Zondag vierde ik, toegegeven een beetje te vroeg, mijn verjaardag samen met mijn vader, mijn broer, de vriendin van mijn broer en mijn vriend in sterrenrestaurant Just Eat Right in het charmante Hasselt. Het was opvallend rustig in het restaurant. Naast onze tafel, was er enkel nog een tweede tafel met vier personen. De ober stelde ons gerust dat het gewoonlijk drukker was. De Hasseltse jeneverfeesten hadden er echter voor gezorgd dat het vast cliënteel weg bleef. Geen erg, zo hadden wij bijna een privé-ober voor onze tafel en konden we in alle rust genieten van al het lekkers dat op onze tafel passeerde.
Aangezien het een verrassingsmenu was, kan ik jullie helaas geen exacte omschrijving per gang geven, maar het volstaat in deze om te zeggen dat elke gang voortreffelijk was. Bewijsmateriaal:
Na de lunch namen we afscheid van mijn vader die nog naar het rusthuis moest en trokken mijn vrienden en ik samen met mijn broer en zijn vriendin de stad in om toch nog een beetje mee te pikken van de jeneverfeesten. Het was abominabel slecht weer, dus ja, de opkomst was niet echt overweldigend te noemen. Wij zijn geen van de vier jeneverliefhebbers, daarom hielden we het bij kijken naar de kraampjes en wat wandelen door de Hasseltse straten. Geheel op het onverwacht kwamen we een vriendin en haar zoon tegen. Grappig hoe klein de wereld (en dan vooral Hasselt) is. We sloten de namiddag af met een heerlijke cocktail bij Sapiens. De wisky sour was zo lekker dat ik het gewoon niet kon laten om nog een tweede te bestellen.
De rit naar het station van Schulen met onze bob achter het stuur was bijzonder spannend. We arriveerden just in time, met dank aan de NMBS om onze trein wat vertraging te laten oplopen, waardoor we wat meer speling hadden.
Onze laatste halve dag in Cuba. Zo’n vakantie is toch altijd veel te snel voorbij. Ik heb het gevoel dat ik maar een fractie gezien heb van Cuba en dat er nog zoveel meer te ontdekken valt. De dag luieren op het strand gisteren voelt ook een beetje als een verloren dag. Ik had gehoopt meer watersporten te kunnen doen in Varadero, maar ja, als het weer niet mee wil… Al heb ik het gevoel dat het personeel overdreven voorzichtig is, zo hard waaide het nu ook weer niet. We genieten voor de laatste keer van het ontbijt en maken een mooie strandwandeling op het prachtig witte zandstrand van Varadero. De laatste keer genieten van dat prachtige blauwe zeewater…
Het is 1 mei vandaag, een bijzondere dag voor het communistische Cuba. Jammer dat we net vandaag moeten vertrekken, want ik had graag door de straten gewandeld om de sfeer om te snuiven. Het personeel van het restaurant is alvast volop aan het feesten en we zien een praalwagen klaar staan voor de optocht vanavond.
De nemen voor de laatste keer een douche in onze hotelkamer, pakken onze valiezen en geven onze kamersleutel af bij het onthaal. We hebben de dag voordien een taxi besteld en duidelijk aangegeven dat we veel bagage hadden. En hoera, de dame aan het onthaal heeft dat goed geregeld. Er wacht ons een heus taxibusje. Wat een luxe!
De rit naar Varadero Airport verloopt supervlot. Onderweg zien we allerlei feestelijk uitgedoste mensen in de Cubaanse kleuren (blauw, rood en wit) en met Cubaanse vlaggen. Ook het inchecken van de bagage en de security check op de luchthaven zijn een fluitje van een cent. Er is op de luchthaven zowaar een mooi aanbod aan winkels en er is zelfs de mogelijkheid om iets te eten (wel junkfood). En zelfs de toiletten zijn aanvaardbaar! We hebben opeens een heel ander gevoel bij deze luchthaven dan bij aankomst. Mijn broer koopt nog een paar losse sigaren en dan is het tijd om te boarden. Natuurlijk speelt er een bandje bij het boarden. We kunnen geen afscheid nemen van Cuba zonder live muziek.
Aan boord begeven we ons naar onze toegewezen zetels, maar dan blijkt dat daar andere mensen zitten. Verwarring alom. Tot blijkt dat deze mensen moeten afstappen in Cancún en dat wij voor de korte vlucht van Varadero naar Cancún vrij plaats mogen nemen in het vliegtuig. Het was handig geweest om hier op voorhand duidelijk over te communiceren. Dat zou ons veel gedoe bespaard hebben. We vinden allevier een plekje en dan moet het personeel gans het vliegtuig door om te controleren of elk stuk handbagage aan boord aan een passagier kan toegewezen worden. Unclaimed hand luggage wordt van het vliegtuig verwijderd. Vervelend allemaal.
Het is niet ver vliegen tot Cancún en we maken ons op om even de benen te strekken. Via de intercom deelt het boordpersoneel van het vliegtuig ons echter mee dat de passagiers die doorvliegen naar Brussel niet mogen afstappen. We moeten blijven zitten. Wat de bizarre situatie oplevert dat de schoonmaakploeg van Cancún aan boord komt terwijl wij nog allemaal op het vliegtuig zitten en het vliegtuig schoonmaakt met de passagiers er nog op. Een bizarre ervaring, maar ergens ook interessant om te zien hoe hard zo’n schoonmaakploeg moet werken. Veel tijd hebben ze alvast niet om het vliegtuig schoon te maken dat er een lange tocht van Brussel over Varadero naar Cancún heeft opzitten. We krijgen allemaal propere dekentjes en de kussenslopen worden gewisseld. Top!
De vlucht verloopt verder vlotjes, buiten een groot incident met een passagier die op de rij voor mij zit. Zij maakt er een groot drame van dat er slechts één maaltijdoptie beschikbaar is (met kip) en dat er geen vis-optie wordt aangeboden. Een steward met engelengeduld legt uit dat mensen met bijzondere vereisten dit op voorhand moeten aangeven bij het boeken van de vlucht. Voor een bijzondere maaltijd moet immers een supplement betaald worden. Dat gaat er maar niet in bij de dame in kwestie en ze dreigt bij jan en alleman klacht te gaan indienen. De steward blijft bewonderenswaardig kalm en vriendelijk. Ik zou het al lang hebben opgegeven en gezegd hebben: “En dient u vooral een klacht in mevrouw. Geniet van uw kip!”
Niet veel te melden over onze voorlaatste dag in Cuba. Mijn vriend en ik slapen een beetje uit, we trekken met ons vieren richting het ontbijtbuffet en brengen de rest van de dag aan het strand door. Helaas staat er te veel wind, dus is het niet mogelijk een kayak of een paddle board te ontlenen. Erg jammer, want ik had ernaar uitgekeken nog eens op een paddle board te kunnen staan.
Dus zit er niet veel anders op dan te relaxen op het strand met een podcast in de oren en af toe te gaan afkoelen in het schitterend blauwe water. In de namiddag pikken mijn vriend en ik nog een salsales mee. Ditmaal kan ik wel als vrouw dansen en dat gaat me een pak beter af.
Na de salsales verkassen we met ons gezelschap van het strand naar het zwembad. We hebben sinds onze aankomst immers nog niet in het hotelzwembad gezwommen. Al moet ik zeggen dat het leuker zwemmen is in zee. Zeker omdat er een idioot loopt te voetballen aan de rand van het zwembad. Niemand van het personeel spreekt hem erop aan, dus voel ik mij geroepen de goede orde te bewaren en wijs ik hem erop dat de rand van het zwembad geen voetbalveld is. Mijn opmerking wordt me niet in dank afgenomen, maar ik houd voet bij stuk. Zo makkelijk val ik niet te intimideren.
Voor ons laatste avondmaal laten we ons eens goed gaan aan het buffet. We sluiten de avond af in de bar waar we genieten van een ‘International Dance Show’, een amalgaam van dansen uit verschillende landen gebracht door zeer getalenteerde dansen. Die natuurlijke aanleg voor dansen van de Cubanen, daar kunnen wij houterige, blanke Europeanen nog een puntje aan zuigen.
Mijn vriend en ik zijn vandaag wat vroeger opgestaan omdat we graag willen catamaran varen. Gisterenavond kregen we mijn broer en zijn vriendin niet overtuigd om mee te gaan, maar mijn vriend en ik hebben wel zin in wat actie. Een ganse dag op het strand liggen, is niet echt aan ons besteed. Het ontbijt is, zoals te verwachten viel, overdadig. Ik geniet vooral van de heerlijke vers gebakken omelet.
We melden ons aan bij het verhuurpunt van de catamarans, kayaks en andere zeevaartuigen. We informeren of en wanneer we een catamarantochtje kunnen maken. We kunnen meteen te water gaan, maar krijgen mét de catamaran ook een kapitein mee. Blijkbaar hebben ze in Varadero niet voldoende vertrouwen in de toeristen om hen alleen de zee op te laten. We hebben dit nochtans al eens gedaan in Corsica. Maar goed, op zich is een boottochtje met z’n drieën ook wel leuk. Zo kan ik mijn Spaans nog wat oefenen. Ik vertel dat mijn vriend een zeildiploma heeft, maar de kapitein van onze catamaran heeft er blijkbaar niet veel vertrouwen in. Hij vraagt aan mijn vriend waar de wind vandaan komt en als die niet meteen kan antwoorden, vervliegt meteen zijn kans om de catamaran zelf te mogen besturen.
Het tochtje duurt niet superlang (een twintigtal minuten), maar we genieten van de nabijheid van het water en de zon op ons gezicht. Terug op het strand informeren we meteen wanneer de snorkeltochten vertrekken. Dat blijkt over tien minuten te zijn. Gelukkig zijn we op alles voorzien en hebben we ons snorkelmateriaal al bij ons. We haasten ons naar het buffetrestaurant waar mijn broer en zijn vriendin nog aan het ontbijten zijn om te vragen of ze zin hebben om mee te gaan snorkelen. We slagen er niet in hen mee te krijgen, dus keren mijn vriend en ik met ons tweetjes terug naar het vertrekpunt.
Dezelfde catamaran waarmee we deze ochtend een boottochtje maakten, brengt ons nu naar een goeie snorkelplek. Ditmaal moeten we de catamaran niet alleen delen met een kapitein, maar ook met twee Franse meisjes. Met een vloot van vier catamarans varen we allemaal naar dezelfde plek. De catamaran brengt ons in een half uur naar de snorkellocatie. We hebben de wind in de zeilen, dus we scheren aan een stevig tempo over de golven.
Het snorkelen zelf is superleuk. Er zijn meer vissen dan op Cayo Levisa, al heeft het viseten dat de professionele fotograaf die met onze groep meereist, daar wellicht ook iets mee te maken. Het helpt alleszins om veel mooie vissen in beeld te krijgen. En ja, ook mijn vriend en ik poseren voor wat foto’s. Benieuwd naar het resultaat!
De terugtocht naar het strand van ons hotel duurt langer dan de heentocht. De kapitein moet immers tegen de wind in oploeven. Het is duidelijk dat wij de beste kapitein van de vier getroffen hebben. Al snel laat onze catamaran de rest van de vloot achter zich. Tot grote tevredenheid van onze kapitein finishen we als eerste op het strand. Wij feliciteren hem met zijn mooie overwinning. 😉
Rond twaalf uur zijn we terug in het hotel. Na een kleine zoektocht treffen we mijn broer en zijn vriendin aan in de lobby van het hotel, aan het profiteren van de wifi. 😉 Mijn vriend en ik lopen snel naar de kamer om het zout van ons af te spoelen en daarna trakteren we onszelf op een mojito met een extra dosis rum añejo. De mojitos in het hotel bevatten een minimale hoeveelheid rum, maar door een extra shot bruine rum toe te voegen, zijn ze perfect. Het ideale aperitief alvorens ons naar het lunchbuffet te begeven.
Mijn vriend en ik keren rond 15u terug naar het verhuurpunt om een paddle board uit te lenen, maar helaas, het verhuurpunt blijkt gesloten te zijn. Dus gaan we maar een beetje zwemmen en daarna sluiten we aan bij de salsalessen aan het zwembad. Aangezien er te weinig mannen zijn (het eeuwige probleem), bied ik aan om als man te dansen. Voor mij is het de eerste keer dat ik de rol van man opneem en dat blijkt toch minder evident dan verwacht. Mijn respect voor de mannelijke dansers, dat leiden is echt niet makkelijk.
We sluiten de namiddag af met een zwempartijtje in het prachtige turquoise water van Varadero. Echt, de kleur en de helderheid van dat water is onvergetelijk.
Voor het avondmaal hebben we een tafeltje gereserveerd in het Italiaanse restaurant van ons hotel. We bestellen een flesje Freixenet cava om te klinken op de mooie dag. De minestronesoep is matig lekker en mijn stukje vis en het dessert zijn zeker ok, maar ik moet toegeven dat ik het gigantische aanbod van het buffetrestaurant mis.
De rest van de avond brengen we door in de lobby van het hotel, genietend van cocktails en rum. De avondanimatie (een goochelshow) kan ons niet echt bekoren.
Ons plan om vandaag een beetje uit te slapen mislukt jammerlijk. Mijn vriend en ik zijn allebei wakker om 7 uur. De schade van de talrijke muggenbeten wordt nu pas echt duidelijk. Op mijn rug is een mooie rij steken waarneembaar, perfect parallel aan mijn bh-bandjes. De muggen hebben recht door mijn kleed heen gestoken. Mijn vriend amuseert zich met het behandelen van al mijn beten, die al serieus aan het opzwellen zijn (ik reageer nogal allergisch op muggenbeten). It’s not a pretty sight en dat net nu we als afsluiter van de vakantie een paar dagen zee en strand in het vooruitzicht hebben. Ik doe opnieuw beroep op het medicijnkastje van de vriendin van mijn broertje en krijg van haar een anti-allergiepilletje. Hopelijk helpt dat om de zwellingen en de jeuk onder controle te houden.
Het ontbijtbuffet in Hotel Moka blijkt een meevaller. Er is zelfs vers gebakken omelet. Ik geniet van het redelijk gevarieerde aanbod en smul als dessert van een soort rijstpap. Heel lekker!
Na de check-out stappen we in yet another taxi, die ons naar de laatste bestemming van onze reis brengt: Varadero! Het is alweer een probleem om de twee valiezen en twee trekrugzakken in de koffer van de taxi te krijgen. De oplossing is ondertussen genoegzaam bekend: de koffer dichtbinden met een koord. Werkt perfect. Gelukkig hebben we deze keer een moderne taxi mét airco en geen oldtimer. Fijn om eens voor de verandering niet aan de zetels vast te plakken. De zetels zijn zelfs vrij comfortabel. Mooi, die oldtimers, maar voor lange ritten gaat er niets boven het comfort van een moderne wagen.
Na een rit van iets meer dan drie uur rijden we het schiereiland Varadero op. Toegegeven, we hebben even last van een cultuurschok wanneer we ons hotel binnen stappen. We zijn van het rustige Las Terrazas in het centrum van het Cubaanse massatoerisme beland: het schiereiland Varadero is een langgerekte strook wit zandstrand met het ene na het andere all-inclusive hotel. En ja, hier gaan wij de laatste drie dagen van onze reis gezellig mee de toerist uithangen. In Starfish Cuatro Palmas, een adult only hotel met zwembad, een eigen stukje strand en alle drank en eten inbegrepen. Because: why not?
Onze koffers laten we achter in de bagageruimte (gelukkig hebben we daar deze keer op geanticipeerd en hebben we wel ons zwempak onder onze kleren aangedaan) en we gaan rechtstreeks naar het lunchbuffet. Jawadde, wat een overdaad! Het is ergens een beetje choquerend om te zien hoeveel eten hier ligt, terwijl we de voorbije dagen mensen bij staatswinkels zagen aanschuiven om brood en eieren te kopen. Varadero is een plek die volledig in het teken van de toeristen staat. Zo’n all-in hotel is een wereld op zich en je kan hier perfect twee weken doorbrengen met zee, strand, animatie, eten en drinken, zonder dat je het hotel moet verlaten.
Wanneer we echter een handdoek voor het strand proberen te bemachtigen, merken we al snel dat het échte Cuba ook hier niet veraf is. Eerst willen de dames van de beach club ons geen handdoeken meegeven omdat we nog geen kamernummer hebben, dus moeten we terug naar het onthaal om te informeren wat ons kamernummer is. Dan zijn alle handdoeken in de was en moeten we noodgedwongen zonder handdoek naar het strand. Na nog twee tevergeefse pogingen slagen mijn vriend en ik er dan toch eindelijk in drie handdoeken vast te krijgen. Dat aantal handdoeken ligt blijkbaar heel erg moeilijk, want we hebben maar recht op twee handdoeken omdat we een kamer van twee personen hebben. Wij leggen uit dat ons gezelschap uit vier personen bestaat, maar daar hebben de dames geen oren naar. Het is al een wonder dat we een extra handdoek losgekregen hebben. (Als je de handdoeken niet terug brengt, moet je trouwens een fikse boete betalen.)
Het is flink heet op het strand, zo heet dat we bijna onze voetzolen verbranden. Gelukkig slagen we erin vier strandstoelen te bemachtigen onder wat parasols. We smeren zonnecrème met de liters én profiteren van het all-inclusive aanbod. Een glaasje rum op het strand, wel ja, moet kunnen, nietwaar? Naarmate de namiddag vordert, pakken de donkere wolken zich samen boven het strand. Het lijkt erop alsof elk moment een fikse regenbui boven onze hoofden kan losbarsten. Gelukkig houden we het droog en brengen de wolken een beetje verkoeling.
Na een namiddag luieren en zwemmen gaan we de sleutel van onze kamer halen. We zitten in een apart gedeelte van het hotel, wat verder van de restaurants en de bars. Fijn om te merken dat met onze wensen is rekening gehouden, ik had immers een rustige kamer gevraagd. We spoelen het zand en het zoute water van ons af en maken van de gelegenheid gebruik om het bed uit te testen. 😉
Net voor zonsondergang begeven we ons met ons vieren terug naar het restaurant voor het buffet. We worden getrakteerd op een werkelijk prachtige zonsondergang en ik vloek binnensmonds dat ik mijn camera op de kamer gelaten heb. Hopelijk morgen een herkansing.
Het buffet voor het avondmaal is zo mogelijk nog overdadiger dan het buffet ‘s middags. Ik ga hier geen moeite doen om op te sommen wat er allemaal te eten valt, maar het is indrukwekkend. En alles ziet er zeer verzorgd uit.
Na het eten doen we wat elke goede toerist in Varadero doet: naar de avondanimatie aan het zwembad gaan. Een niet onaardig rockgroepje speelt covers van bekende nummers. Mijn vriend en ik glippen er even tussenuit om met onze internetkaartjes te profiteren van de wifi in de lobby van het hotel. Dat lukt niet honderd procent zoals gepland, want het lukt ons niet om uit te loggen (elk wifi-kaartje is goed voor één uur internet, maar als je uitlogt, kan je de resterende minuten op een ander moment gebruiken). Reden te meer om nog een extra rum añejo te gaan halen aan de bar. 😉
We sluiten de avond af met een mini-wandeling rond het hotel. Aan de overkant van de straat waaraan ons hotel ligt, is een latino show aan de gang, inclusief veren en minuscule bikini’s. Dat wordt hier nog een interessante afsluiter. 😉
Deze ochtend opgestaan om 6.45u. Ik kan niet ontkennen dat het pijn deed. Een ochtendmens zal ik wel nooit worden… We stond zo vroeg op omdat we op tijd wilden zijn om de allereerste ferry naar het vasteland te nemen en aangezien het een dikke tien minuten stappen van de bungalow naar de ontbijtplek was, hadden we genoeg marge ingecalculeerd.
Ons groepje van vier was als allereerste aan het ontbijt. Of wacht, neen, die brutale kaas stelende vogel van gisteren was nóg vroeger opgestaan om zich een lekker ontbijthapje toe te eigenen. Ik probeerde de pannenkoeken, maar dat bleek geen succes. Het eten op dit eiland kon me maar matig bekoren, maar goed, we zijn er niet ziek van geworden, dat is ook al iets.
Na uitgecheckt te hebben bij dezelfde onvriendelijke onthaalbediende als gisteren (ik begin te vermoeden dat zijn slechte humeur wel eens iets te maken zou kunnen hebben met de onmenselijk lange dagen dat hij hier moet kloppen) lopen we met onze bagage naar de aanlegsteiger van de ferry. Onderweg merken we ontelbaar veel krabbetjes op die zich verstoppen tussen de wortels van de mangroves.
De ferry van 9u is mooi op tijd. Ditmaal krijgen we een plekje op de oude ferry toegewezen. Wat we geen van allen erg vinden, want het is best een aangename boottocht en zo hebben we langer de kans om ervan te genieten. Gelukkig is de ferry lang niet zo volgeladen als gisteren.
Wij hadden met onze taxichauffeur geregeld dat hij ons zou komen ophalen op dezelfde plek waar hij ons de dag voordien had afgezet. Tot onze verbazing staat er ons echter geen mooie, rode oldtimer te wachten, maar een kleine, lelijke, gele lada. De chauffeur is ook een andere dan de dag voordien, maar hij is duidelijk goed gebrieft, want hij stapt recht op ons af en legt uit dat onze chauffeur verhinderd was, maar hij zal ons naar Las Terrazas brengen. We kijken iet of wat vertwijfeld naar de lada, maar low and behold, al onze valiezen passen zelfs in de koffer en dat zónder dat daar een touw aan te pas moet komen.
Binnen in de wagen is het zitcomfort helaas niet zo hoog. De zetels zijn behoorlijk oncomfortabel en het is gezellig warm, zo dicht op elkaar gepakt. Op de koop toe is de staat van de wegen waar we langs rijden abominabel. De ene put volgt na de andere en we worden flink door elkaar geschud.
De rit is echt onaangenaam, maar de chauffeur spant zich in om er het beste van te maken. Hij stopt zelfs onderweg om ons van de befaamde mamey vrucht te laten proeven, die een dame langs de kant van de weg te koop aanbiedt. Hij vraagt aan de dame om een mes en snijdt de vrucht voor ons open. Mijn vriend en ik proeven van de (lekkere!) vrucht, maar mijn broer en zijn vriendin durven het niet te wagen. De schrik om ziek te worden zit er goed in.
Na meer dan twee uur afzien in de lada, komen we aan in Hotel Moka in Las Terrazas. Las Terrazas is een dorp met 900 inwoners in de heuvels van Sierra de Rosario. Midden in een door de UNESCO beschermt natuurreservaat. De naam Las Terrazas verwijst naar de voor de pijnbomen aangelegde terrassen waar het gebied om bekend staat. De huidige inwoners halen hun inkomsten vooral uit het eco-toerisme.
We melden ons bij de receptie en krijgen te horen dat we pas om 16u kunnen inchecken. Tot we kunnen inchecken, mogen we onze bagage achterlaten in een opberghok. Hotel Moka biedt een ruim aanbod aan wandelingen en activiteiten aan en we besluiten meteen de natuurwandeling met gids te boeken. Altijd leuk om wat bij te leren over de lokale fauna en flora.
We eten een lichte lunch in het hotel (voor zover je spaghetti carbonara licht kan noemen, natuurlijk, het smaakt alleszins) en wachten aan ons tafeltje tot het 13u is. Ons groepje van vier krijgt voor de wandeling gezelschap van een Nederlands koppel, die met een huurwagen door Cuba reizen. Ze bevestigen ons dat dit niet altijd even makkelijk is. Wij blij dat we voor taxi’s als vervoermiddel gekozen hebben.
De gids is een oudere man die enorm veel weet te vertellen over de natuur in de omgeving van Las Terrazas. De wandeling doorheen de groene bossen is schitterend en we spotten onderweg hagedissen en veel verschillende vogelsoorten. Op de letterlijke hoofdvogel (de tocororo, de nationale vogel van Cuba) is het echter nog even wachten. Hoezeer de gids ook zijn best doet om de roep van de tocororo na te bootsen, het beestje laat zich niet zien. Al horen we nu en dan wel zijn roep als antwoord weerklinken vanuit het gebladerte.
Ondertussen wordt ons gezelschap aangevallen door duizenden muggen. Ondanks al de deet die ik op mijn lichaam smeer, vallen de muggen elk stukje bloot lijf aan dat ze kunnen vinden. Ze steken zelfs gewoon door mijn kleedje heen. Het is duidelijk dat een beetje deet deze muggen niet kan ontmoedigen om van mijn lekkere bloed te proeven. Ik probeer de muggen zo goed mogelijk weg te slaan, maar dat is onbegonnen werk. Ik houd mijn hart vast voor het resultaat van deze onverholen aanval.
Naar het einde van de wandeling toe hebben we geluk, daar vertoont zich, eindelijk, de tocororo, een prachtig, klein vogeltje met een rood, blauw en wit verenkleed, dat net aan die kleurencombinatie zijn titel van nationale vogel te danken heeft. Ik slaag er zelfs in een min of meer geslaagde foto van het beestje te maken. We sluiten de wandeling af in koffiestop Aire Libre voor een, volgens onze gids, geweldige ijskoffie. Helaas lust ik geen koffie, dus ik houd het op een flesje water.
Gelukkig zijn we ondertussen vlakbij ons hotel, want net op het einde van de wandeling barst er een fameuze regenbui los. We haasten ons tussen de regendruppels door terug naar Hotel Moka. Het is ondertussen 16u en de receptie wordt overspoeld door vers aangekomen gasten die allemaal tegelijkertijd willen inchecken. We zien het niet zitten om in de rij te gaan staan, dus drinken we nog iets in de bar. Ik bestel me een daiquiri, maar het smaakt me minder als de vorige keren. Kan het zijn dat ik de Cubaanse cocktails beu begin te worden? Een beetje meer variatie zou alleszins leuk zijn. Terwijl we onze cocktail drinken, barst het onweer in alle hevigheid los boven Las Terrazas. Het hele hotel is zo geconstrueerd dat in het gebouw bomen geïntegreerd zijn en de gangen zijn wel overdekt maar open naar buiten toe. Heel mooi, maar als het regent, staat er wel overal water in het hotel.
Wanneer de rij aan de check-in balie eindelijk is opgelost, checken we in en gaan we naar onze kamer. We profiteren van de goeie douche (met veel druk op het water, da’s niet overal het geval) en maken tijd voor een uitgebreide vrijpartij. Het regent nog steeds, dus veel activiteiten (buiten muggenbeten tellen, ik kom aan een goede dertig steken) staan er vandaag niet meer op het programma.
Ons avondmaal nuttigen we in het restaurant van Hotel Moka. Het is gestopt met regenen en vanaf het terras van het restaurant zien we de zon ondergaan tussen de bomen. Omdat er verder niet veel te doen valt in het hotel, drinken we rum op de kamer en kijken we naar de gopro filmpjes van de voorbije dagen. Ik moet eerlijk zijn dat voor mij Las Terrazas iet of wat een tegenvaller is. Mijn verwachtingen worden alleszins niet ingelost.
Onze laatste ochtend in Viñales. Jammer, want het was hier echt prachtig. Na het ontbijt nemen we afscheid van de iet of wat handtastelijke huisbaas en zijn vrouw en bedanken hen voor de goede zorgen. Ze hebben ons alleszins overvloedig voorzien van lekker eten en bijhorende tips over hoe maag- en darmproblemen te bekampen.
Om 8 uur vertrekken we. Een beetje vroeger dan gewoonlijk, maar vandaag hebben we een ferry te halen. Opnieuw worden we opgehaald door een prachtige oldtimer. De rit naar het vertrekpunt van de ferry verloopt vlekkeloos. De taxi zet ons af vlak voor het ticketverkooppunt. Ditmaal moeten we geen schrik hebben om de ferry te missen: we zijn de allereerste klanten en dan moeten we nog niet eens een ticket kopen, want dat hebben we al. We nestelen ons in de comfortabele zeteltjes en wachten tot de ferry aankomt. Een vriendelijke oude heer laadt onze bagage op een kar en brengt deze naar de aanlegsteiger van de ferry. Lekker makkelijk én goedkoop (slechts 1 CUC).
Een half uur later zien we twee boten aankomen: een oude aftandse ferry en een snellere, moderne boot. We hebben geluk, aangezien de kruier onze bagage op de nieuwe boot heeft gezet, kunnen wij een plaatsje daarop bemachtigen. We zijn dan ook veel sneller dan de andere boot op onze bestemming: Cayo Levisa, een prachtig tropisch eiland met witte stranden en helderblauw water.
We stappen van de boot en lopen met onze bagage over een vlonderpad omringd door mangroven. Wanneer we aan het onthaal van het hotel komen, krijgen we meteen een drankje aangeboden. Helaas, dit drankje is niet een versgeperste heerlijkheid, zoals we ondertussen gewoon zijn, maar zo’n vies oplospoeder-fruitdrankje. Ik krijg met de beste wil van de wereld niet meer dan één slok binnen. De rest laat ik discreet ergens achter.
Het is nog geen 11u wanneer we ons melden aan het onthaal, hopend dat we al in onze bungalows kunnen. Helaas, de bediende aan het onthaal maakt ons duidelijk dat hij geen minuut wil afwijken van de checkintijd van 15u, of onze kamers nu klaar zijn of niet. Op zich heb ik daar uiteraard begrip voor, maar wij storen ons vooral aan de bijzonder onvriendelijke manier waarop de bediende aan het onthaal dit ons meedeelt. Het verschil tussen een casa (uitgebaat door privépersonen) en een staatshotel is meteen duidelijk.
De bediende aan het onthaal staat erop dat we onze paspoorten bij hem achterlaten (terwijl elke Cubagids zegt dat je dit nooit mag doen). Onze valiezen moeten we ergens dumpen in een kleine ruimte achter het onthaal. We voelen ons niet meteen welkom.
We hebben de cruciale fout gemaakt niet ‘s ochtends in onze casa al ons badpak aan te trekken. Ondanks het feit dat dit eiland een populaire bestemming is voor dagjestoeristen, zijn er nergens omkleedruimtes en de toiletten, wel, die zijn op twee na allemaal verstopt. Niet bepaald een prettig gezicht. Ik kleed me dan maar om in de ruimte met de wastafels. De andere toiletbezoeksters zullen wel tegen wat blote borsten kunnen.
Voor mijn broertje is het onvriendelijke onthaal de druppel en hij gaat in staking. Hij vindt Cayo Levisa maar niks en laat dit duidelijk blijken. Wij proberen hem te zeggen dat dit de andere kant van Cuba is en dat zo’n staatshotel een ervaring op zich is, hoe onvriendelijk het personeel hier ook mag zijn. Maar hij ziet het anders.
Mijn vriend, de vriendin van mijn broertje en ikzelf beslissen dat we één onvriendelijke bediende ons verblijf op Cayo Levisa niet gaan laten verpesten en we boeken een snorkeltochtje om 11.30u. Dat heldere blauwe water hier zit ongetwijfeld vol met vissen. We laten het aan mijn broer om onze bagage te bewaken bij het onthaal.
De boot die ons naar de snorkel- en duikplek brengt, is dezelfde als degene die ons naar Cayo Levisa gebracht heeft. Mijn vriend en ik hebben onze eigen snorkels bij (gekocht in Corsica) en de vriendin van mijn broertje heeft een snorkel geleend. We trekken onze zwemvliezen aan en springen in het heldere, turquoise water. We zien meteen hele scholen vissen rond de boot zwermen (het feit dat de matrozen brood in het water gooien, zal daar ook wel iets mee te maken hebben).
De vriendin van mijn broertje heeft iet of wat last met de zwemvliezen, maar nadat ze die heeft uitgedaan gaat het beter. We snorkelen zo’n drie kwartier in het heldere water en keren dan met de boot terug naar Cayo Levisa, alwaar mijn broer nog steeds op dezelfde plak bij het onthaal zit te wachten.
Tijd voor de lunch. Aangezien er zich slechts één hotel bevindt op Cayo Levisa, beperkt het aanbod aan restaurants zich tot twee. Wij maken het ons niet te moeilijk en gaan voor het grote self service buffetrestaurant vlakbij de receptie. Het lunch-piekuur is gepasseerd, wat maakt dat het niet zo gemakkelijk is om een aanvaardbaar propere tafel te vinden. Na wat rondlopen, vinden we een tafel die ermee door kan.
Het buffet is best ok. De gerechten zijn vrij basic, maar we hebben genoeg keuze. We blijven wel ver weg van de kazen, want er zijn een aantal brutale vogels die zomaar het restaurant binnen vliegen en zo stout zijn om wat blokjes kaas van het buffet weg te plukken. Het personeel doet enkele halfslachtige pogingen om de vogels met wat geklap weg te jagen, maar dat maakt duidelijk weinig indruk. Gratis entertainment tijdens de lunch. -)
Ondertussen is het 15u en kunnen we eindelijk inchecken. Wanneer we ons om 15u stipt opnieuw naar het onthaal begeven, blijkt dat de onthaalbediende onze paspoorten die daar al een uur of vier liggen nog niet gekopieerd heeft. We zuchten even om de slechte service, maar laten het passeren.
Het is een stevig eindje stappen van de receptie over het vlonderpad naar onze bungalows, maar gelukkig blijken onze twee bungalows goed mee te vallen. Ze zijn reusachtig groot, liggen op een paar meter stappen van het strand en beschikken over zowel een binnen- als een buitendouche.
We slagen er zowaar in een strandhutje met strandstoelen te bemachtigen van dagjestoeristen die met de ferry vertrekken (met als bonus een prachtig zicht op enkele Franse billen). Zelfs het humeur van mijn broer lijkt op te klaren. We doen de ganse namiddag niet veel meer dan zwemmen en genieten van het lege strand. Nu de dagjestoeristen weg zijn, is het aangenaam rustig en kunnen we uitgebreid de schoonheid van de turquoise zee en het witte strand opzuigen.
Mijn vriend en ik maken een wandeling naar een verlaten plek op het strand alwaar we van de gelegenheid gebruik maken om de liefde te bedrijven. Hoe vaak heeft een mens een strand voor zich alleen? 😉
Op de terugweg naar ons strandhutje zien we dat er boven het hoofdeiland een flinke regenbui hangt, gelukkig blijven wij op Cayo Levisa daarvan gespaard. Heel mooi, dat prachtige witte zand, maar het kruipt wel overal tussen. We maken uitgebreid gebruik van onze twee douches om al het zand van ons af te spoelen en keren terug naar het buffetrestaurant voor het avondmaal. Het buffetaanbod is ongeveer hetzelfde als ‘s middags, maar we hebben wel de mogelijkheid om verse vis en te laten bakken op de gril.
Na het avondmaal willen we nog iets te gaan drinken in de enige bar die het eiland rijk is. We zijn nog geen twintig meter gevorderd op het vlonderpad, wanneer er een stevige regenbui losbarst. Mijn vriend en ik rennen zo snel als we kunnen over het vlonderpad naar de bar, alwaar we nog net kunnen binnen glippen voordat de bediening het laatste luik neerlaat om de regen buiten te houden. Wij stellen vast dat we onderweg echter ergens mijn broer en zijn vriendin zijn kwijtgeraakt. De bar zit stampvol, maar omdat we het allebei jammer zouden vinden om de avond op dit mooie eiland niet samen met onze reisgenoten door te brengen, besluiten we de bar te verlaten en verder te lopen naar onze bungalows.
Het is even wringen om buiten te geraken uit de bar, waarvan alle luiken nu helemaal dicht zijn (een bediende moet voor ons een luik opnieuw een stukje openen), maar gelukkig is het ergste van de regenbui ondertussen achter de rug. De hemel klaart verrassend snel op en we zien zelfs sterren aan de hemel verschijnen. Veel meer dan dat wij gewoon zijn in het door licht vervuilde Europa.
Mijn broer en zijn vriendin waren inderdaad doorgelopen tot aan hun bungalow. Allebei flink doorweekt door de regen. We besluiten een fles rum te openen die we in Viñales kochten en wat gezellig te babbelen in de bungalow van mijn broer tot we opeens een gigantische kakkerlak opmerken die zomaar onbeschaamd door de leefruimte paradeert. Ik kan er niets aan doen, maar er ontsnapt een kleine gil aan mijn lippen. Kakkerlakken zijn nu eenmaal ontzettend vieze beesten en opeens moet ik eraan denken dat mijn koffer gewoon open in onze bungalow ligt. Meteen flitsen er scenario’s door mijn hoofd van kakkerlakken die over mijn proper gewassen kleren kruipen.
Wat volgt is een onvervalst slapstickmoment. Mijn broer die met een asbak het dier probeert te vangen, want, ocharme dat beestje, hij gaat dat gewoon buiten zetten… En wij met ons drieën die dat ongedierte liefst willen doodkloppen met de schoenmaat 48 van mijn broer. Uiteindelijk slaagt mijn broer er zowaar in het ding te vangen (na het één keer te laten ontsnappen), maar ik denk wel dat er in de achtervolging een aantal poten gesneuveld zijn. Mijn broer zet de (hopelijk zwaargewonde) kakkerlak buiten en wij zetten onze avond verder.
Terug in onze eigen bungalow heb ik nog de eer het broertje of zusje van onze gehandicapte kakkerlak tegen te komen, terwijl ik poedelnaakt op het toilet zit. Geen genade deze keer. Het beest sneuvelt na een moedige strijd en wordt vervolgens door mij door het toilet gespoeld. Eind goed, al goed. 😉
Gisteren ging ik nog eens op stap met mijn broertje voor een tasting. Na uitgebreid kennis gemaakt te hebben met de whisky van Arran vonden we het na onze reis naar Cuba tijd om onze kennis over Jamaicaanse rum te verdiepen. Alhoewel verdiepen niet meteen het juiste woord is. Ik denk niet dat ik al ooit een glas Jamaicaanse rum gedronken heb.
Mijn broer en zijn vriendin kwamen met de wagen naar Leuven. Mijn broer en ik lieten zijn vriendin achter op mijn appartement (ze is niet zo’n fan van sterke drank) en vanaf het station van Leuven de bus naar Boortmeerbeek. Een iet of wat ongezellige busrit, want de Leuvensesteenweg is sowieso al geen prettige straat en de buschauffeur stopte bij elke halte erg bruusk, waardoor ik op het einde van de rit zelfs een beetje misselijk was.
Ter plekke moest ik dus even van de busrit bekomen, gelukkig waren we een dik kwartier te vroeg. Dat gaf ons de gelegenheid de prachtige winkel van TasTToe te bewonderen. Ik denk niet dat ik al ooit zoveel sterke drank bij mekaar gezien heb in mijn leven. De winkel heeft zelfs een geklimatiseerde walk-in wijnkast en een humidor om sigaren te bewaren. Indrukwekkend.
In het midden van de winkel waren een paar lange tafels neergezet en de flessen rum die we deze avond zouden proeven stonden al klaar. Ik keek ernaar uit, want ik drink al eens graag een lekker glas rum na een goede maaltijd. Helaas, deze proeverij leerde mij dat Jamaicaanse rum niet zo mijn ding is. Veel te scherp van smaak en de geur (van nagellakverwijderaar) was soms zo overweldigend dat ik bijna geen zin meer had om te proeven. Sommige proevertjes heb ik zelfs laten staan: ik kon me er echt niet toe brengen het glas volledig leeg te drinken. Ook mijn broer was niet overtuigd. Aan de andere kant vond ik het wel interessant om bij te leren over het proces van het rum maken. Alhoewel het duidelijk is dat Jamaica erg trots is op hun exportproduct, blijf ik stevig in het kamp van de heerlijk zachte, zoete, donkerbruine rum.
Dit proefden wij:
Appleton Estate Rare Blend 12y – 42%
Monymusk Kintra 14y – 52,5%
Worthy Park Road Rummers 11y – 53,7%
Worthy Park Virgin Oak 5y – 55%
Hampden Overproof 7y – 60%
Jamaica 2008 11y – 62,8%
Long Pong Velier 11y – 62,5%
Mijn persoonlijk top 3 (waarvan ik eerlijk gezegd zelf nooit een fles in huis zou halen):
Worthy Park Road Rummers 11y – 53,7%
Appleton Estate Rare Blend 12y – 42%
Long Pond Velier 11y – 62,5%
Opvallende vaststelling: er waren slechts twee vrouwen aanwezig op een totaal van zo’n dertig aanwezigen. Wellicht wisten al de andere vrouwen dat de rum die geschonken zou worden naar nagellakverwijderaar stonk. 😉
Fijne babbel gehad trouwens met een sympathieke kerel uit Antwerpen bij ons aan tafel. Niet echt een groot rumkenner, maar wel een hobbyist die zijn eigen bier brouwt. Voor de liefhebbers: Galea Craft Beers.
Na het evenement kwam de vriendin van mijn broertje ons ophalen bij TasTToe, want op dat uur waren er geen rechtstreekse bussen meer naar Leuven. Een veel aangenamere rit dan de heenrit. 😉
Zondag spoorden mijn vriend en ik opnieuw naar Herentals. Ditmaal waren de weergoden ons beter gezind en reden we onder een stralend zonnetje met onze blue-bike naar het huis van zijn ouders voor de jaarlijkse familiebijeenkomst met zijn ouders, het gezin van zijn broer en het gezin van zijn zus. In totaal waren we met zes volwassenen en vijf kinderen. We aten eerst samen een pistolet en vertrokken dan naar Olen voor het gratis kinderfestival Keizer Kriek.
Het was zo’n prachtig weer dan mijn vriend en ik bedankten voor een lift en met onze blue-bikes tot ginder fietsten. Dankzij de fietsknooppunten werd het een aangename tocht die ons langs de toeristische highlights van Herentals, de Kleine Nete en het kanaal bracht. Echt genoten van dit fietstochtje met z’n tweeën, al waren de temperaturen met meer dan dertig graden misschien net iets minder fietsvriendelijk.
Het kinderfestival Keizer Kriek werd geafficheerd als een dag waarop kinderen ook grote-mensen-dingen mochten doen. En bij het eerste standje dat we aandeden, leek dat ook effectief zo te zijn: de kinderen mochten plaatsnemen aan een heuse draaischijf en zelf een potje boetseren. Leuk! Daarna ging het echter steil bergaf met de knutselactiviteiten. Sambaballen knutselen met plastic lepels en rijst in van die plastic Kinder-eitjes en daar dan gigantisch veel plakband rond; houten lepels met lijm insmeren en vol met glitter hangen, waarbij de helft van de glitter op de grond terecht kwam;… In tijden dat er zoveel wordt gediscussieerd over het risico van microplastics, vond ik het een beetje confronterend dat de meeste knutselactiviteiten in meer of mindere mate gebruik maakten van plastic. Waar is de tijd dat ik hele schilderijen knutselde met harde pasta in allerlei vormen en kleuren? Of keukenrolletjes versierde met wol? Enfin ja, niet goed over nagedacht, denk ik zo.
Voor volwassenen zonder kinderen viel er bitter weinig te beleven, buiten iets drinken op een terrasje. In de schaduw dan wel, want wie zich in de volle zon durfde neerzetten, werd bijna levend geroosterd, zo warm. Konden mij wel bekoren: de rope skipping demonstratie (zo jammer dat deze sport niet tijdens mijn jonge jaren bestond, zou ik beslist geweldig gevonden hebben) en de X-treme rock ‘n roll, man, man die konden er wat van! Ook cool: de death ride van de mannen van het leger.
Rond vijf uur vingen mijn vriend en ik de terugtocht naar Herentals aan, alwaar bij aankomst ons de grootste verzameling Chinese gerechten ooit opwachtten. Uiteraard hadden zijn ouders weer lichtelijk overdreven… Ik ga ervan uit dat ze de rest van de week op de overschotjes alleen hebben kunnen overleven. 😉
Die luttele calorieën die we tijdens onze fietstocht verbrand hadden, werden alvast dubbel en dik aangevuld door dit copieuze avondmaal. Ik had zelfs geen plek meer voor het dessert! Tijdens de treinrit naar huis, zat er bijgevolg niet veel energie meer in ons. 😉
Bij het ontbijt blijken mijn broer en zijn vriendin nog steeds geplaagd door darmproblemen. De toeristenziekte is heel hardnekkig, hier in Cuba. Maar goed dat we extra immodium gekocht hebben.
Vandaag beperken we ons tot wat uitstappen in Viñales zelf. Via de uitbater van onze casa regelen we een taxi. En nogal corpulente chauffeur met een knalrode wagen komt ons oppikken. Trots vertelt hij dat het voertuig 70 jaar oud is. Wat er, om eerlijk te zijn, ook aan te zien is. Het ding hangt duidelijk met haken en ogen aan elkaar. Het comfort in de wagen is niet zo hoog, maar daar zijn we ondertussen al een beetje aan gewend geraakt, hier in Cuba.
Al snel wordt het ons duidelijk dat we ditmaal geen officiële taxi getroffen hebben. De officiële taxi’s hebben allemaal een duidelijk zichtbaar bordje met ‘taxi’ aan hun voorruit hangen. Dit attribuut ontbreekt echter in onze knalrode wagen en het valt op dat onze chauffeur erg voorzichtig is bij het parkeren van zijn voertuig. Hij zal altijd op een plek ver weg van de ingang gaan staan. Oh well, onze chauffeur is een aimabele man en het tarief dat hij voorstelde om een dag met ons rond te rijden, is veruit het goedkoopste tot nu toe.
Onze eerste stop van de dag is Cueva del Indio, een niet zo grote grot met druipsteenformaties, waarvan we elders al mooiere exemplaren gezien hebben. Na een korte wandeling stappen we over in een bootje dat ons naar de andere kant van de grot brengt. Mooi, maar echt onder de indruk zijn we niet.
Volgende halte: Cueva de San Miguel. Dit is een grot waar je gewoon kan doorwandelen en om eerlijk te zijn, niet echt de moeite. Gelukkig is het inkomgeld laag genoeg om niet van een teleurstelling te moeten spreken. Wat deze grot toch de moeite van een bezoek waard maakt, is het feit dat de holtes en spleten vroeger dienst deden als woonst voor gevluchte slaven. Her en der in de grot zijn scènes nagebouwd om het (ongetwijfeld harde) leven van vroeger te evoceren.
Aan het einde onze wandeling door de grot worden we opgeschrikt door tromgeroffel. Een zeer stevig gebouwde zwarte komt op ons afgelopen en voert vlak voor onze neuzen een vuurspuwact uit. Hij strijkt ook verschillende malen met een fakkel over zijn armen (waarop geen haartje meer te bespeuren valt). We durven niet anders dan hem een fikse fooi geven. Wie weet spreekt hij anders wel een Santería vloek op ons uit. 😉
Derde stop: de Jardin Botanico van Viñales, een prachtige tuin die vol met de meest exotische bomen en planten staat. De tuin werd aangelegd door twee zussen, kinderen van een zwarte vader en een Aziatische moeder. We krijgen een heel boeiende rondleiding in de tuin en zien zelfs een kolibrie! Het lukt me niet het vogeltje goed in beeld te brengen, maar toch blij dat ik voor het eerst in mijn leven een kolibrie in het wild gezien heb. Op het einde van de rondleiding mogen we nog wat vers fruit proeven, afkomstig uit de tuin. Heel erg boeiend!
Terwijl we onderweg genieten van de eighties music die onze chauffeur voor ons speelt, rijden we verder naar de Mirador del Valle, waar we de Valle de Viñales vanuit alweer een ander gezichtspunt kunnen bewonderen. Op deze plek bevindt zich ook een informatiepunt dat heel boeiende uitleg biedt over het ontstaan van deze bijzondere vallei en zijn fauna en flora. Jammer dat de meeste canvassen met uitleg al wat aan het verslijten zijn.
Volgende halte: de Mural de la Prehistoria. De Cubaanse schilder Leovigildo González, leerling van de befaamde Mexicaanse kunstenaar Diego Rivero, schilderde op de kale rots van een mogote een reusachtige en bijzonder kleurrijke muurschildering die de evolutie uitbeeldt. Van ammonieten tot homo sapiens (al zijn er toch wat tussenstappen verdwenen, waarschijnlijk wegens plaatsgebrek). Het kunstwerk dateert uit 1959-1962 en maakt gebruik van de scheuren in de rots voor speciale licht- en kleureffecten. De muurschildering wordt regelmatig overschilderd om de kleuren levendig te houden.
Als laatste stop op onze rondrit, zet onze chauffeur ons af bij een plek waar we kunnen ziplinen. Aangezien ik een kleedje aan heb en geen short bij heb om onderaan te doen, sta ik niet meteen te springen om deze uitdaging aan te gaan. Gelukkig heeft de rest van mijn gezelschap ook net zoveel zin in een zipline-ervaring.
In de plaats daarvan maken we een wandeling die start op dezelfde plaats als waar je de zipline tickets kan kopen. We verwachten niet al te veel van deze wandeling, maar onverwacht komen we op mooie paden terecht geflankeerd door kunstzinnige houten beelden. We maken een kleine lus en genieten van de prachtige natuur rondom ons. We komen langs een uitkijkpunt, een grot, een groen watertje, een paard en wat koeien en geiten. Het is stevig warm en vooral mijn broer en zijn vriendin hebben het lastig.
Na de wandeling brengt onze sympathieke chauffeur ons terug naar het centrum van Viñales. Ondertussen is het al ongeveer 14u. Tijd voor het middagmaal. We komen terecht in restaurant Tres Jotas alwaar we ons eerst naar het toilet begeven om het rode stof van onze handen te wassen. Ik durf het aan The Three J Tapas te bestellen. Lekker veel variatie, al blijft natuurlijk altijd ergens de schrik spelen om ziek te worden. Leuk detail: de rekening wordt gebracht in een uitgehold boek.
Na het middagmaal keren we terug naar onze casa, waar we de hitte en het rode stof van ons afspoelen. Mijn vriend en ik hebben na al dat in de wagen zitten zin in nog een wandeling, maar we kunnen mijn broer en zijn vriendin niet overtuigen om mee te gaan. Dus trekken we er met zijn tweetjes op uit en laten we ons op goed geluk leiden door openstreetmap.
De wandeling brengt brengt ons langs boerderijen met allerlei gewassen en een koffieplantage met ditmaal wel mooie, groene koffiestruiken. We komen zelfs een verdwaalde kalkoen tegen! We pauzeren er even bij een overdekt open lucht café en drinken er de beste cocktail van gans de reis: een guarapi ron (suikerrietsap, citroensap, appelsiensap, ananassap en rum), uiteraard bestellen we een extra portie rum om de cocktail net dat meer pit te geven. We worden bediend door een supervriendelijk meisje dat ons gerust stelt: al het ijs dat ze gebruiken, wordt gemaakt van flessenwater. Oef!
We wandelen tot aan een prachtig meer in de Valle del Silencio. Het is me niet geheel duidelijk of dit meer kunstmatig is of door mensen aangelegd, maar de omgeving is alleszins prachtig. En guess what? Je kan er koffie, rum en sigaren kopen. Wie had dat verwacht? Op de terugweg maken we nog een ommetje langs de Mirador van Valle del Silencio die uitkijkt over de omgeving waar we zonet gewandeld hebben. Mooi met de ondergaande zon.
We komen volledig bestoft terug van deze wandeling en nemen onze tweede douche van de dag. Het water dat van mijn lijf stroomt ziet helemaal rood. Tijd voor het avondmaal! Origineel zijn we deze keer niet, we keren terug naar Cubar, waar we onze eerste dag in Viñales zulke heerlijke cocktails gedronken hebben. We gaan opnieuw voor tapas en genieten van de lekkere kroketjes, patatas bravas, brochettes, tortilla en bruschetta’s. En ik ontdek dat een banana daiquiri zo mogelijk nóg lekkerder is dan een gewone daiquiri.
We sluiten de avond af met een lekker glas rum en zijn het er allen over eens: Viñales is het voorlopige hoogtepunt van onze trip naar Cuba.