Klimpartij

Daar stond ik dan. Na een tocht door een donkere kerk en omhoog langs een supersmalle wenteltrap. Aan de voet van een smalle metalen ladder. Op mijn hoogste hakken (tien centimeter) en met mijn mooiste zomerrokje aan. Even gevloekt, maar zo snel laat ik mij niet ontmoedigen. Mijn fototoestel schuin over mijn schouder gehangen om het ding (met flits) te stabiliseren en hup, omhoog ging ik langs de sporten van de ladder. Om uit te komen tussen de prachtige houten dakspanten van de kerk. Nog een tweede kleine houten ladder scheidde me van mijn einddoel: de gloednieuwe beiaard, die ingespeeld zou worden door de nieuwe Leuvense rector Mark Waer en ere-rector en president van het Begijnhof Marc Vervenne.

En zo kwam het dat ik gisterenavond samen met twee rectoren, twee beiaardiers en twee beroepsfotograferen in een piepklein kamertje hoog in een kerk stond, bestoft, maar gelukkig. En niemand die zich afvroeg wat ik daar eigenlijk deed. 😉

begijnhofkerk

Beleuvenissen

Beleuvenissen is voor mij altijd een goed alibi om een gezellige avond onder vrienden door te brengen. De muziek is voor mij eerder bijkomstig. Ik had een uiteenlopende bende vrienden gevraagd of ze vrijdagavond zin hadden om samen met ons de stad in te trekken en was erin geslaagd een gezelschap van acht personen op de been te krijgen. De meeste leden van ons gezelschap kenden elkaar nog niet. Het was dus even afwachten of het zou klikken, maar dat bleek wonderwel mee te vallen.

We hadden afgesproken aan de Werf. Toen mijn vriend en ik daar aankwamen, bleek er een kliek bekenden te zitten. Her en der wat stoelen en tafels bijeen geraapt, ons bij het reeds aanwezige gezelschap gevoegd, drinken besteld en bijgepraat terwijl op de achtergrond Truephonic covers van bekende nummers speelde. We maakten kennis met het souvenir van werkmens (dat is een hele rage, op reis gaan en terug thuiskomen met een lief) en luisterden likkebaardend naar hun Amerikaverhalen. Mijn lijstje met potentiële reisbestemming wordt er alleen maar langer op.

Vriend U stelde voor om op de Vismarkt naar The Magical Flying Thunderbirds te gaan luisteren. We waren wat te laat, want hun optreden was al begonnen en de Vismarkt stond afgeladen vol. We probeerden om zo dicht mogelijk bij het podium te geraken, maar moesten de strijd al snel staken. Wanneer ik op mijn tenen stond, kon ik zo nu en dan een glimp van de groep opvangen. Ik moet zeggen dat The Magical Flying Thunderbirds er fantastisch goed in slaagden ambiance te brengen. Heel tof optreden waarbij de ene cover naadloos overging in de andere. En natuurlijk kon een nummer van the King of Pop niet ontbreken.

Na het optreden dronken we als afsluiter nog iets in de Wentelsteen. De vermoeidheid sloeg toe en iedereen was een beetje opgelucht toen werkmens eindelijk de laatste druppels bier uit zijn glas opdronk. 😉

‘t Was een geslaagde avond.

Onslagen van mijn plicht als voorzitter

Het zit erop! En ik ben verdorie blij dat het erop zit. Van zeven uur ‘s ochtends tot zes uur ‘s avonds in de weer zijn voor de luttele som van 23,40 euro, dat put een mens uit. Alles ging vlot. De bijzitters waren heel sympathieke mensen (al zijn er twee bijzitters gewoon niet komen opdagen, foei!) en de taakverdeling verliep vlotjes. Alleen de administratieve formaliteiten bij het afsluiten van het bureau zorgden voor wat stress. Eén kiezer hebben we terug naar huis moeten sturen omdat die op het allerlaatste nippertje kwam stemmen, zonder identiteitsbewijs.

Het minst leuke van heel het verhaal, vond ik het lange wachten op de rechtbank. Van kwart na vier tot zes uur hebben we daar gezeten terwijl de voorzitters en de secretarissen telkens een stoel opgeschoven, dichter naar de computers die onze stemmen zouden registreren. Dat stuk was er voor mij echt te veel aan.

En nu ga ik iets doen aan mijn hevig rommelende maag.

De Rode Loper

Woensdagavond dineerden mijn vriend en ik  samen met vriend K in de Rode Loper. Ik was er nog niet eerder geweest en ik moet zeggen dat het een meevaller was. De ligging is misschien wat moeilijker, maar het eten is echt de moeite waard. Mooi gepresenteerd en tot in de puntjes verzorgd. De bijhorende wijnen mochten er ook zijn. 😉 Jammer dat het net een tikkeltje te koud was om op het mooie terras te kunnen zitten.

Heel interessante gesprekken gehad met K over de zin en onzin van privacy, de Amerikaanse veiligheidsmaatregelen en nog veel meer. We sloten de avond in stijl af met een digestief.

Voor herhaling vatbaar.

Zon op zaterdag

Opgelucht stapten we het examenlokaal uit. Mijn vriend en ik hadden het schriftelijk examen overleefd en ‘t ging kanjigewijs zelfs beter dan verwacht. Opeens hoorden we een vertrouwde stem onze naam roepen. Vriendin L, die aan het wachten was op vriend C, die in hetzelfde lokaal als wij zijn schriftelijk examen Japans van het eerste jaar zat af te leggen. Wat een toeval. We babbelden over hun recente reis naar Japan en hun voornemen om in het najaar alweer terug te gaan.

C en L zijn werkelijk gebeten door de Japanse microbe. Ze spreken er zelfs over om te emigreren. Wat ik ongelooflijk cool vind, maar eerlijk gezegd zelf niet zou zien zitten. Ik denk niet dat ik in een maatschappij als Japan, met hun overdreven prestatiedrang en beleefdheidsregels mijn draai zou kunnen vinden. En ik twijfel eraan of je als buitenlander ooit echt aanvaard wordt in de Japanse samenleving. Maar ik  zal wel de eerste zijn om C en L ginder te gaan bezoeken. 😉 Onze eigen reisplannen naar Japan zijn voorlopig opgeschoven naar 2011, we willen eerst het derde jaar Japans achter de kiezen hebben voordat we naar ginder trekken.

Na deze onverwachte ontmoeting trokken mijn vriend en ik naar het wereldfeest. De zon scheen en we voelden ons beiden van een last bevrijd nu het examen achter de rug was. We genoten dan ook met volle teugen van de lekkere hapjes, de vreemde outfits, de zomerse muziek en de bonte kleurenmengeling van het wereldfeest. Mijn vriend liet zijn portret tekenen en ik liet mijn hand met henna beschilderen. We slenterden op ons gemak rond en liepen heel wat bekenden tegen het lijf. Ik was moe, maar voelde me helemaal ontspannen. Zalig.

Machtsvertoon

Gisteren was de Leuvense binnenstad een belegerde vesting. Twee betogingen van twee lijnrecht tegenover mekaar staande groeperingen trokken door de Leuvense straten. En dat zouden we geweten hebben. De politie had de grote middelen uit de kast gehaald: overvalwagens, Friese ruiters en hopen geüniformeerde agenten met matrak en rond schild om eventuele relletjes meteen de kop te kunnen indrukken.

Heel deze machtsontplooiing was vooral hinderlijk voor de brave Leuvense burger die zich van punt A naar punt B wilde begeven. Mezelf inbegrepen. Na de Russische les wilde ik naar de feestelijke opening van Kunstroute ontspoort, een kunstig project in samenwerking met de Leuvense horeca. Toevallig leidde deze weg mij langs het Hooverplein en de Tiensestraat alwaar ik op een bende NSV’ers stootte. En iets verderop op een politiecordon dat mij de weg naar de Tiensestraat versperde. Heel vriendelijk vroeg ik of ik mocht passeren. Een kortaf neen was het antwoord. Hen wijzen op het ongemak van heel deze omweg leverde niet veel op, ik mocht niet door.

Opeens merkte ik een kennis op, gestrand aan de andere kant van het cordon. Wat tot een hilarisch gesprek over de hoofden van de politie-agenten heen leidde. De politie-agenten in kwestie vonden het blijkbaar niet zo grappig, want er werd mij redelijk onvriendelijk gevraagd om achteruit te gaan, terwijl ik toch echt helemaal niks mis deed.  Op datzelfde moment, lieten twee politieagenten wat verder in de rij wel een aantal mensen van het Hooverplein naar de Tiensestraat gaan. Ikke, vol verontwaardiging: “Hoe? En zij mogen wel passeren?” “Allez vooruit dan”, was het antwoord en toen stond ik in de Tiensestraat. Victory!

De feestelijke opening van Kunstroute ontspoort, was trouwens heel gezellig. Gepraat met een kunstenaar die al heel wat watertjes doorzwommen had. Zo had hij onder andere drie jaar in Mozambique gewoond. Zeer boeiend om naar te luisteren. Alleen jammer dat er in het kunstenaarswereldje blijkbaar nog veel gerookt wordt, mijn kleren stonken verschrikkelijk toen we weer thuis waren.

Oja, op de terugweg zagen we het laatste restant van de tegenbetoging op de Oude Markt slogans scanderen, letterlijk omsingeld door politieagenten. Er waren meer politieagenten dan betogers, ik vond het er een beetje over. We zijn niet gebleven om te kijken wat er vervolgens gebeurde. Dus of de betogers opgepakt werden, weet ik niet.

Wat een tamme bedoening

Zei de Nederlandse dame die in mijn buurt naar de Leuvense carnavalstoet stond te kijken. En ik kon haar geen ongelijk geven. Sommige carnavalisten liepen erbij alsof ze zich stierlijk verveelden. Geen zot en uitbundig gedrag, neen, hier en daar een mooi ingestudeerd dansje, maar het merendeel van de stoet slofte gezapig voort.

Ik herinner mij dat ik als kind dol was op het bijwonen van de stoet en dan vooral op het verzamelen van alle snoep en prulletjes die de heren en dames carnavalisten naar het talrijk op gekomen publiek smeten. Vooral popcorn was zeer gegeerd. Niet omdat ik zo’n popcornliefhebber ben, integendeel, ik lust het goedje nog steeds niet, maar wel omdat ik de zakjes de maandag erna altijd uitdeelde aan mijn vrienden op school. Vaak was het vechten op leven en dood om een snoepje vast te krijgen. En je moest zorgen dat je goed op tijd was om een zo strategisch mogelijke plek te bemachtigen. Natuurlijk zijn deze herinneringen vervormd door de tijd, dat besef ik maar al te goed. Maar vandaag zag ik zelfs snoepjes die eenzaam alleen op straat bleven liggen. En iedereen had plaats zat om de stoet bewonderen. Alles verliep zo verschrikkelijk beschaafd. Ik heb zelfs niemand zijn duwen of trekken. De tijden veranderen.

Hopelijk gaan de carnavalisten vanavond op het Prinsenbal eens goed uit de bol, want dat is toch de essentie van carnaval.