‘t Zou grappig zijn, moest het niet zo triest zijn dat zoveel Amerikanen het mens effectief als een rolmodel zien.
Artistiek verantwoord?



Of gewoon mislukt?
Deze week
- werkte ik op mijn vrije dag.
- werkte ik op de laatste zonnige zaterdag van het jaar.
- Moest ik het onderspit delven tegen een Ledebergse muggenovermacht met als resultaat acht jeukende bulten.
- Werd ik eens niet door mijn squashpartner in de steek gelaten (al nam ik het zekere voor het onzekere door hem sms-gewijs aan onze afspraak te herinneren).
- Werkte ik tot half twee ‘s nachts.
- Moest ik machteloos toezien hoe het aantal ongelezen mails in mijn inbox aangroeide.
- Vergaderde ik de pannen van het dak .
- Ging ik naar een schitterend concert van Thomas Zehetmair, maar kon ik niet beletten dat mijn gedachten afdwaalden naar het werk dat nog verzet moest worden.
- Reeg ik de werkgerelateerde dromen aan mekaar.
- Coördineerde ik als een professional.
- Leek ik ondanks alle onrealistische deadlines en slaapgebrek energie op overschot te hebben.
En de week is nog niet om! (Maar voel ik daar een kriebel in mijn keel?)
Studentenwelkom
Toen ik begon met studeren (lang, lang geleden), bestond het studentenwelkom nog gewoon uit een film die geprojecteerd werd op een groot scherm op de Oude Markt. Ik herinner me vaag een vertoning van Trainspotting en de beruchte toiletscène (the horror). Vandaag de dag worden de studenten gebombardeerd met allerlei informatieve standjes en foldertjes. Informatie waar we vroeger, in tijden dat KotNet nog in de kinderschoenen stond en internet op kot alles behalve een evidentie was, helemaal zelf achteraan moesten. Gsm’s kenden we niet. Neen, wij gingen bij elkaar op kot langs en als de persoon in kwestie niet thuis was, lieten we briefjes achter op de deur om hem of haar te laten weten waar we gingen feesten. Computers zag je enkel en alleen in de computerlokalen. En als je een taak moest maken op de pc, was het aanschuiven geblazen om een plekje te bemachtigen.
Mijmerend liep ik donderdagnamiddag rond op het Ladeuzeplein. Ik kuierde tussen studenten die op de warme tegels in de herfstzon naar de optredens zaten te luisteren en studenten die hun gegevens achterlieten bij een infostandje in de hoop iets te winnen. Het plein lag bezaaid met folders en afval. Het begin van een nieuw academiejaar, jonge mensen vol goede voornemens en gespannen verwachtingen. Jong en trappelend van ongeduld in de overtuiging dat de wereld aan hun voeten ligt.
Na al die jaren die mij ondertussen scheiden van het studentenbestaan zou ik nog steeds zonder verpinken met hen willen ruilen. Al denk ik dat ik niemand meer ga kunnen wijsmaken dat ik een generatiegenoot ben.
Samenloop van omstandigheden
Ik was vandaag een beetje aan de late kant voor de squash, ditmaal niet door toedoen van de NMBS, maar wel omdat ik simpelweg te lang op het werk was blijven zitten (één dag afwezigheid en mijn mailbox liep alweer over). Dus sprong ik in zeven haasten op mijn fiets om er een mooi sprintje richting squashclub uit te persen, toen ik merkte dat er parkeerwachters in onze straat rondliepen. Normaal hebben we een bewonerskaart, maar die is al een tijdje vervallen en omdat het leasingcontract van de wagen nog moet overgezet worden naar onze nieuwe bvba, besloten we nog even te wachten met de aanvraag van een nieuwe bewonerskaart tot alles in orde was. En natuurlijk, net die ene keer dat we de wagen niet op het Engels plein geparkeerd hadden, komen ze opschrijven. Ik maakte rechtsomkeer en drukte op de bel van ons appartement om snel aan mijn vriend te melden dat er parkeerboetes werden uitgedeeld. Zegt mijn vriend mij via de parlofoon dat hij op dat moment mijn collega aan de lijn had “waarvan het geluid niet werkte”. Ik in de war, hij nog meer.
Nu moeten jullie weten dat ik mijn trouwe iphone één keer in de week achterlaat om te gaan squashen. Ik zie er het nut niet van in dat ding mee te nemen en het risico te lopen dat hij gestolen wordt terwijl ik op een balletje sta te meppen. Omdat de iphone bleef rinkelen had mijn vriend toch maar opgenomen, denkend dat het dringend was. En net op dat moment belde ik aan. Ik kan me zijn verwarring levendig voorstellen. Enfin, de problemen raakten opgelost en de auto werd verzet (helaas te laat, want de parkeerretributie was een feit).
Door dat alles was ik uiteraard hopeloos te laat op de squash. Maar toch nog eerder dan mijn squashpartner. Ik begon al lont te ruiken en na een dik kwartier alleen tegen een balletje gemept te hebben, realiseerde ik me dat hij waarschijnlijk onze afspraak weer vergeten was en dat ik mezelf als tegenstander zou hebben voor de rest van het uur. Ik heb alleszins flink doorgemept, want ik slaagde erin mijn twee balletjes in het plafond te kloppen. Gelukkig kreeg ik er eentje uit de grote voorraad “in het plafond geklopte” balletjes van de squashclub. Nog een kwartier later komt de uitbater mij melden dat mijn squashpartner er niet meer zou geraken. Dat had ik tegen dan ook wel door, maar kom, ik was nu toch goed bezig.
Op de terugweg van de squash hielp ik nog een verdwaalde buitenlandse studente uit de nood die dacht dat het busstation aan de Vaartkom lag. Had ik tenminste het gevoel dat mijn eenzaam squashuurtje toch nog ergens nuttig voor was geweest.
Volgende week beter?
Andere stijl
De eerste les Spaans zit er alweer op. Het zal even wennen worden aan de nieuwe leerkracht die er toch een heel andere stijl op nahoudt dan we gewoon zijn van onze liefste Lily. De nieuwe leerkracht is er eentje die zelf nogal veel praat en weinig corrigeert (tenzij een beetje stiekem op een blad papier; wat is er mis met gewoon in de klas een leerling te verbeteren? we kunnen daar toch allemaal iets van leren?). Nu, het was pas de eerste les, dus dan moet er noodzakelijkerwijs wat uitleg gegeven worden, maar ik had toch verwacht dat iedereen de kans zou krijgen om zichzelf kort voor te stellen. Er zijn toch weer een hoop nieuwe gezichten tussen de medestudenten. Altijd handig om te weten met wie je oefeningen zit te maken. Enfin, we zien wel wat het geeft.
Aux petits oignons
Deze zaterdag hadden we afgesproken met onze vrienden uit Waals-Brabant. Omdat ze echter midden in de verbouwingen zaten (hun derde verbouwing al, waar ze de energie vandaan blijven halen, het is mij een raadsel), konden we ditmaal niet genieten van de uitmuntende kookkunsten van vriendin Q. Maar niet getreurd, ze verrasten ons op een etentje bij Aux petits oignons, een klasse-restaurant in Jodoigne.
Het werd een zalige avond, met heerlijk eten en veel nieuwtjes om uit te wisselen: zij een nieuwe, uitdagende job die helemaal geknipt is voor haar, hij een dikke promotie en wij onze fonkelnieuwe bvba. Geen wonder dat we als allerlaatsten het restaurant verlieten, terwijl het personeel al bezig was de tafels te dekken voor de volgende dag.
Dit aten wij:
Opeenstapeling van eendenlever en zachte appels, gekarameliseerde brioche, luchtige melk met gegrilde nootjes
**
Smeltende rogvleugel op waterzooise wijze, groentenvocht, mousseline van worteltjes en selder, geplette ratte aardappelen met gerookte boter
**
Suprême van geel gevogelte, verse pasta met spek en uitjes, aardappelen cappuccino en zachte geitenkaas, ingekookte vleesjus
**
Boterham met boeren reblochon en coppa, sjalotten mousseline, gekrulde sla en groene appel
**
Cannelloni van mango’s met vanille en groene citroen, passie ijs en sorbet, gel van basilicum en agastache (kruid)
Oplevering – the never ending story
En zo stond ik op een zaterdagochtend om kwart voor acht ‘s ochtends op in de overtuiging dat na al die jaren er eindelijk nog eens een poging tot oplevering gedaan zou worden. Naïeveling die ik ben. De oplevering was al met een week uitgesteld omdat “de vloerder niet kon komen, maar geen paniek deze week kwam het zeker in orde” (quod non). Nadat ik deze ochtend de slaap uit mijn ogen gewreven had, bleek er deze nacht om half twee een mailtje te zijn binnengelopen: “Voorlopige oplevering uitgesteld wegens overlijden schoonmoeder bouwheer.” Het is me onduidelijk hoeveel schoonmoeders onze bouwheer heeft, want volgens mij is dit excuus al eens eerder gebruikt. Achja, les excuses sont faits pour s’en servir
Benieuwd wanneer de volgende poging gedaan zal worden.
Het begin van het nieuwe schooljaar
Jaja, ook voor yab is het nieuwe schooljaar weer begonnen. Vorige week vrijdag had ik mijn eerste les fotografie. Ons groepje bleek slechts uit vier personen te bestaan, waarvan de enige vrouw het al na een half uur aftrapte omdat ze zat te rillen van de koorts. De twee mannen op leeftijd waren van het type “de grootte van mijn penis is omgekeerd evenredig met de grootte van mijn lens” en ik zag ze denken: “Wat komt dat meisje hier doen?”. Maar goed, eerste indrukken kunnen bedriegen en ze waren wel vriendelijk tegen mij en mijn decolleté.
Eerste onderwerp: back to basics. Want uiteindelijk heb je om te fotograferen niets anders nodig dan een zwartgeverfde schoenendoos met een gaatje in en lichtgevoelig papier. Pinhole photography, dus. Al die dure lenzen en ingewikkelde mechaniekjes, nergens voor nodig. Heel interessant om het fotografische proces terug te brengen tot de basis-eigenschappen van het licht. En zo ontwikkelde ik voor het eerst een fotonegatief in een geïmproviseerde donkere camera. Het negatief omzetten naar positief deden we simpelweg met een flitser en een ander stuk fotopapier, om zo tot een contactafdruk te komen.
Volgende les werken we verder op dit thema. Ik vond het heel boeiend, maar niet meteen iets wat ik mezelf in mijn vrije tijd zie doen. Mijn Canon 550D is me daarom iets te lief.
Surreëel
Niet te geloven dat we slechts enkele maanden geleden in deze stad rondliepen. Het lijkt alweer zo lang geleden.
TOKYO SLO-MODE from alex lee on Vimeo.




