Jobstudenten

Deze vakantie zijn er drie jobstudenten in mijn team gepasseerd. Ze hadden amper meer verschillend kunnen zijn.

De eerste was een donker meisje van Afrikaanse herkomst met lange nepnagels die amper een woord zei. Haar taak was het archief van ons team op orde te zetten en daarvoor hadden we speciaal een cockpit ingericht met al de dossiers die opgeschoond en geklasseerd moesten worden. In het begin heb ik moeite gedaan om een gesprek met haar aan te knopen en haar aan te moedigen eens een babbeltje te komen doen op de werkvloer. Ze vond het duidelijk niet nodig zich sociaal op te stellen en bleef liever in haar eentje tussen de dossiers zitten, alwaar ze ettelijke keren betrapt werd op slapen op de werkvloer. Tja, het leven van een student kan zwaar zijn, zeker?

De tweede was een rechtenstudente van Russische afkomst waarvan ik hoge verwachtingen had, want haar CV zag er veelbelovend uit. Helaas, een CV dat er op papier goed uit ziet, is nog geen garantie op een goede werkkracht. Ze had nochtans een interessante achtergrond: op haar twaalfde naar België verhuisd met haar gezin na in Rusland en Oekraïne gewoond te hebben. En van een rechtenstudente in het voorlaatste masterjaar verwacht ik toch een zekere nauwkeurigheid en daadkracht. Dat viel tegen. Sociaal was ze genoeg, maar werken was duidelijk niet haar sterkste punt.

Ze kwam ‘s ochtends systematisch te laat, zat voortdurend op haar smartphone naar Zalando te surfen (heb haar de volle dertig dagen nooit twee keer in dezelfde outfit gezien) en de kwaliteit van het werk dat ze afleverde was ondermaats. Helaas signaleerde mijn collega die haar moest opvolgen mij dit pas toen de maand er bijna op zat. Anders had ik de jobstudente kunnen aanspreken op haar ondermaatse prestaties. Voor amper twee dagen vond ik het de energie niet waard. Ze zal nog hard moeten veranderen om te kunnen meedraaien in internationale context, zoals haar droom is. Trouwens nog nooit iemand tegen gekomen die zo shopverslaafd was. Ofwel ging ze ‘s middags in Brussel winkelen (niet in de Nieuwstraat, want dat was niet exclusief genoeg) ofwel plaatste ze bestellingen op Zalando. Ze vertelde dat ze elke week (!) wel iets kocht op Zalando. En blijkbaar was het de papa die al die kleren betaalde. Russische maffia, ik zeg het jullie!

Derde keer, goeie keer. En dat geldt duidelijk ook voor jobstudenten. De laatste jobstudent die bij ons aan de slag is gegaan en zich momenteel vol overgave op onze archief heeft gestort, is duidelijk uit het juiste hout gesneden. Een slimme kerel van Turkse afkomst met een sterk Hollands accent doordat hij in Nederland is opgegroeid. Eindelijk een jobstudent die zich met enthousiasme van zijn job kwijt, werk ziet en zelf voorstellen formuleert. Mocht ik nog een vacature in mijn team hebben, ik zou hem zo een job aanbieden. En hij is nog knap om naar te kijken ook. 😉

Squash

Vanavond ben ik met ons vaste groepje gaan squashen. Dat was er in 2007 nog niet van gekomen met al dat gefeest en die examens en zo. Het squashen verliep voor allevier wat stroef. Wat niet verwonderlijk is na zo lang stilgezeten te hebben.

We hadden trouwens een interessant gesprek in de squashpauze. Het ging over het studentenleven en dat je dat na verloop van tijd toch wel wat beu wordt. “Er is een tijd voor alles,” formuleerde vriendin M het. Misschien heeft ze wel gelijk. Misschien heb ik het studentenleven nooit echt kunnen loslaten omdat ik na mijn eerste diploma op een flatje tussen de studenten ben blijven wonen en omdat ik, tja, nog steeds studeer. Het feit dat mijn vriend en ik geen plek voor onszelf hebben, zal daar ook wel wat mee te maken hebben.

Misschien heb ikzelf nog steeds heimwee naar het studentenleven omdat ik mijn draai in het werkleven niet goed gevonden heb en ik geen duidelijk toekomstperspectief voor mezelf heb uitgetekend. Ik wil alles en dan liefst nog tegelijk. Dat is niet mogelijk en het onmogelijke willen bereiken heeft nog nooit iemand gelukkig gemaakt. Dus moet ik stoppen met achteruitkijken en mijn blik proberen te fixeren op één vast punt voor mij.

Eerste doel: dit jaar mijn tweede diploma behalen. Ik ben niet zo goed bezig, dat besef ik. Ik heb een beetje last om mezelf te motiveren voor het studeren. Tweede doel: na het behalen van dat diploma eens heel hard en heel diep nadenken over waar ik mijn prioriteiten wil leggen.