Genève – 3 november 2012

Hoe het eerste deel van onze dag verliep lees je hier.

‘s Middags hadden we afgesproken met onze vrienden in de Manor, zowat de Geneefse Inno. Uiteraard konden we het niet laten om op de afdeling met de kerstartikelen een kerstbal te kopen voor onze Belgische vriendin die kersballen uit de ganse wereld verzamelt. Plaats van afspraak was het restaurant van de Manor, een self-service restaurant met een bijzonder uitgebreid aanbod van voorgerechten, hoofdschotels tot desserts. Je kon er zelfs huisgemaakte smoothies krijgen. Maar druk, niet te doen. En als je niet goed weet aan welke toog wat te krijgen valt, dan loop je een beetje verloren in de massa. Gevolg: onze vrienden hadden hun lunch al ongeveer achter de kiezen toen wij aan hun tafeltje bijschoven met ons middagmaal. Het eten was lekker en naar Geneefse normen goedkoop, alleen was de omgeving te druk en te ongezellig voor mij. Maar wie snel wil lunchen om verder te shoppen, komt hier beslist aan zijn trekken.

We kochten in de Manor nog wat chocolade als souvenir, want Zwitsers zijn al even trots op hun chocolade als wij Belgen. Om ons een idee te geven van de rijkdom van de Geneefse inwoners namen onze vrienden ons mee naar één van de chicste shoppingcentra van de stad: de Globus. Wie op zoek is naar luxe, komt hier zeker aan zijn trekken. Ons schrikten de hoge prijskaartjes genoeg af om het bij kijken alleen te houden.

Vervolgens wandelden we naar het stadhuis in de Oude Stad, daterend uit de 15de eeuw. Het stadhuis zelf valt niet te bezoeken, maar de architectuur is wel de moeite. We wandelden de trappenhal langs de binnenplaats naar boven voor een paar fotootjes en bezochten daarna aan de overkant van de straat het staatsarchief dat toevallig net die dag een opendeurdag hield. Je kon er een tentoonstelling over de scouts bekijken (niet echt iets voor mij, jeugdbewegingen zijn mijn ding niet), gelukkig was er ook een kleine tentoonstelling met stukken uit privé-archieven die aan het staatsarchief werden overgedragen. Die laatste tentoonstelling sprak me heel wat meer aan: oude foto-albums, brieven en postkaarten boden een interessante blik op het leven enkele decennia geleden. We mochten alle tentoongestelde stukken doorbladeren op voorwaarde dat we van die witte rubberen handschoentjes aandeden. Gevolg: we hingen helemaal vol met talk toen we buiten kwamen.

Daarna brachten onze vrienden ons naar Maison Tavel, een historisch gebouw dat na een brand in de 14de eeuw heropgebouwd werd en in de loop der eeuwen drastische veranderingen onderging. Nu is er een museum in ondergebracht gewijd aan de geschiedenis van Genève. Genève begon als een Romeinse nederzetting gelegen aan de rand van het Romeinse rijk op een strategisch belangrijke plek. Hét topstuk van het museum is ongetwijfeld de maquette van Auguste Magnin, die maar liefst 18 jaar werkte aan zijn nostalgische maquette van het Genève uit de jaren 1850. De maquette dateert uit 1896 en meet 7,20 op 5,65m. Ze toont een Genève dat in 1850 nog volledig omringd werd door versterkte omwallingen. De omwallingen moesten plaats maken voor de uitbreiding en modernisering van de stad. Om het half uur of zo wordt een film vertoond over de maquette en de geschiedenis van Genève, de moeite om even op te wachten.

De rest van het museum bevat een allegaartje aan voorwerpen uit het dagelijkse leven en architecturale elementen. Zo is een deel van de oorspronkelijke decoratie van het huis er te bezichtigen en is er een kamer met alleen maar deuren. Op het gelijkvloers was een splinternieuwe animatie te bekijken waarbij via projectie op het reliëf van Genève de groei van de stad uit de doeken gedaan werd. Knap gedaan en qua techniek vergelijkbaar met de animatie die we in het In Flanders Field museum zagen.

We waren langer in Maison Tavel gebleven dan verwacht, want toen we buiten stapten was de avond al gevallen. We dronken een warme chocomelk en wandelden daarna nog wat rond in de smalle en sfeervol verlichte straatjes van de Oude Stad. Voor ons avondmaal belandden we in het gezellige Demi Lune Café. We hadden geluk dat er nog net plek voor vier mensen én een kinderwagen was. Ik had een heerlijke champignonragout. Na het avondmaal namen we afscheid van onze vrienden, want de baby had er duidelijk genoeg van.

Mijn vriend en ik eindigden de avond romantisch met z’n tweetjes in La Tour du Molard, een ronduit geweldige wijnbar in een prachtig historisch kader, waar ik een glas zoete rode dessertwijn dronk waar ik helemaal vrolijk van werd.

Genève – Mur des Réformateurs en Patek Philippe Museum – 3 november 2012

Onze derde zonnige ochtend in Genève begonnen we met een wandeling naar het Patek Philippe Museum, ons aangeraden door onze vrienden. Onderweg liepen we langs de Mur des Réformateurs in het Parc des Bastions. Dit indrukwekkende monument is gewijd aan de helden van de reformatie, met grote beelden van Johannes Calvijn, Guillaume Farel, Théodore de Bèze en John Knox. Door mijn katholieke opvoeding is ongeveer het enige wat ik van de reformatie weet dat Martin Luther zijn stellingen tegen aflaten aan een kerkdeur nagelde. En oja, vervolging, contrareformatie, beeldenstorm, vlucht van de intelligentsia uit de Zuidelijke Nederlanden naar de Noordelijke, zoiets. Genève was op een bepaald moment in de geschiedenis zowat het Rome van de protestanten en je kan er nu nog het Internationale Museum van de Reformatie bezoeken (wat wij niet deden).

Ik weet niet of ik het Patek Philippe Museum bezocht zou hebben als onze vrienden ons niet verzekerd hadden dat het de moeite was. Een museum enkel gewijd aan horloges klinkt een beetje saai. But boy, was I wrong. Wat een absoluut fantastisch museum! De pracht en praal van de horloges in de collectie van het Patek Philippe Museum was overdonderend. Grappig dat uiteindelijk geen van beide partners die de firma Patek Philippe in het leven riepen zelf Zwitsers waren. Antoni Patek was een Pool en Adrien Philippe een Fransman, maar dat doet geenszins afbreuk aan hun fabelachtige collectie.  Het ambacht der horlogemakers zorgde dat Zwitserse precisie een begrip werd en de Zwitserse horlogemerken zijn nog steeds gegeerd goed. Het straffe is dat er een simpele verklaring is voor het belang dat Zwitsers aan hun horloges hechten: protestanten mochten geen juwelen dragen, enkel een horloge was toegestaan. En zoals dat meestal gaat, werd er een creatieve manier bedacht om toch te pronken en groeiden de horloges uit tot juwelen met een wijzerplaat.

Het museum bevatte ook een ingenieuze collectie automatons. Kleine miniatuurkunstwerkjes met bewegende onderdelen. Zo was er een tafereeltje waarbij Mozes met zijn staf tegen de rots sloeg en er water uit vloeide. Of een koorddanser balancerend op een touw. Of een pistool waarbij, wanneer je de trekker overhaalde, een vogeltje uit de loop te voorschijn kwam waarvan bekje, kopje en vleugeltjes bewogen op de tonen van een melodietje. Of een bewegend oud vrouwtje met twee wandelstokken, of een slang of een muis of een … Via 3D-animaties werd aangetoond hoe de mechaniekjes werkten. Heel knap en indrukwekkend allemaal. Alleen jammer dat je geen foto’s mocht nemen (wat ik uiteraard stiekem toch deed met mijn iphone).

Enkele filmpjes om jullie een idee te geven, want het valt moeilijk in woorden te beschrijven:

Maar hét topstuk was toch wel de Patek Philippe Calibre 89, het meest gecompliceerde horloge ter wereld. Het kostte vijf jaar onderzoek en ontwikkeling en vier jaar handwerk om het horloge te fabriceren. Fenomenaal. Ik kan het niet anders beschrijven. De collectie was gewoon te groot en de details van de kunstwerkjes te verfijnd om volledig te kunnen absorberen. De herinnering aan al die pracht begint nu jammer genoeg al te vervagen.

Ik had er nog wel uren kunnen rondlopen, maar we moesten ‘s middags op tijd zijn voor onze afspraak met onze vrienden.

Kiss me

Een Zweedse film om verliefd op te worden, zo staat het op de website van het Holebifilmfestival en dat is niet gelogen. Ik denk dat ik een beetje verliefd ben geworden op de prachtige locaties (Zweden is so pretty!) en op het pakkende, levensechte verhaal. Kiss me is een pareltje dat de complexe relaties in een nieuw samengesteld gezin blootlegt. De acteurs vertolken de innerlijke tweestrijd prachtig. De relatie tussen de vader en zijn aan haar geaardheid twijfelende dochter vond ik schitterend. Je zag de pijn die moeilijke keuzes en gebroken beloften met zich meebrengen, weerspiegeld in de ogen van de hoofdrolspelers. Maar het is niet al kommer en kwel, uiteindelijk loont het altijd de moeite om te vechten voor wie je echt bent en voor wat je echt wil, zelfs al vallen er onderweg brokken. Er waren zelfs een paar momenten waarop ik luidop gelachen heb in de filmzaal en dat overkomt me niet zo vaak. Een knappe film die nog wel even zal blijven nazinderen.

Trailer WITH EVERY HEARTBEAT (Kyss mig) 2011 from LEBOX PRODUKTION on Vimeo.

Genève – 1 november 2012

Ok, ik geef toe dat Genève niet echt mijn lijstje met nog te bezoeken steden op deze wereldbol stond. De hoofdreden voor ons bezoekje was dan ook de geboorte van de dochter van twee vrienden die ik in de Russische les leerde kennen en die collega-ingenieurs van een ander jaartal bleken te zijn. Ik kende Genève enkele van de deeltjesversneller en van het Palais des Nations, het hoofdkwartier van de VN.

Maar kijk, het was een bijzonder aangename kennismaking met deze Zwitserse stad op een dik uurtje vliegen van Brussel. Voor mij was het pas de tweede keer in mijn leven dat ik voet zette op Zwitserse bodem, na een verblijf in mijn jonge jaren Maloja met de CM (yep, in het beroemde, onlangs verkochte Maloja Palace). We dropten onze bagage af in Hôtel bel’espérance en liepen van daar naar het Meer van Genève om meteen al één van de top tien attracties van ons lijstje te schrappen: le Jet d’Eau. We hadden geluk dat we vergezeld werden door een stralend herfstzonnetje waardoor we konden genieten van een prachtige dubbele regenboog. le Jet d’Eau spuit zo’n 500 liter water per seconde de lucht in aan een snelheid van 200 km per uur. 140 meter hoog is deze indrukwekkende waterstraal. Wij liepen door het watergordijn om dit man made wonder van alle kanten te bekijken.

Na deze verfrissende wandeling lunchten we in de Yo’Mo Lounge. Genève is beslist niet de goedkoopste stad om op restaurant te gaan, maar als je een dagmenu neemt, valt de prijs nog wel meer. We aten kip parmentier en als dessert een werkelijk verrukkelijke sabayon. Ik eet niet zo dikwijls sabayon, omdat ik weet dat het nogal een ongezond dessert is, maar verdorie, het smaakte.

Na het middagmaal had de zon zich verstopt achter de wolken en was het blauw vervangen door grijs, maar het zag er gelukkig niet naar uit dat het snel zou beginnen regenen. We besloten dus te voet naar onze volgende bestemming te gaan: le Palais des Nations. We staken het meer over via een brug en zetten onze weg voort langs de oevers. Uiteindelijk bleek dat de Googlemaps schatting wat aan de optimistische kant was, vooral toen bleek dat we nog een stuk verder moesten stappen om het visitors office te bereiken.

Na een nogal oppervlakkige check van het identiteitsbewijs van mijn vriend (mijn identiteitsbewijs hebben ze niet eens bekeken), kregen we een visitor pass en mochten we de heilige grond van de UN betreden. Maar eerst moesten we nog voorbij de kassa geraken die slechts door één tergend traag werkende jongedame werd bediend die duidelijk trots was op haar talenkennis, want ze probeerde elke bezoeker in zijn of haar moedertaal te begroeten. Bij ons deed ze een verdienstelijke poging in het Duits. Enfin, toen we eindelijk ons toegangsbewijs hadden, was onze groep al vertrokken. Gelukkig werden we door een andere jongedame snel naar de juiste groep geloodst.

We kregen een rondleiding van een gids met een piepstemmetje die vooral veel uitwijdde over de vele geschenken die de VN al ontvangen had. Al was niemand echt onder de indruk van het kokostapijt uit de Filippijnen. De nieuwe vleugel voltooid in de jaren ’70 vond ik ronduit lelijk, het neoclassicistische gedeelte uit de jaren dertig kon er naar mijn gevoel wel mee door. Al straalden de gangen een ronduit ongezellig en kil sfeertje uit, het was interessant om op de plek te staan waar de voormalige League of Nations jammerlijk gefaald heeft de tweede wereldoorlog te voorkomen. Het gebouw had wel een aantal indrukwekkende zalen, waarvan de Council Chamber met de indrukwekkende canvassen van José Maria Sert het meest tot de verbeelding sprak. Vooral omdat deze ruimte vaak gebruikt werd om vredesverdragen tot stand te brengen. Zo werden de onderhandelingen om de eerste golfoorlog te beëindigen hier gevoerd. Toen ik de ruimte binnen wandelde, wist ik meteen dat ik deze bombastische schilderstijl al eerder gezien had. En ja, het werk van José Maria Sert valt ook te aanschouwen (ik wilde eerst bewonderen schrijven, maar ik ben nog steeds geen fan van ‘s mans werk) in het Rockefeller Center. Al bij al vond ik de rondleiding wat tegen vallen. De gids was nogal kort in zijn uiteenzettingen en ik had het gevoel dat er veel meer te vertellen viel over deze toch wel historische plek.

Op de terugweg stopten we nog een bij de beroemde Broken Chair te fotograferen. De stoel symboliseert de strijd tegen landmijnen en clusterbommen. De stoel is maar liefst 12 meter hoog en verbeeldt op een treffende manier het leed dat door deze verschrikkelijke oorlogswapens wordt berokkend.

Op de terugweg naar het oude stadsgedeelte namen we toch maar de tram, want mijn voeten begonnen serieus zeer te doen van het lopen op hoge hakken. We hadden zin in een vieruurtje en stapten de eerste de beste patisserie binnen. En ik kan jullie verzekeren, die Zwitsers kunnen verdorie lekkere gebakjes maken. Zo mooi en verfijnd. Kleine kunstwerkjes om op te eten.

Na ons vieruurtje kuierden we door de smalle straten van de Oude Stad met de ene na de andere antiekzaak of kunstgalerij. Genève is duidelijk een stad voor rijke mensen. Dat zie je aan de prachtige etalages en de hoge prijzen. Genève is een geweldige stad voor wie van luxe houdt en genoeg geld heeft om het zich te permitteren. Wij hielden het bij window shopping. Ondertussen was de avond gevallen en belandden we op het plein met de kathedraal. Het laatste avondlicht zorgde samen met de grijzen wolkenlucht voor een bijzonder sfeertje. We waren nog net op tijd om snel een blik op het interieur van de kathedraal te werpen, maar we hadden niet genoeg tijd om alles grondig te bekijken, dus besloten we hier één van de volgende dagen terug te keren bij daglicht om de glasramen in hun volle glorie te kunnen aanschouwen.

We maakten een snelle tussenstop in het hotel om andere schoenen aan te doen en gingen op zoek naar een plek in de buurt om iets te eten. Keuze zat in de Oude Stad. We belandden in restaurant Le Syracuse, waar ze Zwitserse specialiteiten serveerden. We lieten ons gaan en kozen voor de kaasfondue met boleten. Zwaar, maar o zo lekker. Zo vaak komen we per slot van rekening niet in Zwitserland!

Daarna vonden we het welletjes en kropen we in bed om voldoende energie voor de volgende dag te hebben.

The hard life

  • Maandagavond: receptie na een prijsuitreiking die door mijn team georganiseerd werd.
  • Woensdag: receptie na een conferentie waaraan mijn team haar steentje had bijgedragen. Tot onze verbazing werd er volop schuimwijn geschonken op wat eigenlijk een alcoholvrije receptie had moeten zijn, maar hey, je hoorde niemand klagen.
  • Donderdag: receptie na een conferentie die door mijn team georganiseerd werd en die, het mag gezegd, een groot succes was. Niets dan positieve feedback gekregen. Heel trots op wat mijn medewerkers in zo korte tijd gerealiseerd hebben.
  • Vrijdag: receptie na een prijsuitreiking waarop ik gevraagd was om wat fotootjes te nemen.

Ja ja, ik heb een zwaar leven.

CERN – research, technology, collaboration, education

Vrijdag 2 november 2012 zal de geschiedenis ingaan als de dag waarop mijn vriend en ik voet zetten op het meest inspirerende wetenschappelijke complex ter wereld: CERN. We hadden enkele maanden op voorhand een rondleiding geboekt. Ik keek enorm uit naar dit bezoek aan CERN, de plek waar voor het eerst wetenschappelijk bewijs gevonden werd voor het bestaan van het Higgs bosondeeltje.

Wat een bezoek aan CERN onvergetelijk maakt, is de wetenschap dat honderd meter onder jouw voeten geschiedenis geschreven werd en wordt. Elke dag vinden er massa’s botsingen tussen elementaire deeltjes plaats. Slechts enkele van deze botsingen zijn interessant genoeg om door onderzoekers nader bekeken te worden. De data die geproduceerd wordt, is gigantisch en wordt eerst door computers gefilterd alvorens in de GRID gepompt te worden waar wetenschappers over de ganse wereld vrij toegang hebben tot de gegevens.

We werden op CERN rondgeleid door een wetenschapper die persoonlijk aan het ATLAS experiment had meegewerkt. ATLAS is een gigantische detector die op zoek gaat naar bijzondere deeltjes die vrijkomen bij de frontale botsing van protonen met een uitzonderlijk hoge energie. Om die hoge energetische toestand te bereiken, moeten de protonen versneld worden in de deeltjesversneller tot ze bijna de snelheid van het licht bereikt hebben. CERN heeft verschillende deeltjesversnellers die mekaar voeden. De grootste deeltjesversneller is de Large Hadron Collider waar het Higgs bosondeeltje ontdekt werd. De ATLAS detector moet bijzonder nauwkeurig meten, want die bijzondere deeltjes leven slechts een fractie van een microseconde. De wetenschapper die ons rondleidde vertelde enthousiast over het werk dat op CERN gedaan werd. En de vragen die in onze groep gesteld werden waren van erg hoog niveau, soms zelfs op het filosofische af.

Wat CERN nog meer inspirerend maakt, is de missie: vrede door wetenschappelijk onderzoek. De oprichters van CERN wilden meebouwen aan een betere wereld en hoe kan dit beter gerealiseerd worden dan door samen te werken om de materie waaruit onze wereld is opgebouwd beter te begrijpen? Door in de deeltjesversneller de omstandigheden vlak na de Big Bang te recreëren, krijgen de wetenschappers meer inzicht in de fundamenten waaruit alles wat wij kennen is opgebouwd. Hoe geweldig moet het zijn om daaraan te kunnen bijdragen?

De vondst van het Higgs boson deeltje is uiteraard een grote opsteker voor de wetenschappers op CERN, maar er blijven nog vele vragen onbeantwoord: wat is de mysterieuze dark matter? Waarom hieven materie en anti-materie elkaar niet op na de Big Bang, maar bleef er voldoende materie over om al de sterrenstelsels te creëren? Veel vragen waarop in CERN naar een antwoord gezocht wordt.

Wel grappig: de meeste informatieborden en multimediamateriaal, evenals onderstaand filmpje, waren nog niet aangepast aan de vondst van Higgs boson. Het zal nog wat tijd kosten om alles aangepast te krijgen.

Oja, volgend jaar wordt de Large Hadron Collider even stilgelegd voor onderhoud. Dan hoop ik nog eens terug te gaan om de deeltjesversneller met eigen ogen te aanschouwen, iets wat door de vrijgekomen straling niet mogelijk is wanneer de deeltjesversneller in werking is.

CERN

  • Research: Seeking and finding answers to questions about the Universe
  • Technology: Advancing the frontiers of technology
  • Collaborating: Bringing nations together through science
  • Education: Training the scientists of tomorrow

Verjaardagsweekend

Ik wil jullie even geruststellen, gelukkig heb ik niet alleen maar triestige dingen gedaan tijdens mijn verjaardagsweekend. Na het toch wel zwaarmoedige bezoek aan In Flanders Fields, werden de smaakpapillen verwend in Hostellerie St Nicolas. En omdat bij een uitgebreide meergangenmenu in een sterrenrestaurant nu eenmaal aangepaste wijnen hoorden, hadden we een kamer gereserveerd in Hotel Nicolas van dezelfde uitbaters, gelegen op een paar honderd meter van het restaurant. Een goed overbrugbare afstand, zelfs met wat wijn achter de kiezen.

Man, man, wat we daar allemaal te eten kregen. Het aperitief vergezeld van de eerste hapjes namen we in de bar, waar een gezellig open gasvuur brandde. Uiteraard koos ik voor de huischampagne, terwijl mijn vriend van de sherry proefde. Na enkele culinaire hoogstandjes (een English breakfast hapje, een hapje mossel friet, wie verzint het?), mochten we plaats nemen aan tafel alwaar de ontdekkingstocht werd verder gezet. Nu hebben mijn vriend en ik al enkele ster-restaurants aangedaan (nuja, verder dan één ster zijn we nooit geraakt), maar Hostellerie St Nicolas mag zich zonder schroom bij de beste restaurants die wij al bezocht hebben plaatsen, als het al niet het beste was. Alles was perfect: elk gerecht was een kunstwerk, de smaken waren harmonieus uitgebalanceerd, de wijnen fantastisch. En er waren maar liefst drie voorgerechtjes met Sint-Jacobsvrucht! Alleen die toefjes koffie bij het derde dessert vond ik niet lekker, maar daar at ik vakkundig rond.

Enfin, de foto’s spreken voor zich. Ik laat jullie meegenieten:

Appetizers

Appetizer Met Pompoen en Paddenstoel

Hapje English Breakfast

Hapje van Mosselen met Frieten

Kalfs Tartaar Met Ganzelever

Sint-Jacobsvrucht met Angus Beef

Sint-Jacobsvrucht Met Gerookte Paling

Toast Met Sint-Jacobsvrucht En Tomaten

Zeebaars Met Pijlinktvis En Bouillabaise

Kalfszwezerik Met Risotto Van Oud Brugge Kaas En Eekhoorntjesbrood

Patrijs

Marshmellow Van Appel En Selder Met Groene Thee

Dessert Met Witte Chocolade, Veenbessen En Mandarijntjes

Dessert Met Banaan, Chocolade En Koffie

En de dag nadien werd het genieten gewoon verder gezet aan de ontbijttafel met Het Beste Ontbijt Ever! Wat een verwennerij!

In Flanders Fields

Dit weekend brachten mijn vriend en ik door in Ieper om mijn verjaardag te vieren. Sinds de heropening stond een bezoek aan het vernieuwde In Flanders Fields museum hoog op mijn lijstje. Ik had al veel goeds gehoord over de nieuwe multimediale opstelling en was erg benieuwd. Toegegeven, een bezoek aan een museum dat de gruwelijkheden van de eerste wereldoorlog in beeld brengt, vrolijk wordt een mens daar niet van. Maar ik vind het bijzonder belangrijk om dit stuk van onze geschiedenis in de herinnering levend te houden. Een conflict waarbij mensen uit vijf continenten en van meer dan vijftig verschillende landen en culturen vochten op een paar kilometers grond in Vlaanderen, dat mag nooit vergeten worden. Zo’n bezoek helpt me ook de dagdagelijkse beslommeringen te relativeren en te beseffen hoe ongelooflijk fantastisch het leven in vredestijd is, ondanks de tegenslagen die bij het leven zelf horen.

Ik was bij mijn vorige bezoek al erg onder de indruk van het museum en had dan ook hoge verwachtingen van de vernieuwde inrichting. Die verwachtingen werden ten dele ingelost. De opstelling was erg creatief, maar de eerste defecten aan de multimediale toepassingen waren al een feit: een groot aantal touchscreens had er al de brui aan gegeven. En eerlijk, ik was een beetje teleurgesteld in de extra mogelijkheden die de “poppy” armband bood. Wellicht had ik te veel verwacht, maar ik vond dat er mij relatief weinig gepersonaliseerde informatie werd voorgeschoteld, ondanks de initiële belofte dat men met mijn persoonlijke gegevens rekening zou houden. De meerwaarde van de armband vond ik erg beperkt, ik zou evenzeer van het museum genoten hebben zonder.

Wat ik wel prachtig vond waren de persoonlijke verhalen die door gefilmde acteurs in historische kledij gebracht werden. Chilling. Ook de interactieve luchtfoto’s waarbij je de mogelijkheid had het huidige landschap van de Westhoek te vergelijken met luchtfoto’s genomen tijdens de oorlog was erg interessant. De oorlog heeft blijvende littekens in het landschap achtergelaten. En de simulatie van de frontlinie in de vier jaar durende oorlog geprojecteerd op de geografie van de Westhoek was fenomenaal: je ziet de troepenbewegingen ten opzichte van mekaar, vechtend voor een paar meter land. In het algemeen genomen vond ik de opstelling veel moderner dan vroeger en erg knap in beeld gebracht. Eén ding vond ik wel spijtig: van de vorige opstelling herinnerde ik met een gedeelte dat heel pakkend het leven in de loopgraven weergaf, dat aspect van de oorlog kreeg in de nieuwe opstelling naar mijn aanvoelen minder aandacht.

Een bezoek aan het vernieuwde museum is alleszins zeker de museum waard. Hopelijk pakt men het probleem met de touchscreens snel aan.

Een goed begin van het weekend

De collega’s op het werk getrakteerd met pralines (noot: volgende keer voor meer witte pralines zorgen). ‘s Avonds een gezellige after-work drink met diezelfde collega’s en een paar oud-collega’s in de Churchill’s, alwaar we profiteerden van het happy hour. Tegen mijn gewoonte in een hamburger gegeten, maar eentje met een echt broodje (niet zo’n spons als bij McDonalds), echt gehakt en groentjes. Naar Leuven teruggekeerd en nog iets gedronken met mijn vriend en zijn ex-collega’s die zaten na te praten over een Bijzonder Belangrijke Vergadering die gelukkig goed gegaan is.

Een mooie start van het weekend!

Duurzaamheid

Deze middag op het werk een heel inspirerende uiteenzetting bijgewoond over transitienetwerken en duurzaamheid. En ja, ik kon me helemaal vinden in het pleidooi om meer lokaal voedsel te produceren, opnieuw rekening te houden met de seizoenen en aan de hand van kleine inspanningen ons energieverbruik terug te dringen. Onze elektriciteit nemen we al een tijdje af bij Ecopower en wonen op een appartementje is sowieso veel duurzamer dan in een alleenstaand huis. De auto blijft tijdens de week altijd op stal en voor onze verplaatsingen in Leuven gebruiken we de fiets of de benenwagen (je zou wel gek zijn om met de auto rond te rijden in de smalle straatjes van het centrum). Toch kan alles altijd beter, dus ga ik de komende dagen bekijken op welke manier we ons gedrag kunnen aanpassen. Beslissing nummer één: de pc zal voortaan niet meer dag en nacht draaien. De tijden dat ik ‘s ochtends ellenlange epistels moest bijlezen van wat er op IRC werd gezegd, liggen ondertussen toch al enkele jaren achter ons. En niets wat een IRC-proxy niet kan oplossen.