lang aan het bloggen ben. How time flies.
Stommiteiten
Gelukkig ben ik niet de enige die af en toe stommiteiten uithaalt. Gisteren, zo rond een uur of kwart voor twaalf, kreeg mijn vriend telefoon van K. Ik ving enkele flarden op van het gesprek waaruit ik kon opmaken dat K op zoek was naar een zeskantige sleutel. Nogal een vreemd verzoek, vond ik, zo om kwart voor twaalf ‘s nachts. Maar ja, K is een knutselaar die niet zoveel slaap nodig heeft.
Vraagt mijn vriend: “Is het goed dat K effe langskomt, zijn auto zit opgesloten in een parking.” Ik: “huh?”, want we gingen gisteren een poging doen om vóór middernacht in bed te liggen en er scheidden ons nog slechts vijftien minuten van het middernachtelijke uur. Maar een vriend in nood, moet men natuurlijk helpen. Daar offeren we gaarne een beetje slaap voor op.
Zo’n vijf minuten later stond K voor de deur, samen met T en een onbekende jongeman die net zoals K per ongeluk in dezelfde situatie beland waren. Wel grappig, want het was al lang geleden dat ik T nog eens gezien had en hij was duidelijk een beetje gegeneerd. Blijkbaar werd die parking vroeger nooit afgesloten, maar nu dus blijkbaar wel. Om de drie opgesloten wagens te bevrijden, namen ze onze hele gereedschapskist mee. Better safe than sorry.
Gisterenavond hebben we niks meer van hen gehoord, dus ik neem aan dat ze het hek dat de parking afsloot losgekregen hebben. Benieuwd hoe lang ze daar over gedaan hebben…
De trein is altijd een beetje reizen
Ja, deze slagzin van de NBMS wordt te pas en te onpas gebruikt en misbruikt, maar gisteren belandde ik in een situatie die perfect omgeschreven wordt door deze gevleugelde woorden.
Gisterennamiddag werden ik en mijn collega’s verwacht op de personeelsvergadering. Omdat onze talrijke aantallen het niet toelieten een vergaderzaal in ons eigen gebouw te gebruiken, moesten we uitwijken naar een locatie in de buurt van het station Brussel-Noord.
Blijgezind trok ik met een zestal collega’s naar het station van Brussel-Centraal (aja, want na de vergadering zouden we voor onze aanwezigheid beloond worden met een happy hour). De trein die we wilden nemen op spoor 5 en die ons in vijf minuutjes naar Brussel-Noord zou brengen, stond echter aangekondigd met een flinke vertraging. Geen nood, op hetzelfde spoor stopte enkele minuten later de Amsterdammer.
Mensen die mij kennen, weten dat ik gezegend ben met bijzonder slechte ogen (een nieuw bezoek aan de oogarts dringt zich op, maar ik blijf het uitstellen). Dus omdat ik de borden met de stopplaatsen niet goed kon lezen, vroeg ik aan mijn medereizigers of ze wel zeker waren dat deze trein in Brussel-Noord stopte. Jaja, absoluut zeker. Ok, ik heb het volste vertrouwen in mijn collega’s, dus ik stap op de trein.
Enfin, jullie voelen het ongetwijfeld al aankomen. In Brussel-Noord stopt de trein, maar de deuren naar het perron blijven potdicht. Eerste reactie: de deuren van ditcompartiment zullen kapot zijn. Volgende compartiment: van ‘t zelfde. Langzaam begon het ons te dagen dat deze trein inderdaad niet stopte in Brussel-Noord. Een mooi staaltje van groepsgedrag. Iemand zegt met overtuiging: jaja, die stopt daar en niemand neemt meer de moeite om effectief na te gaan of deze bewering wel klopt. Als ik alleen had gereisd was mij dit beslist niet overkomen.
Verzachtende omstandigheden: blijkbaar is de halte Brussel-Noord pas afgeschaft sinds de nieuwe dienstregeling in december. Achteraf heb ik van een kennis bij de NMBS gehoord dat hier heel wat politiek getouwtrek aan te pas is gekomen, want wie schaft er nu een halte in een groot station als Brussel-Noord af. Dus ja, daar zaten wij op de Amsterdammer, op weg naar Mechelen. Al een geluk dat de halte in Mechelen níet afgeschaft was, want anders waren we mooi op weg naar Antwerpen geweest.
Enfin ja, in Mechelen hebben we dan braaf de trein terug naar Brussel-Noord genomen en we waren nog net op tijd om de afsluitende woorden van de laatste spreker op te vangen. En toen was het tijd voor het Happy Hour!