C-mine

Vandaag was ik voor een conferentie op de C-mine site. Hoewel ik Limburgse roots heb, had ik de terreinen van de voormalige mijn van Winterslag nog nooit bezocht. En ondanks het feit dat ik op een ontieglijk vroeg uur moest opstaan, beklaagde ik me de lange trip naar het verre Genk niet. Het prachtige weer en de fijne receptie achteraf hielpen natuurlijk ook wel.

Maar vooral: wat een magnifieke omgeving. Heden en verleden worden samengebracht in een schitterend, zij het peperduur project op de vroegere mijnsite. Zo’n plek kan met recht en reden de ambitie koesteren om creativiteit te stimuleren. Als alle werken gerealiseerd zijn, ga ik zeker nog eens terug.

En oja, proficiat aan Jan Hoet. Die prijs voor de Algemene Culturele Verdienste is absoluut verdiend!

Kleine wereld

Vorige week vrijdag hadden mijn vriend en ik afgesproken met een kameraad uit de Japanse les om samen ramen te gaan eten in de Nanaban in Zaventem. Onze kameraad had zijn reisgenoot die hem vergezelde op zijn reis door Japan met zich meegebracht. Toen we aan mekaar werden voorgesteld, rinkelde er zowel bij mijn vriend als bij mezelf een belletje. Het gezicht van de reisgenoot kwam ons allebei bekend voor, maar we konden hem niet meteen thuisbrengen. Dat weerhield ons er niet van fijne gesprekken over Japan te hebben aan de toog van de Nanaban. (Liefhebbers van ramen, dit is uw eetgelegenheid: goedkoop, lekker en een echte Japanner achter het fornuis!)

De Nanaban is echter niet de meest geschikte plek om lang te blijven hangen na het eten. Daarvoor is het drankaanbod niet gevarieerd genoeg. 😉 Dus gingen we richting Leuven in de hoop een leeg tafeltje te vinden in de ViaVia (een reiscafé, als dat niet toepasselijk was). Het was er niet zo druk, we hadden geluk. We kozen een tafeltje bij het raam dat uitzag op de tuin en zetten ons gesprek verder.

We bekenden aan de reisgenoot dat we dachten hem van ergens te kennen, maar bij hem rinkelde er geen belletje. Gelukkig zijn er tools zoals iphones en facebook en na een korte blik op onze gemeenschappelijke vrienden viel mijn frank euro. Lang, lang geleden ontmoetten we de reisgenoot op de housewarming party van onze vriendin J. Hij had indruk op ons gemaakt met supertoffe verhalen over een zeilreis op de Middellandse Zee. Wij hadden duidelijk iets minder indruk gemaakt, want hij herkende ons niet. 😉

Toen dit mysterie opgehelderd was, bleek dat aan het tafeltje naast ons een ex-collega van mij zat die ongeveer een half jaar geleden ons bedrijf verliet omdat haar tijdelijk contract ten einde was. Geruild van plaats en grondig bijgepraat over haar huidige job, die jammer genoeg minder goed meeviel dan verhoopt. Tja, het zijn niet overal zulke toffe collega’s, he. 😉

Enfin, dat de wereld klein is, bleek maar eens te meer. Maar nu kan je ook gewoon online opzoeken hoe klein…

Vriendschap

Ik schiet tekort. Er zijn te weinig uren in een dag, te weinig dagen in een week, te weinig weken in een jaar. Mijn agenda maakt dat ik al blij mag zijn als ik mijn vrienden vier keer per jaar zie. En dat is gewoon te weinig. Hoe kan je een goede vriendin zijn als je enkel de oppervlakkigheden van Facebook te zien krijgt? Hoe weet je wat je vrienden echt bezig houdt? Waar ze ‘s nachts van wakker liggen?

De voorbije weken werd ik er twee keer pijnlijk mee geconfronteerd hoe moeilijk het is de banden strak te houden. Twee lunchafspraken leerden me over de besognes over de kinderen van ene en de gezondheidsproblemen van de andere. Zorgen die ik uiteraard niet kon wegnemen, maar waarvoor ik graag een luisterend oor wilde bieden. Toch voelde ik me een tweederangsluisteraar. Iemand die je wel je problemen wilt vertellen, maar niet de eerste persoon naar wie je belt als je problemen hebt. Ik wil graag van mezelf denken dat ik er ben voor mijn vrienden. Maar is dat wel zo? Kunnen ze bij mij terecht? Misschien zijn ze niet geneigd om met hun problemen naar mij te komen, omdat ze weten dat onze agenda zo vol zit? Maar ben ik dan nog wel een goed vriendin? En verwateren vroegere hechte vriendschappen niet stilletjesaan tot gewoon gezellig samenzijn met kennissen?

Ik schiet tekort.

Een vergelijkende studie leert dat de meeste westerlingen niet zo’n fan zijn van mochi. De vier dozen die we kochten op de luchthaven van Tokyo (eentje voor de familie, eentje voor de Spaanse les en twee voor mijn collega’s), werden op z’n zachtst gezegd op gemengde gevoelens onthaald. De chocolade versie bleek het meest gewaardeerd te worden. De mierzoete versie met de fruitsmaakjes was duidelijk niet echt in trek (als ik eerlijk moet zijn, ook bij mezelf niet). De klassiekers met smaken als groene thee, sesam en rode bonen werden meer geapprecieerd dan ik verwacht had.

Moraal van het verhaal: volgende keer all the way voor de klassieke smaken gaan. Yab leert de Belgen mochi eten! 😉

Grappig kerkvoorval

Tijdens de beslist saaie doopviering (het was een doop van vier kindjes tegelijkertijd met geen enkele mogelijkheid om een persoonlijk toets aan de viering te geven, zelfs de misboekjes waren gerecycleerd) hield ik me wat bezig met het entertainen van het petekindje van mijn vriend. Toen ik teken deed dat ze op mijn schoot mocht komen zitten, stond er opeens een ander meisje, dat bij één van de andere families hoorde, voor mijn neus die duidelijk ook aanspraak op mijn schoot maakte. Voor ik er goed en wel erg in had, zat het vreemd kind op mijn schoot, terwijl het petekindje van mijn vriend wat beteuterd naar dit tafereel stond te kijken. Hilariteit alom, natuurlijk. De familie van het kindje riep haar tevergeefs terug, maar het meisje nestelde zich goed op mijn schoot zonder aanstalten te maken om weg te gaan. Ik wist even niet goed wat te doen, ik wil natuurlijk geen kinderzieltjes kwetsen. Gelukkig stond de mama toen op om haar persoonlijk van mijn schoot te halen. Waarop het petekindje van mijn vriend triomfantelijk het meisje haar plek innam. Zelfs kleine meisjes van twee kunnen al dodelijke blikken werpen. 😉

Doopsel

Vandaag word ik verwacht op een doopsel. En ik zal daar eerlijk in zijn, ik heb al een tijd een probleem met dit gebruik en dat is er beslist niet op verminderd sinds ik mij heb laten schrappen uit de doopregisters. Maar goed, het is de keuze van de ouders om dit ritueel te laten uitvoeren en het kind zal er geen trauma aan overhouden. Op vraag wil ik zelfs best wel een stukje voorlezen in de kerk. Maar niet dit stukje:

Wanneer ik in het water ga, voel ik mij herboren, een nieuwe mens. Ik word een schepsel dat door mijn Schepper omhelsd wordt. (Allen even samen ertussen: Gezegend zij dit water). Water bron van eeuwig leven, teken van de heilige Geest, in wie wij allen gedoopt zijn.

Dat kon ik nu toch echt niet over mijn lippen krijgen. Dus heb ik vriendelijk bedankt en de eer aan mijn vriend gelaten, die daar allemaal iets minder principieel in is.

Dingen die ik niet lekker vind

Ik zeg vaak van mezelf dat ik alles lust, maar eigenlijk is dat een leugen. Er zijn best wel veel dingen die ik niet lekker vind. Dus bij deze, een lijstje.

Dingen die ik enkel zal eten of drinken als ik sterf van de honger of dorst:

  • koffie (in eender welke vorm, zelfs in chocolade en mokka-ijs wordt deze smaak niet door mij op prijs gesteld)
  • bier (tja, nooit leren drinken, zeker?)
  • ouzo en Ricard: anijssmaak, geen fan van
  • Martini: sorry, George
  • nougat: vies plakspul

Dingen die ik kan eten, maar waar ik absoluut geen fan van ben:

  • boter en margarine (nooit begrepen waarom mensen dat spul per sé op hun brood willen smeren)
  • cola, fanta, sprite: frisdranken in het algemeen
  • zuurtjes, beertjes, veters: van dat chemisch smakend spul bestaande uit kleurstoffen en suiker dat mensen kopen voordat ze naar de cinema gaan en dat zo heerlijk aan je tanden plakt
  • smoutebollen: enfin, ik kan die dingen wel eten, maar na twee happen ben ik ze al beu
  • doughnuts: waarschijnlijk omdat die dingen me te veel aan smoutebollen doen denken
  • hamburgers van MacDonalds, Quick en aanverwanten: ik heb een hekel aan die fluffy broodjes en verlepte sla; fast food is mijn ding niet
  • chorizo
  • nutella
  • rijstwafels: stinkboel
  • mayonaise
  • slagroom (met slagroomtaartjes doet u mij beslist geen plezier)

En dan heb ik waarschijnlijk nog een paar dingen over het hoofd gezien.

Overspoeld door een mail-tsunami

Zo voel ik me sinds mijn terugkeer uit Japan. Het ging vrij vlot om de meer dan 550 werkmails terug te brengen tot een dikke 200, maar nu schijn ik te blijven steken op zo’n 100 ongelezen mails. Er blijven dagelijks maar mails bijkomen en er wordt langs alle kanten aan mijn mouwen getrokken voor input alhier en vergaderingen aldaar. Ik heb het gevoel dat ik aan het verdrinken ben. Eigenlijk zou ik eens een weekend moeten doorwerken om voorgoed komaf te maken met die mailachterstand, maar dat conflicteert dan weer met mijn voornemen om in het weekend aan mijn achterstand Russisch (twee gemiste lessen) te knabbelen.

Ellep.