Lesgeven

Ik blijf me erover verbazen hoe plezant ik dat telkens weer vind, lesgeven. En dat terwijl ik vroeger dure eden gezworen heb dat ik nooit voor een klas zou staan. Al denk ik wel dat voor een klas met volwassenen staan, die betaald worden om daar te zitten, iets heel anders is dan voor een klas met losgeslagen pubers.

Bolle buik barbecue

Ik blijf het vreemd vinden, zo’n zwangere buik die voortdurend van vorm verandert en dan weer hier, dan weer daar een bult vertoont.

Gisteren woonden mijn vriend en ik ergens in het Antwerpse het “laatste feestje voordat de baby komt” bij. En wanneer die baby komt, dat staat al vast, want het wordt een keizersnede omdat het bekken van de mama te smal is. Toekomstige mama L was een beetje verdrietig, omdat haar geen natuurlijke bevalling gegund is. Maar ze was vooral blij omdat ze volgende week haar baby in haar armen zal houden. L leek maar half aanwezig, trouwens. Zwangere vrouwen hebben dat wel meer, dat in zichzelf gekeerde, alsof ze op het einde van de zwangerschap voortdurend stilzwijgend met de baby communiceren.

We dronken mojito’s (de zwangere vrouwen natuurlijk niet), aten barbecue, spraken een videoboodschap in voor de baby, gaven nog een kleine fotovoorstelling over onze Australiëreis en keken samen naar de bewegingen in de buik. Ik legde mijn hand op de buik van L en voelde het leven daarin bewegen. Onwezenlijk toch wel. Volgende week zal die buik weg zijn en kan ik op de foto met een pasgeboren baby’tje. Ik zal vrijdag alvast duimen dat alles goed gaat en dat L snel herstelt van de operatie.

De meest gestelde vraag

Die we de laatste tijd te horen krijgen, is: “En druk bezig met de voorbereidingen voor jullie feest?” Waarop ik dan steeds ontkennend moet antwoorden. Neen, we zijn helemaal niet druk bezig met de voorbereidingen. Buiten een afspraak maken met de kapper en eventueel een schoonheidssalon, weet ik echt niet wat er nog voor te bereiden valt. ‘t Is geen trouwfeest, he mensen…

Spontaneïteit

Ik wil al eens klagen over het gebrek aan spontaneïteit in mijn leven. Dus gisteren, na het examen Russisch, dacht ik: “Het is fantastisch weer om een terrasje te doen. Al dat andere werk kan nog wel even wachten.” Ik belde mijn vriendje en stelde voor om te informeren of onze Leuvense vrienden C en H ons niet wilden vergezellen. Dat wilden ze gaarne. Ik zocht alvast een plekje op het terras van de Appel en wachtte tot mijn gezelschap me vervoegde. En zo zaten we tot na middernacht te babbelen onder het genot van een glaasje sangria van ‘t vat.

Lang leve de spontaneïteit.

Gezocht: goed excuus

Ergens had ik het een beetje verwacht. Maar toen ik van enkele collega’s hoorde dat zij hun brief al ontvangen hadden, hoopte ik dat ik er niet bij zou zijn. Maar het is dus zover. Vorige week stak er een droog briefje in de brievenbus: of ik aub naar het politiekantoor kon gaan om daar de blijde boodschap op te halen. Brave burger als ik ben, stond ik zaterdagochtend in het politiebureau alwaar de dame in kwestie mijn brief helemaal niet terugvond. Stiekem hoopte ik op een administratieve fout. Die hoop werd echter door een voicemailboodschap op maandagochtend de kop ingedrukt.

Gisterenavond werd ik dan door een lang aangehouden beltoon opgeschrikt van mijn cursussen Russisch. Een politie-agent, die het nodig vond om twee minuten lang zijn vinger op de bel te houden, stond voor de deur, met de leuke mededeling dat ik kon gaan zitten. Hoera! Ik heb dus de eer en het genoeg om aangesteld te zijn als voorzitter van het stembureau. Ik mag zelfs zelf mijn secretaris aanduiden. Als dat niet mooi is!

Ik kan alvast een kruis maken over de babyborrel waarop we die dag uitgenodigd waren. De plicht roept. Om 7.15u wordt ik al verwacht in het stembureau. Wat een onchristelijk vroeg uur om op een zondag te moeten opstaan. En dat voor een schamel bedragje van enkele euro’s. Bah. Tenzij iemand mij een goed excuus kan bezorgen? Liefst snel?

Vrouwen!

Ik weet het, dit is een uitspraak die meestal uit mannenmonden op te tekenen valt, maar echt, soms begrijp ik ze zelf niet, mijn seksegenoten. Een klein voorbeeldje uit de Russische les van vorige week.

We kregen een oefening waarbij we op basis van gegeven antwoorden, een vraag moesten formuleren. Dit alles in het Russisch, dat spreekt voor zich. Het eerste antwoord was (vertaald uit het Russisch): “Neen, ik ben allergisch aan chocolade.” Blijgemutst stel ik aan mijn compagnon (de oefening moest per twee gemaakt worden) voor om als vraag te nemen: “Ben je allergisch aan vruchten?” 

Het meisje in kwestie was echter niet akkoord met het woord “vruchten”. Ze vond dat daar “noten” of een andere allergie-opwekker moest staan. Allemaal goed en wel, maar we hebben het Russische woord voor “noten” nog helemaal niet geleerd. Dat zei ik haar dan ook en ik vulde dit aan met de zin: “Dat maakt toch helemaal niet uit wat daar staat, zolang de zin maar klopt.”

Schiet dat mens daar uit haar slof: “Dat maakt wel uit! Ik kan daar dood van gaan!” Euh, jah. Ik ken nog mensen met notenallergie, maar is dat een reden om zo uit je krammen te schieten? Ik was helemaal verbouwereerd. Wat ik zag als een onschuldige opmerking, was helemaal verkeerd gevallen. Kan ik nu weten dat zij allergisch is aan van alles en nog wat? En de relevantie hiervan voor de oefening is me nog steeds niet duidelijk. Mijn zin was grammatikaal perfect. Wat heeft het dan voor zin om in het woordenboek te gaan zoeken naar een beter woord, terwijl we maar een paar minuten voor de ganse oefening hadden?

Enfin, de rest van de vragen heb ik dus alleen mogen verzinnen, terwijl de juffrouw naast mij in staking was. Belachelijk.