Een hartverscheurend afscheid

Deze voormiddag reed ik samen met nog een aantal collega’s vanuit Leuven naar Sterrebeek voor de afscheidsviering van het zoontje van een collega, Émile, amper drie maanden oud. Zomaar gestopt met ademen in zijn draagzak op de buik van zijn vader. Stil uitgedoofd als een kaarsje. Een verdriet zo groot dat het niet te vatten is.

De viering was dan ook hartverscheurend triestig. Bij het binnen komen lieten we allemaal één bloem achter om zo samen een groot en kleurrijk boeket te maken. De ouders en hun twee jonge dochters namen plaats vooraan in de ruimte, vlakbij het veel te kleine witte kistje, met rondom hen vele vrienden en geliefden. De viering was prachtig, met mooie en persoonlijke teksten, fantastische live gezongen muziek en hoe hij het deed ik weet het niet, maar onze collega zong samen met iemand uit zijn koor een duet. Gelukkig had ik voldoende papieren zakdoekjes voorzien, want echt niemand hield het droog. De twee oudere zusjes werden actief betrokken bij de viering zodat ze ook afscheid konden nemen van hun broertje.

Op het einde van de viering mochten alle aanwezigen een zelfgemaakt papieren hartje plakken op het kistje, dat steeds kleurrijker werd. Ik koos voor een groen hart, als teken van hoop in de duisternis. De dame die de viering in goed banen leidde, had uitdrukkelijk gevraagd om na het achter laten van de hartjes, de zaal te verlaten en geen afscheid te nemen van de zwaar getroffen ouders. Wat ik volkomen begrijp.

De collega’s en ik bleven nog even bij elkaar staan op de parking, maar de woorden ontbraken ons. Wat zegt een mens op zo’n moment? Ik kan alleen maar hopen dat onze collega wat steun heeft kunnen putten uit onze aanwezigheid.

Eén van de liedjes in de viering:

Een hartverscheurend afscheid

Vrijdagvoormiddag vond het afscheid plaats van de echtgenoot van één van mijn collega’s. Ik kan me nog levendig het telefoontje van anderhalf jaar geleden herinneren, waarin mijn collega mij meedeelde dat er alvleesklierkanker was vastgesteld bij haar man. Op dat moment flitste meteen door mijn hoofd: dat is een doodvonnis. Alvleesklierkanker is een enorm agressieve vorm van kanker, die vaak pas in een later stadium wordt vastgesteld. De prognose was: nog zes maanden te leven. Haar man vocht als een leeuw, maar moest na achttien maanden de strijd staken. De ziekte had zijn lichaam overwonnen.

Op een voor mij veel te vroeg uur pikte een collega mij en een derde collega op aan de achterkant van het station van Leuven om samen naar de Ark in Geraardsbergen te rijden. We hadden meer dan voldoende tijd ingecalculeerd, niemand komt graag te laat op een begrafenis. Aan het station van Geraardsbergen pikten we nog een vierde collega uit Gent op. Uiteindelijk waren we zo’n veertig minuten te vroeg voor de afscheidsviering. Nog net genoeg tijd om snel een warme thee of koffie te drinken in Brasserie Grupello, een verrassend mooie en stijlvolle zaak niet ver van het station.

Bij de Ark aangekomen zetten we ons naast een collega die al aanwezig was op de laatste rij. En ja, de papieren zakdoekjes kwamen van pas. Wat een verschrikkelijk mooi en ontroerend afscheid. De hele viering was opgehangen aan het verhaal van de liefde tussen mijn collega en haar man. Een liefdesverhaal dat een moeizame start kende en op veel tegenstand kon rekenen. Want ja, ze waren allebei getrouwd met een ander toen ze verliefd op elkaar werden. Hij was haar baas en negentien jaar ouder. Ik kon me de schandaalsfeer die rond het begin van hun relatie hing levendig voorstellen. En het kwam door die nieuwe relatie ook effectief tot een breuk met zijn vroegere gezin. Maar kijk, hun keuze voor mekaar bleek de juiste. Ze bleven bij mekaar tot de dood hen (te vroeg) scheidde. Met een prachtig ontroerende brief nam de overledene zelf afscheid van zijn soulmate, zijn ‘Angel’. Intriest en hartverscheurend mooi. Een ode aan een grootse liefde.

Na de viering scheen opeens de zon. Onder een prachtig stralende blauwe hemel begeleidden de familie en vrienden de urne van de overledene naar zijn laatste rustplaats. Mijn collega’s en ik besloten niet mee te gaan naar de begraafplaats, maar te wachten tot de rouwenden terug waren om naar de koffietafel te gaan. Onze lieve collega had expliciet gevraagd of we aanwezig konden zijn op de koffietafel, want het is normaal niet mijn gewoonte om naar een koffietafel te gaan van een overledene die ik niet ken. Nu, ik weet dat mijn collega veel belang hecht aan dat soort zaken en op zulke momenten is samen zijn en troost bieden belangrijker dan een berg werk die op je wacht (ik had mijn laptop bij, dus ik had tijdens de rit naar Geraardsbergen gelukkig wat kunnen werken).

De dankbare knuffel die we kregen van onze collega sprak boekdelen. <3