Vermoeid

Zware dag gehad vandaag. De ganse dag een workshop van een groot project moeten leiden. Drieëntwintig personen in een vergaderzaal op dezelfde lijn proberen brengen, niet gemakkelijk. Vooral niet als de akoestiek van de zaal in kwestie abominabel is en het de grootste inspanning kost om de mensen aan de andere kant van de zaal te verstaan.

Even een klein paniekmoment toen geen van de partners zich geroepen voelde een bepaald cruciaal onderdeel van het project op zich te nemen. Gelukkig vond ik in het (behoorlijk lange) projectvoorstel terug wie verantwoordelijk was voor dit onderdeel. De partner in kwestie sloeg even groen uit, maar moest toch toegeven dat ik gelijk had. Ha!

Enfin, ik kwam redelijk uitgeput thuis op deze vrijdagavond. De zin om vanavond nog intellectuele inspanningen te doen, was ver te zoeken. Dus keken mijn vriend en ik een film (ja, de projector is nog steeds in onze bezit) waarvan we vermoedden dat er niet al te veel denkwerk bij te pas zou komen. De keuze viel op Napoleon Dynamite, een zogezegde cultfilm. Na het bekijken van deze film kan ik maar één ding zeggen: WTF???

Gaten in mijn geheugen

Toen we gisterenavond nog een beetje zaten op te drogen, kregen we onverwacht bezoek van mijn broer en zijn vriendin. Ze waren gaan eten in het Land aan de Overkant en hadden wat post (lees: papieren spam) die nog steeds op mijn vroegere thuisadres aankomt, voor mij mee. ‘k Was een beetje overdonderd door hun bezoekje en de staat van lichte dronkenschap waarin de vriendin van mijn broer verkeerde (dat zijn we van haar niet gewoon, die menu’s met aangepaste wijnen toch), want mijn eurocent viel pas toen ze alweer buiten waren.

Het was gisteren mijn broer zijn verjaardag. D’oh! Helemaal vergeten hem proficiat te wensen. Ongelooflijk, want ik had een paar dagen eerder nog een verjaardagskaart voor hem uitgezocht en ik liep al een tijdje na te denken over een geschikt cadeau. Alle begrip dat mijn hersencellen onderscheid willen maken tussen hoofdzaken en bijzaken en dat sommige trivialiteiten in de duistere diepten der vergeetput terechtkomen, maar de volgende keer mag die eurocent toch net iets eerder vallen.

Stortregen en baby’s

Gisterenavond gingen we op babybezoek. Ik ben ondertussen een beetje de draad kwijtgeraakt van het aantal baby’s geboren in onze vriendenkring. Ik hou het op veel. 😉 Het was ons niet gelukt de pasgeborene in het ziekenhuis te gaan bezoeken, maar dat maakten we goed door een bezoekje bij hem thuis in Mechelen.

Terwijl wij ons ontdeden van natte jassen en rugzakken, was baby O net aan zijn huiluurtje begonnen. Bij nadere inspectie bleek baby O een flink uit de kluiten gewassen baby te zijn met een gezonde eetlust. Drie weken oud en hij was er al in geslaagd zich van zijn rug op zijn buik te rollen. Baby’s zijn mijn specialiteit niet, maar dit lijkt me toch heel vroeg, niet? Enfin, ‘k heb met wisselend succes gepoogd baby O te troosten: wat rondlopen, wat wrijven over het pijnlijke buikje en sussende woordjes spreken. Alleen de moederborst kon hem echt troosten.

De ouders van baby O waren erg vermoeid en lieten er geen twijfel over bestaan dat ze de impact van de komst van baby O een beetje onderschat hadden. Te weinig slaap en de vele krampjes en huilbuien maakten het redelijk zwaar. Vrienden Q en L bekloegen zich ook over het feit dat veel ouders een beetje lacherig doen over die zware eerste maanden. Veel meer dan een luisterend oor bieden, konden we niet. “Het zal wel beteren,” maar wanneer tja, dat weet je natuurlijk niet.

We zijn niet al te lang gebleven, want Q en L waren duidelijk afgemat. Helaas hadden we net het moment van de zondvloed uitgekozen om naar onze wagen terug te stappen. Drijfnat was ik. Zelfs mijn ondergoed kon ik uitwringen. Al een geluk dat het niet koud was en de rit Mechelen – Leuven heel vlot verliep. Terug in Leuven ontdeden we ons van de natte kleren en genoten we van de rust in ons babyloze appartementje. 😉

Een rustige zaterdagnamiddag

Eerlijk: ik had geen tijd deze zaterdag. Er lagen (en liggen) nog bergen werk op mij te wachten. Maar na het examen Russisch in de voormiddag had ik er gewoon geen zin in. Dus gingen mijn vriend en ik een kijkje nemen op het wereldfeest.

Een goed idee, zo bleek. De Bruul liep vol met rare vogels die we al dan niet discreet konden nastaren. De eetstandjes brachten ons zwaar in verleiding, jammer dat we net uitgebreid gegeten hadden op een terrasje. We pikten een stukje taikoconcert mee, werden geconfronteerd met de obstakels die het leven van een rolstoelgebruiker of een blinde moeilijker maken en zagen hoge concentraties aan roze stoelen. We hoopten op een spectaculaire capoeiravoorstelling, al viel dit een beetje tegen. Ofwel hadden we gewoon niet genoeg geduld om te wachten tot de opwarming voorbij was. We genoten van de sfeer, het gekwetter van de spelende kinderen, de gemoedelijkheid van de mensen en de aangename temperatuur.

Alleen de cocktail met citroen, rietsuiker en gember viel wat tegen. Veel te veel gember, waardoor de smaakpapillen lichtelijk overdonderd werden.

Een ontspannende namiddag, al bleef ik natuurlijk last hebben van een knagend schuldgevoel. ‘k Heb gewoon even gedaan alsof ik niks merkte.

Hubert van Conz

Lang geleden dat ik nog eens de tijd vond om een stripwinkel binnen te stappen. Toen ik deze namiddag in de Mechelsestraat passeerde en zag dat Leuvens striptalent Conz voor de deur van stripwinkel Gobelijn zat te signeren, was ik bijzonder snel verleid om twee van zijn strips te kopen. Eentje voor mij en eentje voor mijn vriend. Mét een persoonlijke opdracht, natuurlijk.

Aanschouw bij deze Hubert, de vreemde boom in het woud:Hubert, de vreemde boom in het woud

King Kong voor mijn vriend:King Kong

Talent van eigen bodem, dat moet gekoesterd worden.

yab is ouderwets

Jaja, altijd gedacht dat ik ruimdenkend was. Helemaal mee met mijn tijd en zo. Vrijheid blijheid, ieder zijn ding. Triootjes, partnerruil, sm, open relaties voor mij allemaal niet gelaten, op voorwaarde natuurlijk dat de personen in kwestie hiervoor onderling hun toestemming gegeven hebben. Ik lig er niet wakker van. Maar laat ik nu de laatste tijd een conservatieve reflex bij mezelf vaststellen. Nooit gedacht dat mij dat zou overkomen. Enkele voorbeelden.

Persoon X is anderhalve maand samen met haar vriend en koopt een huis. Ok, ik krab even in mijn haar en denk: “Ach, ze kunnen het huis nog altijd verkopen als de relatie stuk gaat”. Persoon Y is nog geen jaar samen met zijn vriendin en ze gaan nu direct, onmiddellijk, aan kinderen beginnen. Uhuh, mijn conservatieve ik roept: “Maar die zijn nog maar negen maanden samen en kenden elkaar daarvoor niet eens, hoe kunnen die nu al zeker genoeg van elkaar zijn om baby’s te maken!”

Trouwen, kinderen kopen, huizen kopen, het kan tegenwoordig allemaal niet snel genoeg gaan. En dan lees ik in de kranten dat het aantal echtscheidingen (mede door de nieuwe versnelde procedure) weer aan het pieken is. Ja, dat zal wel, iedereen holt maar vooruit en niemand neemt de tijd om zijn of haar partner goed te leren kennen. En ja, je kent een persoon natuurlijk nooit echt volledig, maar die eerste verliefde maanden in een relatie, dat is toch meestal rozegeur en maneschijn? Een tijd van projectie van de gewenste eigenschappen op je parner. Daarna daal je van die roze wolk af en zie je ook de mindere kantjes.

Achja, misschien ben ik een pessimist en is er bij de aangehaalde voorbeelden wél sprake van een happy end. Het is hen van harte gegund.

Mijn vriendje is blij

En als mijn vriendje blij is, ben ik blij (allez, soms toch). Zijn nieuwe leasewagen is eindelijk aangekomen. Zijn we voorgoed verlost van de stinkmobiel. Blijkt dat leveringstermijnen in de automobielsector al bijna even onbetrouwbaar zijn als die in de bouw. De nieuwe wagen moest er eind maart/begin april zijn. ‘t Is uiteindelijk eind mei geworden.

Maar we klagen niet. Eindelijk weer een ingebouwde GPS om ons de weg te wijzen. Gemist dat we dat ding hebben, jullie hebben er geen gedacht van. De achterbank van de stinkmobiel was ondertussen helemaal ondergesneeuwd geraakt met afgeprinte googlemaps. Een GPS redt bomenlevens! (En je doet minder kilometers omdat je niet verloren rijdt.)

Nu alleen maar hopen dat de ‘nieuwe auto’-geur niet te erg is.