De opwindvogelkronieken

Het eerste boek van Haruki Murakami dat ik gelezen heb, is een bizar beestje. Deze magisch-realistische roman valt uiteen in drie delen, waarvan het derde deel enkele jaren later geschreven is dan de eerste twee. En dat merk je aan het verschillende tempo van de delen.

Ik moet zeggen dat ik wat moeite gehad heb met dit boek. Ergens midden in het tweede deel begon de passiviteit van de hoofdfiguur Toru Okada mij verschrikkelijk tegen te steken en heb ik het boek terzijde gelegd. Omdat er onder mijn collega’s echter een hele hoop Murakami-fans zijn, heb ik het opnieuw ter hand genomen tijdens onze Europareis.

En daar heb ik geen spijt van gehad. Ronduit briljant zijn de passages over de spanningen tussen Japan en Rusland in Mantsjoekwo tijdens de tweede wereldoorlog. De scène waarin Murakami beschrijft hoe een Japanner levend gevild wordt door een Mongool behoren tot de grootste horror die ik ook gelezen heb (en ik heb in mijn jonge jaren heel wat horror gelezen). Ik krijg al kippenvel als ik er aan terugdenk. Ook het verhaal van de dierentuin werd op een zeer aangrijpende manier verteld.

In het derde deel laat het hoofdpersonage Toru Okada zijn passiviteit achter zich (hoera!) en gaat hij actief op zoek naar zijn vrouw die op een dag zomaar uit zijn leven verdween. Uiteindelijk wijst alles erop dat ze een duister geheim met zich meedraagt, waar haar broer, een sluwe politicus mee te maken heeft. De rode draad die door het boek loopt, is dat alles met elkaar verbonden is, hoe ver gezocht dit soms ook lijkt. En de hoofdfiguur moet proberen de weg te vinden in dit doolhof van verhalen dat zich in een parallelle werkelijkheid lijkt te bevinden.

Het verhaal van de man die zijn vrouw kwijt speelde, dient enkel als een kapstok om allerlei bizarre personages aan het woord te laten, die allemaal hun verhaal aan Toru Okada vertellen. Het zijn die personages die voor mij het boek het lezen waard maakten. Want of de relatie van Okada en zijn vrouw echt het redden waard was, dat betwijfel ik. Voor mij is het feit dat ik door dit boek te lezen meer te weten kwam over de duistere Japanse geschiedenis tijdens de tweede wereldoorlog een extra reden om tevreden te zijn dat ik dit boek gelezen heb.

Pakistan

‘t Was u wellicht ontgaan, maar het heeft de voorbije periode nogal hard geregend in een land dat voor velen onder ons synoniem is met terrorisme. Toch ben ik ervan overtuigd dat de meeste Pakistani mensen zijn die er, net als wij, het beste van proberen te maken. Mensen die hun kinderen gelukkig willen zien worden en gezond oud willen worden.

Surf daarom naar http://www.overleefjijpakistan.be/ en stel je voor dat jij in de schoenen van een ontheemde Pakistani zou staan, dat jij alles kwijt was en nu in een tentenkamp op water en voedsel zat te wachten. Een gift via sms is snel gedaan.

1 september

Voor mij al lang niet meer synoniem met de eerste schooldag, maar sinds vorig jaar wel met een nieuw begin. 1 september 2009 is de dag waarop ik de leiding kreeg over een klein maar fijn team van acht personen. Het was een boeiend jaar waarin ik de knepen van het leiding geven met vallen en opstaan onder de knie kreeg. Een jaar waarin ik tot mijn spijt één zeer waardevolle medewerker zag vertrekken. Je kan mensen nu eenmaal niet verbieden een geweldige opportuniteit aan te nemen. Een jaar waarin ik het gevoel had dat ,okm team gegroeid is en beter op mekaar ingespeeld raakte. Een jaar dat sneller dan ik ooit had kunnen denken, voorbij gevlogen is.

Op naar het volgende!

Geluidsoverlast

Ik ben zelf de eerste om te zeggen dat mensen die klagen over geluidsoverlast van speelpleinen in hun buurt weinig verdraagzaam zijn. Maar vanavond kon ik hen heel even begrijpen. In de zetel naast mij zat een kind van een jaar of drie met de meest irritante lach ooit. Haar schelle lach duurde minutenlang, kaatste tegen de ruiten en vulde de ganse treincoupé. En net wanneer ik dacht, oef het is gedaan, en ik me weer probeerde te concentreren op mijn cursus Japans begon het opnieuw. En opnieuw en opnieuw en opnieuw. Waarop de ouders zo nu en dan met weinig overtuigingskracht “sst” zeiden. Zonder resultaat, want die door merg en been gaande lach bleef maar voortduren.  En ik maar hopen dat de rit snel gedaan zou zijn.

Jaja, deze treinrit was ik even een verzuurde mens.

Met het geluid van brekend glas

Zo werd ik deze morgen onverwacht uit mijn halfslaap gewekt. Bleek dat ergens in onze koelkast een subtiel evenwicht verstoord raakte waardoor een fles voorgemengde mojito tegen de grond gegaan was bij het openen van de koelkastdeur. Na de grootste scherven bijeen geraapt te hebben, gaven we het op en lieten we de boel plakkerig wezen. Tijd om aan de nieuwe werkdag te beginnen. En zo kwam het dat we deze avond door een aangenaam drankgeurtje op ons appartement verwelkomd werden.

Oh well, ik was toch al nooit een fan van voorgemengde cocktails. Geef mij maar the real thing.

Party time

Het vorige feestje op ons appartement dateerde van 2 augustus 2008. Veel te lang geleden, vond ik persoonlijk, dus hoog tijd om nog eens wat mensen uit te nodigen voor een feestje. De teller bleef steken op een veertigtal aanwezigen en dat bleek een mooi aantal te zijn om ons appartementje gezellig vol te krijgen. Ik had sangria gemaakt, de cocktailshakers stonden klaar en de schuifdeuren naar het balkon stonden wagenwijd open om frisse lucht binnen te laten, want met zoveel volk wordt het al snel warm.

Opvallend: waar vroeger de genodigden zo’n beetje verspreid kwamen over de ganse avond, arriveerde nu iedereen zowat tussen acht en half negen.  Hierdoor hadden we in het begin van de avond een gigantisch piekmoment waarbij we aan de lopende band kusten en cadeautjes in ontvangst namen en ik nu dus niet meer goed weet welk cadeautje van wie afkomstig is. Uiteraard zat er heel wat lekkers tussen al die cadeautjes, waardoor we eigenlijk méér drank hebben binnengekregen dan dat er in de magen van onze gasten terechtgekomen is. Bovendien kregen we ook nog eens de ganse drankvoorraad cadeau van vrienden die binnen een week naar Canada emigreren. Maar hey, champagne heeft een mens nooit te veel in huis!

Grootste drankhit van de avond: cola, cola en nog eens cola. Al mag ik niet klagen, want onze gasten hebben flink hun best gedaan om onze pot sangria leeg te maken en ik en mijn bevallige assistent N maakten caipirinha’s. Caipirinha’s kunnen er nooit genoeg zijn.

Grootste verrassing van de avond: mijn vriendin uit het middelbaar die aankondigde dat ze niet één maar twee bengels verwacht. Jaja, de eerste tweeling in onze vriendenkring is binnenkort een feit. Benieuwd wat dat zal geven!

Op stap met het werk

Woensdag stond er een werkuitstap naar Dortmund op het programma. Ik keek er al een tijdje naar uit, want het leek mij een ideale gelegenheid om iets bij te leren en tegelijkertijd aan teambuilding te doen met de mensen van mijn team. Het was een uitstap die georganiseerd werd door derden, dus er zouden nog een hoop andere mensen meegaan.

Jammer genoeg kende de dag een valse start. Het begon allemaal met mijn domme beslissing om in Brussel Noord op de speciaal voor de gelegenheid ingelegde bus te stappen i.p.v. Hasselt, waardoor ik vroeger moest opstaan en langer onderweg zou zijn. Waarom ik per sé in Brussel wilde opstappen, is me niet helemaal duidelijk. Om wat langer samen met mijn team op de bus te zitten? Om een goeie zitplaats te hebben? Om het treinticket naar Hasselt uit te sparen? Wie weet. Feit is dat ik me deze beslissing achteraf zou beklagen.

Dus zat ik op een (voor mij) ontieglijk vroeg uur op de trein naar Brussel Zuid. Alles ging goed tot de trein om onverklaarbare redenen stil bleef staan in Brussel Noord en ik de minuten zag verstrijken en het uur van afspraak (8 uur) in Brussel Zuid steeds dichterbij kwam. Ik raakte een beetje geïrriteerd, want als er iets is waar ik een hekel aan heb dan is het te laat komen en zeker als er een ganse bus mensen op je zit te wachten. Ik bel dus naar de organisatrice en deel haar mee dat ik te laat zal zijn op de afspraak. Ze vraagt me of ik weet waar er afgesproken is en ik zeg dat me dat niet echt duidelijk was uit de mailcommunicatie. Ik krijg een onduidelijke uitleg over een gang in Brussel Zuid en een panos. Nu moeten jullie weten dat ik alleen maar in Brussel Zuid kom om de Thalys en de Eurostar te nemen en zo vaak is dat nu ook weet niet. Brussel Zuid is dus onbekend terrein voor mij en de tijd die ik had ingecalculeerd om de juiste uitgang te vinden was langzaam aan het wegtikken, terwijl mijn stressniveau steeg.

Ik kwam aan in Brussel Zuid rond tien na acht en had al dadelijk door dat ik de plaats van afspraak niet zou vinden aan de hand van de gekregen telefonische uitleg. Ik belde nog eens, kreeg ongeveer dezelfde onduidelijke uitleg en besloot naar de infostand te gaan om te informeren waar de bussen van privébedrijven meestal stoppen. Het meisje aan de infostand kon geen Nederlands en ik was een beetje te geënerveerd om goed Frans te spreken. Ze kon me niet echt verder helpen en ik zette mijn dooltocht doorheen Brussel Zuid verder. Ik probeerde een paar uitgangen, zag een Panos, maar daarmee was dan ook alles gezegd, een bus zag ik niet.

Ergens in mijn hersenen ontstond er een kortsluiting en ik verloor het vermogen om rationeel na te denken. Ik kon alleen maar denken aan een bus vol met mensen (waaronder mijn grote baas) die op mij zaten te wachten terwijl ik radeloos door het fucking grote station van Brussel Zuid dwaalde. Ik belde opnieuw naar de organisatrice en kreeg nu de instructies om naar de secundaire gang te gaan. Ik had geen flauw idee waar ik die zou moeten vinden. Ik ging opnieuw naar de informatiestand en trof een andere persoon aan die wel Nederlands sprak en die  me gebood een perron op te gaan dat af te lopen en dan verder op dat perron de trap naar beneden te nemen. Wat uiteraard, als je logisch nadenkt, de enige manier is om een secundaire gang te bereiken. Leuven station heeft ook twee gangen en die zijn ook enkel via de perrons met elkaar verbonden. Waarom kon ik daar zelf niet opkomen?

Enfin, ondertussen had men (veel te laat, vind ik persoonlijk) iemand erop uit gestuurd om mij te vinden. Gelukkig was ik toen al op de juiste weg. Wat niet wegneemt dat ik me als een prinses voelde gered door haar prins, toen ik de persoon in kwestie tegen kwam. Toen ik eindelijk de bus op geraakt was, was ik natuurlijk de aller- allerlaatste en hadden we al iets meer dan een half uur vertraging opgelopen. Ik kreeg natuurlijk (en terecht) wat domme blondjesmoppen te verwerken. En ik kon niet anders dan ze gelijk geven. Ik voelde me echt een dom blondje. Het leek wel alsof mijn hersencellen door stress en vermoeidheid weigerden de juiste connecties te leggen, terwijl ik achteraf zoveel manieren kon bedenken om de juiste plek van afspraak te vinden.

De rest van de dag heb ik me schuldig gevoeld omdat door mijn te laat zijn de lunch ingekort moest worden en omdat ik al die mensen ongemak bezorgd had.