Opnieuw…

Gisteren kreeg ik van mijn collega het bericht dat ik verwachtte, maar waarvan ik tegen beter weten in hoopte dat het niet zou komen: de baby van mijn collega is geboren en tegelijkertijd gestorven. Het scenario komt me ondertussen al veel te bekend voor. Toepassing van embryoselectie om een erfelijke aandoening uit te sluiten, na een veel te lange lijdensweg eindelijk zwanger, de ouders dolgelukkig en dan, door een gruwelijke speling van het lot blijkt de baby een andere afwijking te hebben dan de erfelijke afwijking waarop geselecteerd werd. Bij elk berichtje dat ik kreeg van mijn collega, zag ik de kansen op een goede afloop slinken. En toch blijf je hopen, hopen dat de testen verkeerd zijn, dat de baby wel nog eens kans heeft, dat misschien de afwijking nog meevalt, dat de ouders die éne verschrikkelijke keuze niet moeten maken. Helaas, het mocht niet zijn.

Hoe verschrikkelijk moet het zijn om mama te worden en geen baby mee naar thuis te kunnen nemen? Ik ben er oprecht niet goed van.

Contrast

Gisterennamiddag ben ik samen met twee andere collega’s een zieke collega gaan bezoeken. Sinds januari zit hij op doktersbevel thuis: kanker. Hij zag er erg goed uit, maakte grapjes en leek me erg optimistisch. Op het uiterlijk afgaand, zou je niet zeggen dat hij ziek was. Zijn vriendin liet echter duidelijk doorschemeren dat er al veel moeilijke momenten geweest waren. Momenten waarin ze steun bij elkaar gevonden hadden.

Het kankergezwel was ondertussen verwijderd, maar de wonde was nog niet genezen. Vandaag was het een belangrijke dag. De dokters zouden de knoop doorhakken of hij al dan niet bestraald moest worden. Alles zou afhangen van de resultaten van de PSA-test. We beloofden voor hem te duimen. Toen we vertrokken, bedankte hij ons voor onze komst. Ik voelde me gelukkig omdat we even voor afleiding hadden kunnen zorgen.

‘s Avonds sprongen mijn vriend en ik binnen bij een hoogzwangere vriendin. De baby is uitgerekend voor vandaag, 16 april. Doel van ons bezoekje: cursussen terugbrengen die opgedoken waren tijdens de kortstondige lenteschoonmaak. Mijn vriendin zag er rond en gezond uit, maar vooral ongeduldig. Ongeduldig omdat die baby nu eindelijk wel eens mag komen. De kinderen van haar man waren er ook. Er zat duidelijk veel energie in hun lijfjes, want ze stopten niet met giechelen en heen en weer lopen. Mijn vriendin zuchtte eens en wreef over haar buik. We bleven niet te lang. Zwangere vrouwen die op bevallen staan, kunnen alle rust gebruiken.

Vandaag kreeg ik nieuws van mijn zieke collega. De PSA-test was niet goed geweest. Hij zal bestraling krijgen. Vreugde en verdriet, het ligt vaak dicht bij mekaar.

Geweldig nieuws!

Ik kreeg vandaag een mailtje dat me superblij maakte. Het koppel waarvan we wisten dat ze al een tijdje probeerden zwanger te worden en die ondertussen al drie miskramen achter de rug hadden, zijn opnieuw zwanger! Ditmaal is de kaap van de drie maanden gerond, de gevaarlijkste periode is voorbij. Natuurlijk kan er na die drie maanden nog vanalles misgaan, maar het is de eerste keer dat de zwangerschap langer dan drie maanden duurt.

We duimen heel hard dat alles goed blijft gaan.

Vruchtbaarheid

De lijst met zwangerschappen in onze vriendenkring wordt langer en langer. Het lijkt wel alsof de voortplantingsdrang iedereen in de ban heeft. Jammer genoeg hoor ik ook steeds meer verhalen over miskramen, buitenbaarmoederlijke zwangerschappen, cysten op eileiders en andere problemen. Ik probeer een luisterend oor te bieden, maar weet soms niet goed hoe te reageren. Zelf heb ik totaal geen voortplantingsdrang en ik vrees dat ik de neiging heb, het allemaal wat te rationaliseren. 

Voor vrouwen beneden de vijfendertig jaar is de kans dat een zwangerschap in een miskraam eindigt, ongeveer 1 op 10. Dat is vrij hoog. En waarschijnlijk zijn er veel vrouwen die niet over hun miskraam praten. Ik weet dat een miskraam iets natuurlijks is: het vrouwelijk lichaam heeft een reden om dit vruchtje af te stoten. Al durf ik dat meestal niet zeggen. Per slot van rekening vergt een miskraam een verwerkingsproces en is dat proces voor ieder mens anders. Dus hou ik het maar op het bieden van een luisterend oor. En stiekem ben ik blij dat dit soort zware ontgoochelingen mij bespaard worden.