Weird

Twee fotootjes die ik op 23 februari in Brussel genomen heb met mijn Treo. Ik vond het zo’n raar schouwspel dat ik dit gewoon móest fotograferen, waarna ik natuurlijk prompt vergat dat die fotootjes nog op mijn Treo stonden. Ze zijn van ondermaatse kwaliteit, maar ik wilde ze toch graag met jullie delen.

Busy day

Druk, druk vandaag. Maar ik klaag niet. Het is fijn om als vanouds van hot naar haar te hollen. Van al dat binnenzitten en studeren raakt een mens een beetje afgestompt.

Mijn dag begon met een vergadering van twee uur. Daarna heb ik een fijne wandeling gemaakt tijdens mijn (altijd te korte) middagpauze om ‘s namiddags fris aan de volgende vergadering te kunnen beginnen beginnen.

Gelukkig had ik daarna betere vooruitzichten: de nieuwjaarsreceptie van onze geliefde outsourcer (ik ben zó gemakkelijk omkoopbaar met spijs en drank). De drank was ok, de hapjes waren een beetje verlept en de kip-op-een-stokje was bepaald taai. De locatie was daarentegen top: de hoogste verdieping van het Sheraton. Jammer dat het zo mistig was, want het uitzicht was werkelijk de moeite.

Er was niet zo heel veel volk op de receptie, maar genoeg interessant volk om mee te netwerken en om interessante nieuwe weetjes van te vernemen. Ik heb echt mijn best gedaan om zoveel mogelijk handjes te schudden. Je weet nooit wanneer mijn toepassing weer eens de geest geeft. ‘t Is altijd handig om iemand rechtstreeks aan te kunnen spreken voor een probleem.

Na de receptie en lichtelijk aangeschoten na een tikkeltje te veel schuimwijn, had ik afgesproken met mijn vriendje om in de Mediamarkt een wasmachine en een droogkast voor ons bijna-klaar-appartement te kopen. Op een recordtempo onze keuze gemaakt, zodat we nog mooi op tijd in Leuven waren voor mijn afspraak.

Alweer een vergadering, deze keer niet for work maar for pleasure. In samenwerking met een aantal studentenverenigingen gaan we een lezing over een IT-gerelateerd onderwerp organiseren en dit was de eerste brainstorm. Het is allemaal nog vaag, maar we hebben al een richtdatum vastgelegd. Handig als je sprekers moet contacteren. 😉 En we zijn her erover eens geraakt dat we beslist een receptie achteraf moeten organiseren. 😉

Anyway, een aangenaam gevulde dag.

Germknödel

Het onderbewustzijn is iets vreemds. Vannacht heb ik gedroomd dat ik samen met wat oud-studiegenootjes op uitstap was in Brussel. Nuja, Brussel, in mijn droom was ik er stellig van overtuigd dat de stad waarin wij ons bevonden, Brussel was, maar die stad leek in niets op Brussel.

In mijn droom gingen we ‘s middags iets eten in een groot restaurant (moest wel, want we waren met een bende van zeker dertig mensen). Bleek dat de uitbaatster van dit restaurant alleen maar Duits sprak. Jawel, Duits in Brussel! Die vrouw doet een hele uiteenzetting in het Duits over wat er op het menu staat. Helaas verstond niemand van de anderen ook maar een woord Duits. Dus haalde ik mijn beste vertaalkunsten boven en legde aan mijn disgenoten uit wat de keuzes waren.

De specialiteit van het huis was schnitzel. Het nieuwste gerecht op de kaart, volgens de uitbaatster, was germknödel. Dus ik uitleggen dat germknödel een soort dikke deegbal is met in het midden confituur, meestal overgoten met vanillesaus en daarover zwarte zaadjes gestrooid.

Geen idee uit welke krochten van mijn onderbewustzijn die germknödel plotseling opgedoken is, maar ik denk dat het al meer dan tien jaar geleden is dat ik nog eens germknödel gegeten heb. Dat moet op skireis geweest zijn in Oostenrijk met mijn toenmalige beste vriendin. Ha, sweet memories.

Spilliaert

Twee dagen geleden heb ik een bezoekje gebracht aan de Léon Spilliaert-tentoonstelling in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België. Ik was niet echt bekend met zijn werk, zodat ik de tentoonstelling zonder vooroordelen heb kunnen bekijken.

Ik moet zeggen dat ik aangenaam verrast was. Vooral zijn marines en zelfportretten in Oost-Indische inkt konden mij bekoren. Ook Vertigo staat hoog op mijn lijstje favoriete werken van Spilliaert. Geen originele keuze, waarschijnlijk, maar ik hou van de eenvoud en de kracht van dit werk. Al heeft het ook iets deprimerends.

Typerend voor Spilliaert is dat hij zijn beste werken gemaakt heeft toen hij nog jong was. Jong, ongelukkig in de liefde en lijdend aan allerlei lichamelijke kwalen. Na zijn huwelijk en de geboorte van zijn dochter werden zijn werken opeens een pak vrolijker en ook een pak minder interessant. Zou er dan toch waarheid schuilen in het gezegde dat een kunstenaar lijden moet?